Behandeling op afstand:
Voor de mensen die veraf wonen kan de behandeling starten na een telefonisch contact of een contact via webcam. Je kunt ook een filmpje van jezelf opsturen.

Boek over LTA Persoonlijke Ontwikkeling - theorie.

LTA Persoonlijke Ontwikkeling Liberty - Truth - Ability.
Diepgaande en blijvende verandering in persoonlijkheid, bekwaamheid, omstandigheden en gezondheid.

 
Hoofdstuk een
Inleiding
 
Dit boek handelt over de LTA methode, een therapeutische techniek die ontworpen werd door mij (Ingrid Holvoet). In dit boek maak je kennis met een radicaal nieuwe visie op de mens en op het mechanisme dat verantwoordelijk is voor karakter, gedrag, levensvisies, bekwaamheid, gebeurtenissen, omstandigheden en gezondheid
 
Er bestaat een onzichtbare wereld die nog niet door de wetenschap ontdekt werd. 
Deze wereld is zichtbaar voor mij. Ik bezit een buitenzintuiglijke gave waardoor ik een substantie kan waarnemen die zich in en rond mens en dier bevindt. Die substantie bestaat uit een lichte materie en uit energie. Ze is niet wat men ‘de aura’ noemt bij healingstechnieken. 
Deze substantie die zich in en rond een mens (en dier) bevindt is het onderbewustzijn.
 
De wetenschap is van mening dat de geaardheid van de mens, zijn talenten en intelligentie, en heel veel ziektes hun oorzaak vinden in de genen en de hersenen. 
Niets is minder waar. De wetenschap heeft het bij het verkeerde eind wat dit betreft.
De waarheid is dat de geaardheid van de mens, zijn bekwaamheid en de meeste ziektes hun oorzaak vinden in het onderbewustzijn dat zich in en rond een mens bevindt. Evenals de gebeurtenissen die zich voordoen en de omstandigheden waarin een mens leeft.
 
De kennis van het bestaan van dit onderbewustzijn en het kunnen ingrijpen erop is van het allerhoogste belang voor de wereld, voor de mensheid. Deze onzichtbare wereld van het onderbewustzijn heeft een immense impact op de mens. Deze wereld heeft een impact op de mens als geen andere tot nu toe ontdekte wereld of kennis.
 
Ik breng een theorie naar voren die nieuw is en radicaal anders is dan bestaande opvattingen. Het kan moeilijk zijn om deze theorie onmiddellijk te begrijpen of te aanvaarden. Ik kan echter zeer gemakkelijk de waarheid en de waarde van mijn theorie en van de LTA methode bewijzen.
 
Met de LTA therapie kunnen op diverse gebieden resultaten behaald worden waar we tot nu toe enkel konden van dromen. Met de LTA methode kunnen duizenden zaken veranderd worden waarvoor er tot nu toe geen oplossing bestaat. Indien de wetenschap de bereidheid zou hebben om mijn theorie op een objectieve manier te onderzoeken, zou de buitengewone waarde ervan voor de mensheid gemakkelijk aantoonbaar zijn.
 
In het onderbewustzijn bevindt zich onder meer informatie over scheikundige processen die zich in het lichaam en de hersenen afspelen. Er bevindt zich informatie over scheikundige processen die zich voordoen bij ziektes. Dergelijke informatie zou een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de uitbreiding van de kennis over het lichaam. 
Wat ikzelf kan waarnemen over deze scheikundige processen zegt mij niet veel omdat ik geen wetenschappelijke achtergrond heb, maar iemand die tegelijkertijd de LTA methode zou beheersen en over een wetenschappelijke achtergrond zou beschikken, zou toegang hebben tot een schat aan informatie over lichaamsprocessen.
 
LTA Persoonlijke Ontwikkeling is een paranormale therapeutische techniek bedoeld voor het ingrijpend verbeteren van de persoonlijkheid, de gezondheid, de bekwaamheid en omstandigheden. Het betreft een techniek waarmee kan ingegrepen worden op het onderbewustzijn, waardoor duizenden tot nu toe niet te veranderen zaken, kunnen veranderd worden. Indien de LTA therapie op grote schaal zou toegepast worden, zou de wereld over een middel beschikken om aan tal van ellendige toestanden waarvoor nu geen oplossing bestond, een einde te maken.
 
Een LTA therapeut is paranormaal begaafd en kan zaken waarnemen die met het blote oog niet zichtbaar zijn.  Hij behandelt zijn cliënten op een paranormale manier, hij behandelt zijn cliënten op afstand. D.w.z. dat de persoon die de behandeling ondergaat niet persoonlijk bij de therapeut aanwezig is tijdens de behandeling.
De LTA-therapeut kan dankzij zijn buitenzintuigelijke gaven het onderbewustzijn in en rond een mens waarnemen en erop ingrijpen op afstand.
 
Jammer genoeg beschikken de meeste mensen niet over paranormale gaven. De LTA-techniek kan echter de blokkade waardoor mensen geen buitenzintuiglijke gaven of paranormale waarnemingen hebben, opheffen.  
Elke persoon, wetenschapper, arts of psycholoog kan d.m.v. LTA Persoonlijke Ontwikkeling de gaven ontwikkelen waarmee hij het onzichtbare
onderbewustzijn zou kunnen waarnemen en zijn patiënten op afstand zou kunnen behandelen; en daarbij resultaten zou kunnen behalen, die tot dan toe niet mogelijk waren. Ik moet er echter onmiddellijk bij vermelden dat het een lange weg is – jammer genoeg – om dit te kunnen bereiken.
 
 
 
Hoofdstuk twee
De Belgische overheid, de farma-industrie en de sceptische bewegingen.anno 2009.
 
In de westerse wereld is er een beweging aan de gang die uitgaat van de farmaceutische industrie om alternatieve therapieën en nieuwe theorieën tegen te houden en te saboteren. In België, waar ik woon, is de farmaceutische industrie geïnfiltreerd in de overheid en de rechtbank, en heeft ze de media aan haar zijde. Zij beschikt over macht en geld en kan elke deur open krijgen die ze wil open krijgen. Zij streeft naar alleenheerschappij en wil andere therapeutische middelen en technieken terugdringen of uitschakelen. 
In België gebeuren er de grootste onrechtvaardigheden van overheidswege uit naar alternatieve therapeuten toe. In België werd een alternatieve therapeute tot drie maal toe door de rechtbank veroordeeld voor het toepassen van de bachbloesemtherapie. Zij heeft een gevangenisstraf van twee maand effectief en twee maand voorwaardelijk gekregen. Daarbovenop een boete van 5.000 euro en een verbeurdverklaring van vijf jaar inkomen (vijf jaar inkomen terugbetalen aan de Belgische staat). Een tweede therapeut die haar mensen doorstuurde, kreeg een gevangenisstraf van twee maand effectief en twee maand voorwaardelijk, en 5.000 euro boete.  Hoe is zoiets mogelijk in een democratische staat?

De farmaceutische industrie, met de steun van de overheid, opereert in samenwerking met sceptische bewegingen die systematisch alles wat alternatief, esoterisch of paranormaal is, bekladden en proberen te saboteren.
 
De sceptische beweging, die in België de naam SKEPP draagt, en deel uitmaakt van een internationale organisatie heeft tot doel alle alternatieve, esoterische en paranormale methodes of theorieën te saboteren. Zij wijken daarbij niet terug voor het toepassen van immorele strategieën. Zij maken o.a. gebruik van hun website, waarop zij mensen genadeloos belachelijk maken en belasteren. 
Als je de naam van een persoon of therapie die zij belasteren inbrengt in een zoekrobot op het internet verschijnt hun commentaar bij die naam bovenaan de lijst met websites. Het is de bedoeling van SKEPP dat een alternatief therapeut zijn werk zou verliezen of dat de geloofwaardigheid van een therapie zou gebroken worden. De term hiervoor is broodroof. Zij kunnen dit ongestraft doen. 
Zij krijgen een forum in bijna alle media, zowel in het Nederlands als het Frans (België is een tweetalig land). Bijna altijd als er een artikel verschijnt in een krant of magazine, of een uitzending is op radio of TV over alternatieve of paranormale methodes, verschijnt SKEPP eveneens ten tonele om de methode af te breken en te verklaren dat het om kwakzalverij gaat. 
SKEPP is een groepering van universiteitsprofessoren en wetenschappers. Een titel van professor maakt indruk bij mensen en hun woord wordt automatisch geloofd. 
Indien iemand een proces start tegen deze organisatie omwille van eerroof en laster, dan zal de rechtbank beslissen dat de sceptische beweging het recht heeft om ‘kritiek’ (lees:laster) te uiten op een therapie die onbewezen is. 
 
De sceptische beweging in België heeft, in samenwerking met de overheid, een misdadige poging ondernomen om mij en mijn LTA therapie uit te schakelen. 
Nochtans, wat ik gevonden heb is een van de belangrijkste ontdekkingen ooit gedaan. Mijn theorie en de therapie die ik ontworpen heb zijn van het allergrootste belang voor de wereld, voor de mensheid. Ik heb een buitengewoon belangrijke ontdekking gedaan met betrekking tot het onderbewustzijn en de oorzaak van gedrag, ziektes, allerlei ellende in de wereld. Ik beschik over een methode die kan ingrijpen op tot nu toe wanhopige toestanden. 
 
 
 
Hoofdstuk drie
Oproep om de LTA methode te bestuderen
 
Zoals ik al eerder aangehaald heb, heb ik een heel belangrijke ontdekking gedaan die van het grootste belang is voor de mensheid.
 
Ik doe hierbij een oproep aan wetenschappers en andere mensen in de wereld, om mijn theorie met een objectief oog te bekijken en ruimte te laten voor de mogelijkheid dat de werkelijkheid er wel eens anders zou kunnen uitzien dan wat de wetenschap momenteel gelooft. 
Ik kan gemakkelijk de buitengewone waarde en de waarheid van wat ik doe aantonen, als er een bereidheid is om te luisteren. Aan mensen die begaan zijn met het lot van de mensheid en de ellende in de wereld, en die zich in een positie bevinden om iets te kunnen doen, doe ik hierbij een oproep om mij te helpen om de LTA therapie naar buiten te krijgen en toegepast te krijgen.
 
LTA Persoonlijke Ontwikkeling is een paranormale methode en is daardoor niet onmiddellijk bereikbaar voor andere mensen. Je wordt zomaar niet vanzelf paranormaal begaafd, men kan de LTA techniek niet zomaar aanleren. Deze techniek kan desondanks doorgegeven worden aan andere mensen, maar het betreft een heel lange weg om de gaven waarover ik beschik te bekomen. Deze gaven kunnen uitsluitend bekomen worden door het jarenlang ondergaan van therapie om de gaven vrij te maken. 
Het moet echter mogelijk zijn om toestellen te ontwerpen die hetzelfde doen als wat ik met mijn gaven doe, namelijk het verbrijzelen van een lichte, onzichtbare materie die zich in en rond de mens bevindt waarbij onderdrukte energie bevrijd wordt. 
De materie en de energie tezamen vormen het onderbewustzijn in en rond de mens. De materie is negatief en de energie is positief. Verderop in dit boek wordt dit uitgebreid uitgelegd.
 
Indien de financiële middelen beschikbaar zouden zijn en er een bereidheid zou zijn vanuit de wetenschap om aandacht te schenken aan de LTA methode, dan moet het mogelijk zijn om de LTA therapie sneller te verspreiden en toegepast te krijgen.



Hoofdstuk vier
Gefilmde behandelingen

Om aan te tonen hoe een LTA afstandsbehandeling in zijn werk gaat en welke resultaten er kunnen behaald worden, stel ik gefilmde behandelingen voor op mijn website. Ik heb daartoe mensen gezocht die bereid waren hun verhaal en het verloop van de behandeling op het internet te tonen, in ruil voor gratis behandeling totdat alle problemen opgelost zijn. Een voorbeeld van zo een gefilmde behandeling is de behandeling van Jan Knegt wonende te Groningen in Nederland. 
 
Jan Knegt is student in de geneeskunde. Over een jaar is hij dokter. Hij is al wat ouder, hij is 46 jaar. Hij heeft tot nu toe als verpleger gewerkt, en is op latere leeftijd een opleiding tot arts gestart. Hij werkt in het weekend nog steeds als verpleger en combineert dit werk met een opleiding geneeskunde.
 
Jan had vanaf zijn zevende jaar last van eczeem. Hij had vanaf zijn veertiende last van acne. Hij leed 24 jaar lang aan een zeer ernstige vorm van chronische diarree. Hij was heel gevoelig voor darminfecties. Hij had een groot gebrek aan energie, voelde zich chronisch moe en uitgeblust. 
Hij was buitengewoon onzeker, zowel in de omgang met mensen als i.v.m. zijn prestaties. Hij was extreem onzeker en verkrampt in relaties met vrouwen.  
Jan had moeite met contacten leggen met mensen in het algemeen en in het bijzonder met vrouwen. Hij was zeer gespannen en verkrampt in contacten. 

Jan  voelde zich lelijk en dom en op diverse gebieden minderwaardig. Hij had een grote faalangst, een lage frustratiedrempel, depressieve klachten, plankenkoorts, hoofdpijn, chronische neusverkoudheid, kouwelijkheid, spanningen in schouders en rug, slaapmoeilijkheden, hevige buikkrampen, winderigheid, oprispingen, ondergewicht, uitslag in de liezen, gevoeligheid voor keelontstekingen en verkoudheden, seksuele problemen (voortijdige zaadlozing).   Jan kon moeilijk liefde voelen voor mensen.  Er waren nog tal van andere psychische klachten en er waren studiemoeilijkheden (concentratie, geheugenproblemen). Jan slaagde er ook niet in de juiste vrouw te vinden. Hij had nog geen vaste of langdurende relatie gehad in zijn leven.
 
Aangezien Jan geen baat vond bij de traditionele geneeskunde probeerde hij tal van alternatieve therapieën, en dit gedurende 20 jaar. Maar het mocht niet baten, de problemen bleven aanwezig.
 
Jan contacteerde mij met de boodschap dat hij geïnteresseerd was in een gratis gefilmde behandeling en dat hij er blij om was dat hij een therapie als de LTA therapie kon helpen promoten door zijn behandeling op het internet te tonen en te publiceren in mijn boek.
 
De behandeling met de LTA therapie is intussen drie jaar aan de gang. Er waren tientallen verschillende problemen bij de start van de behandeling. Alle problemen zijn intussen sterk verbeterd of volledig opgelost. Momenteel gaat het heel goed met Jan. Er waren thema’s die zeer snel veranderden en er waren thema’s die pas op langere termijn veranderden. Dit is zo bij elke behandeling.
 
Het is specifiek voor de LTA therapie en – voor zover ik het kan inschatten – uniek op wereldniveau, dat elk probleem (dat kan behandeld worden met de LTA therapie) altijd kan opgelost worden, indien er lang genoeg kan gewerkt worden. Dit is dan ook met deze behandeling van Jan Knegt aangetoond. 
 
 
Er zijn in grote lijnen de volgende resultaten behaald.
 
Van bij het begin van de behandeling kon Jan zich beter concentreren en was zijn geheugen verbeterd. In die mate dat hij een hoeveelheid leerstof kon verwerken in zes uur, waar hij daarvoor voor dezelfde hoeveelheid 10 uur nodig had. In de loop van de behandeling is zijn geheugen nog verbeterd. 
 
Jan kan zijn uiterlijk aanvaarden waar hij dat voorheen niet kon. Relaties met mensen verlopen op een meer ontspannen manier en contacten met mensen zijn vlotter. Jan heeft meer zelfvertrouwen in contacten met mensen. Hij voelt meer liefde voor mensen en kan beter appreciatie uiten. Jan kan heel anders met vrouwen omgaan. De relatie met zijn ouders is ingrijpend verbeterd. 
 
Jan staat sterker in allerlei situaties en heeft geen pijnlijke gevoelens of gevoelens van frustraties meer in moeilijke situaties. Jan staat sterker, gelukkiger en meer vastberaden in het leven. Hij is niet meer depressief. Hij kan genieten van iets en zich ontspannen. Hij is gelukkig met zichzelf op tal van gebieden, hij is tevreden over zichzelf, zijn capaciteiten en zijn prestaties. Hij heeft geen faalangst meer, zowel voor het afleggen van examens als voor het geven van een voordracht als voor het niet bezitten van genoeg kennis, als voor het omgaan met mensen in allerlei situaties. Jan kan op een vlotte manier een voordracht geven. Hij is verlost van allerlei angsten en schaamtegevoelens. 
 
Zijn slaapmoeilijkheden en vermoeidheidsklachten behoren tot het verleden. Alle lichamelijke klachten zijn verdwenen, Jan heeft nu een goede gezondheid.
 
Het houdt Jan niet meer bezig wat anderen van hem denken. Hij kan zich beter zijn gevoelens uiten. Hij voelt zich op zijn gemak in groepen. Hij kan beter voor zichzelf opkomen. Hij krijgt meer respect van anderen, hij krijgt complimentjes van anderen. Vrouwen zijn meer geïnteresseerd in hem. 
 
Hij heeft voor allerlei dingen geen tegenzin meer. Hij kan allerlei dingen beter organiseren, werkt efficiënter. Hij kan beter structuur aanbrengen in zijn denken, praten en schrijven. Hij kan zich beter uitdrukken. Hij is handiger geworden. 
 
Jan heeft nu een aangename relatie met een vrouw. Hij heeft geen last meer van een voortijdige zaadlozing en geniet meer van seks.
 
Jan heeft niet meer het gevoel dat zijn leven één groot gevecht is, dingen verlopen vlotter. Er zijn veel minder teleurstellingen en tegenslagen. Zij opleiding tot arts verloopt voorspoedig.
 
 
 
Hoofdstuk vijf
Ontstaan van de LTA-methode
 
Op een bepaald moment in mijn leven kwam ik in contact met alternatieve therapieën, voornamelijk regressietherapie. Ik was zeer geïnteresseerd om aan mezelf te werken en om te evolueren qua persoonlijkheid. Ik onderging regressietherapie, volgde opleidingen en startte een praktijk als zelfstandig therapeut. Maar algauw besefte ik dat met de aangeleerde technieken - regressie, rebirthing (een ademhalingstechniek die blokkades breekt) en hypnotherapie - niet echt veel dingen bij mensen kon veranderen. Kwam er b.v. een persoon in behandeling die van zijn pedofilie bevrijd wilde worden, dan kon je met die technieken wel in het verleden van iemand graven en enkele persoonlijkheidsveranderingen bekomen, maar verder dan dat geraakte je niet, de persoon bleef een pedofiel. Maar op zekere dag kon ik tijdens een therapiesessie ineens een veld rond mijn cliënt waarnemen. In dat veld voelde ik emoties en ideeën van die persoon en zag ik beelden.
 
In het domein van technieken voor persoonlijke ontwikkeling spreken we over ‘patronen’. Daarmee bedoelen we dan allerlei karaktereigenschappen of bepaalde karakteristieken van een mens. Zo noemen we b.v. de eigenschap 'te snel vitten op mensen en situaties' een patroon. 'Een gebrek aan concentratievermogen' is een ander patroon. 'Heel snel ontmoedigd zijn' is nog een ander patroon.
 
Als ik dus iemand voor mij had die niet succesvol was in zaken, dan kon ik het patroon: 'je kunt niet de juiste mensen aantrekken' rond iemand voelen hangen; of: 'je raakt in het begin wel van de grond, maar dan komen er barrières en uiteindelijk eindig je waar je begonnen bent'; of: 'er is geen succes'; of nog een ander patroon: 'je mag geen geld hebben'.
Als iemand eenzaam en alleen was, kon ik patronen voelen zoals: 'je bent alleen', 'je kunt geen liefde vinden', 'er is geen enkele vriend', 'in je leven is geen warmte', of het verschrikkelijke gevoel van 'eenzaamheid' zelf.
In het geval van claustrofobie voelde ik het patroon: 'de ruimte is benauwend, de muren zullen op je afkomen, je zult verpletterd worden, je moet hieruit', en de hevige angst en paniek die daarmee gepaard gingen.
Ik begreep dat die patronen de persoon stuurden. Iemand is b.v. egoïstisch omdat patronen hem of haar tot egoïsme dwingen en niet omdat hij of zij voor egoïsme kiest op basis van vrije wil. Patronen zoals: 'zorg voor jezelf', 'als jij het maar goed hebt, de anderen zijn niet belangrijk'.
 
Een ander woord voor 'patroon' zou 'programmering' kunnen zijn. Zo zal de programmering: 'je bent nerveus' ervoor zorgen dat iemand nerveus is. De programmering: 'je voelt je minder dan een ander' zal ertoe leiden dat iemand minderwaardigheidsgevoelens heeft tegenover anderen.
 
Ik besefte dat, als de persoon verlost kon worden van die programmeringen of patronen, gedragingen en voorvallen die buiten zijn controle om gebeurden, zouden kunnen veranderen.
Ik richtte mijn aandacht op wat ik voelde rond mensen en ik voelde iets breken, alsof er een soort materie stukging. Datgene wat eerst rond de persoon aanwezig was, verdween.
Diverse disciplines in het domein van persoonlijke ontwikkeling zoals bijvoorbeeld meditatie en regressie, spreken over een lagensysteem en het afpellen van die lagen. Met dit in gedachten zocht ik naar de diepere lagen van een bepaald thema. Door mijn aandacht erop te richten, kon ik ook die weer breken.
 
Ik begreep dat ik met deze techniek toegang had tot het onderbewustzijn van iemand en dat ik op die manier zaken kon veranderen waar ik met andere technieken niet in slaagde. Ik kon b.v. bij een pedofiel het patroon dat hem aanzette tot pedofilie verwijderen en hem van dat gedrag bevrijden. Ik kon op steeds diepere lagen werken en had toegang tot duizenden variaties van iemands patronen. De behandelde persoon voelde dat er veranderingen kwamen in zijn gedrag, denken, gevoelens, gezondheid en situaties.
Vanuit mijn opleiding als regressietherapeut was ik vertrouwd met reïncarnatie: het idee van opeenvolgende levens van een ziel in verschillende lichamen; de ziel die binnengaat in een lichaam, bij de dood dat lichaam verlaat en weer een nieuw lichaam binnengaat.
 
Als je deze techniek van steeds diepere lagen zoeken en verbrijzelen toepast, kom je vanzelf op beelden van voor dit leven. Je ziet gebeurtenissen van honderden of duizenden jaren geleden waar het patroon ook werkzaam was en dezelfde klachten veroorzaakte die zich nu voordoen. Als iemand zich nu minderwaardig voelt of uitgebuit wordt, dan zie je bij het afpellen van de diepere lagen voorvallen uit het verleden waarbij die persoon zich ook al minderwaardig voelde of evenzeer uitgebuit werd.
Daarna komen er beelden van voor het bestaan van onze planeet en zie je andere wezens dan de mens (je ziet gebeurtenissen van levens op andere planeten vóór de incarnatie op deze planeet). Als je nog verder graaft, kom je bij tijden van voor het bestaan van het heelal en als je steeds dieper blijft zoeken en de volgende lagen van hetzelfde patroon blijft breken, kom je uiteindelijk in tijden terecht die we moeten uitdrukken met machtsverheffingen. Zoals 10 tot de 15de macht of 1.000.000.000.000.000 jaar geleden of 10 tot de 150ste macht of ... jaar geleden enz. Hoe diep je ook geraakt, het patroon is altijd al op een diepere laag aanwezig en heeft in die lang vervlogen tijden dezelfde problemen veroorzaakt als nu. Totdat je aan de basis van het patroon komt. Dan vind je geen volgende lagen meer en is het probleem dat iemand had voorgoed verdwenen.
 
Op een zeker moment constateerde ik een aanwezigheid (of aanwezigheden) rond mij, iets dat ik waarnam in bepaalde vormen en kleuren. In de 'new age' zouden ze die aanwezigheden 'gidsen' of 'engelen' noemen. Maar voor mij is het idee dat er zielen rond ons zijn om ons te helpen en leiden onjuist. Ik had een tijd lang geen verklaring voor dit fenomeen, tot ik op een dag ineens wist dat wat zich rond mij bevond een deel van mezelf was. Ik noemde die dingen rond mij deelzielen.
Terwijl ik mensen behandelde met de nieuw ontdekte behandelingswijze, gebeurde het dat een deelziel rond mij als het ware een straal naar de cliënt zond. Of liever gezegd naar het patroon waarop ik mij op dat moment concentreerde. Die straal brak een laag van het patroon vóór mij.
 
Ik had toen nog nooit gehoord van behandeling op afstand, zoals sommige alternatieve methodes als healing en reiki en sommige mensen met paranormale vermogens toepassen. Behandeling op afstand wil zeggen dat een eerste persoon een positieve invloed probeert uit te oefenen op een tweede persoon door de toepassing van bepaalde technieken; en dat gebeurt terwijl de tweede persoon zich op een andere plaats bevindt. De tweede persoon kan gewoon doorgaan met zijn normale bezigheden en weet niet wanneer de behandeling op afstand gebeurt. Het komt erop neer dat iemand van op afstand contact maakt met het onderbewustzijn van iemand anders.
Een cliënte die een afspraak had voor een behandeling belde mij op zekere dag op met de boodschap dat ze niet kon komen door motorpech. Tijdens het telefoongesprek begon ze te praten over een probleem en automatisch kon ik het patroon voelen net alsof ze bij mij was. Ik kon het gewoon vóór mij waarnemen, mijn aandacht erop richten en voelen dat het brak. Dit was mijn eerste ervaring met op afstand werken. Daarna behandelde ik mensen nog uitsluitend op afstand, hun aanwezigheid tijdens het proces - patronen laag per laag afbreken - was niet langer nodig.
 
Inmiddels begon ik te experimenteren met de behandeling van meerdere personen tegelijk en meerdere patronen van één cliënt tegelijk. Ik kon gewoon mijn aandacht op diverse zaken tegelijk houden en ze tegelijk breken. Ik begon op afstand op meerdere mensen tegelijk te werken en op een zeker moment namen de deelzielen rond mij de controle over. Zij zetten de patronen (die uit materie bestaan) van de diverse cliënten op wie ik werkte naast elkaar op een rij, twee meter voor mij en anderhalve meter boven mij. Daarop stuurden ze een energie of straling naar de patronen, die daardoor verbrijzeld werden. Wanneer er een laag brak, zetten zij op die plaats automatisch de volgende diepere lagen. De techniek die ik later LTA zou noemen, was geboren.
 
Later ontdekte ik ook nog het bestaan van energieën. Wanneer ik patronen brak, voelde ik iets vrijkomen, een energie die een kwaliteit vertegenwoordigde. Als ik b.v. een patroon vernietigde als: 'ik zal dat niet kunnen', dan ervoer ik een energie die het gevoel: 'ik kan het, ik heb waarde' voorstelde. Als er een patroon brak als: 'niemand houdt van jou', dan werd er een energie bevrijd die: 'je kunt liefde vinden' inhield. Uit een patroon van 'armoede' kwam een energie vrij die verantwoordelijk was voor 'overvloed'.
Wanneer iemand de energie van overvloed rond zich heeft, dan zal er overvloed zijn. Is die energie onderdrukt door het patroon van armoede dat er bovenop zit, dan zal er armoede zijn. Elke positieve kwaliteit die we kunnen bedenken, wordt veroorzaakt door een energie en/of een deelziel die zich rond een persoon bevindt. Elke negatieve eigenschap wordt veroorzaakt door een patroon dat uit materie bestaat.
Een paranormale gave is het resultaat van specifieke energieën en deelzielen met die kwaliteit die zich vrij rond de persoon bevinden. Wanneer iemand niet buitenzintuiglijk begaafd is, dan zijn de energieën en deelzielen die verantwoordelijk zijn voor die gave onderdrukt door patronen. Buitenzintuiglijk waarnemen is voor iedereen bereikbaar als de nodige energieën en deelzielen bevrijd worden. Het paranormale heeft niets te maken met bovennatuurlijke zaken.
 
Energieën en deelzielen zijn in kleine hoeveelheden ook in de bovenste en volgende lagen van patronen onderdrukt, maar de grote hoeveelheden bevinden zich vooral op zeer diepe lagen en aan de basissen. Als we b.v. iemand succesvol willen maken, dan moeten de patronen die het succes blokkeren bijna volledig afgepeld worden, vooraleer we het grootste deel van de energieën en deelzielen kunnen bevrijden. Pas dan kan iemand succesvol worden.
Deelzielen hebben een bewustzijn, energieën niet. Energieën hebben kleuren en bestaan uit stipjes of een gloed. Deelzielen hebben kleuren en hebben diverse vormen.
Verder in het boek zijn voorbeelden van patronen, energieën en deelzielen opgenomen. Een ziel die vrij is van patronen, bestaat uit een kern omringd door miljoenen soorten energieën en miljoenen soorten deelzielen. In tegenstelling tot wat de wetenschap zegt, stelt LTA dat menselijk gedrag en talent verbonden zijn met de ziel en niet met de hersenen en de genen, en veroorzaakt worden door de patronen, energieën en deelzielen rond de persoon.
 
Wanneer ik nu op afstand werk, zet ik de patronen van diverse mensen vóór mij, naast elkaar (heel, heel ver voor mij en heel hoog). Ik geef een startbevel aan mijn deelzielen (ik denk gewoon dat ik wil beginnen). Mijn deelzielen verzamelen zich achter mij en produceren een straling naar de patronen van de verschillende mensen vóór mij, en die patronen breken. Ik kan niet alle lagen van een patroon ineens breken, maar begin te werken op hogere lagen en steeds dieper tot aan de basis van een patroon (dit over vele uren verspreid). Mijn deelzielen plaatsen de lagen die bereikbaar zijn vóór mij, breken die en zetten de volgende lagen vóór mij. Ik werk op een enorme diepte in het onderbewustzijn (zoals b.v. '10 tot de 1000ste macht' jaar geleden, deze diepte is specifiek voor de LTA-techniek). Per persoon op wie gewerkt wordt, worden tegelijkertijd veel verschillende patronen behandeld. Ik werk dus per persoon op diverse thema's tegelijk. Eigenlijk zijn het mijn deelzielen die in combinatie met de energieën de taak van het afpellen van de patronen op zich nemen.
 
Ik werk b.v. bij persoon A op dyslexie, bij persoon B op schuldgevoelens, bij persoon C op anorexia en bij andere personen op andere punten. Een laag van elk van de patronen - dyslexie, schuldgevoelens, anorexie enz. - staan naast elkaar voor mij. Bij persoon A worden niet alleen de dyslexie, maar ook diverse andere thema's behandeld. Deze worden in de diepte, achter het patroon dyslexie geplaatst. B.v. te weinig zelfvertrouwen, moeilijk kunnen beslissen, angst, te goedgelovig zijn, te veel praten, agressieve uitbarstingen, verdriet, concentratiestoornis, .... Achter het patroon 'schuldgevoelens' van persoon B staan in de diepte diverse andere patronen die ook behandeld worden. Enz.
 
 
 
Hoofdstuk zes
De filosofie van de LTA-methode
 
De eerste persoon die leven in een druppel water kon waarnemen met behulp van een zelfontworpen microscoop deed een hele ontdekking. Toen hij de anderen daarvan wou overtuigen, was de reactie: je moet wel gek zijn om te beweren dat er 'duizenden diertjes in één druppel water leven'. Deze onderzoeker had het voordeel dat hij het bewijs van zijn bewering heel snel kon leveren door anderen ook te laten kijken in de microscoop.
Net zoals de man van de microben breng ik in dit boek stellingen naar voren die volgens het bestaande denken eigenaardig klinken. Deze inzichten komen voort uit de waarneming van het onderbewustzijn (de patronen en energieën in en rond een persoon), zoals de voornoemde onderzoeker de diertjes kon zien. Iemand die net zoals ik de informatie in het onderbewustzijn zou kunnen voelen, zou tot dezelfde vaststellingen komen betreffende mijn beweringen. Net zoals de onderzoeker met de microscoop andere personen kon overtuigen omdat ze de aanwezigheid van leven in het water zelf konden vaststellen. Jammer genoeg kunnen anderen niet zomaar de patronen en energieën rond mensen waarnemen; ik kan dus moeilijk mijn stellingen op die manier bewijzen. Ik kan er andere mensen wel toe krijgen om onbewuste informatie waar te nemen, als ze voldoende therapie ondergaan. Want daardoor worden de blokkades die ervoor zorgen dat iemand het onderbewustzijn niet waarneemt, opgeheven. Iedere persoon die dit ooit bereikt, zal tot dezelfde conclusies komen als ik.
 
Volgens de opvattingen van LTA is de mens een ziel in een lichaam. Bij de dood verlaat de ziel het lichaam en incarneert ze in een ander lichaam. De ziel zit gevangen in een oneindige reïncarnatiecyclus waar ze niet kan uit geraken. In de diverse levens herhalen zich ongeveer dezelfde zaken onder invloed van de patronen. Het eeuwig reïncarneren heeft geen enkele zin en is iets wat buiten de vrije wil om gebeurt. De ziel bestaat eeuwig, zowel in het verleden als in de toekomst en is niet geschapen door een god. Er bestaat geen hogere kracht boven de mens en andere wezens in het heelal. Meerdere zielen incarneren tegelijk in hetzelfde lichaam. De incarnatie van de diverse zielen gebeurt vanaf de conceptie, door de maanden van de zwangerschap en de eerste levensmaanden heen. In de loop van het leven kunnen er nog zielen bijkomen die dikwijls een negatieve invloed uitoefenen.
 
De ziel (bij mens en dier) of het bewustzijn is omgeven door het onderbewustzijn dat zich in de vorm van materie, energieën en deelzielen rond de persoon bevindt. De materie noem ik 'het programma' of het negatieve onderbewustzijn (= de patronen). De energieën en de deelzielen zijn het positieve onderbewustzijn. Dit onderbewustzijn strekt zich zeer ver uit rond mensen en delen ervan kunnen zich bevinden tot buiten de omvang van onze planeet.
Het programma of de materie rond de ziel is kwaadaardig, en is de oorzaak van het negatieve gedrag van mensen en het lijden in de wereld. Het programma bevindt zich in en rond het lichaam.
Positief gedrag, succes, talent, intelligentie, juiste waarheid, gezondheid en alles wat
positief is in de wereld zijn het resultaat van de energieën en deelzielen. Iemand die b.v. de gave heeft om het standpunt van alle personen van een groep te begrijpen en te kunnen denken vanuit ieders gezichtspunt, handelt op basis van energieën. Iemand die de zaken alleen vanuit zijn eigen perspectief kan beschouwen, handelt vanuit een patroon.
 
Het programma rond de mens bestaat uit miljoenen diverse patronen die hun basis hebben in lang vervlogen tijden. Ze werden door de tijden heen verder opgebouwd, zodat elk patroon uit een enorme hoeveelheid lagen bestaat. De basis van de allerdiepste patronen is eeuwig geleden. De patronen manifesteren zich door de diverse levens heen en zorgen steeds opnieuw voor dezelfde problemen. Ze onderdrukken de vrije wil. De keuzes die we maken, ons denken en handelen gebeuren hoofdzakelijk vanuit de patronen en niet vanuit de vrije wil.
 
Voor elke negatieve karaktereigenschap of situatie zijn meerdere variaties van patronen verantwoordelijk. Indien een bepaald patroon niet aanwezig is in het onderbewustzijn, zal die negatieve eigenschap zich niet voordoen. Als iemand b.v. het patroon van wreedheid niet rond zich heeft, zal die persoon nooit wreed zijn, in geen enkele omstandigheid. Iemand bij wie het patroon van financiële tegenslagen of een bepaalde ziekte niet aanwezig is, zal nooit financiële tegenslagen ondervinden of nooit die ziekte krijgen. Als iemand het patroon van religieus fundamentalisme niet rond zich heeft, zal die overtuiging nooit aan bod komen. Een kind bij wie het patroon van slachtoffer worden van pedofilie niet aanwezig is, zal nooit in handen vallen van een pedofiel.
 
Het grootste deel van ons gedrag, de meeste situaties, veel ziektes, lage intelligentie, gebrek aan bepaalde talenten, religieuze overtuigingen, vele waarden en normen, onrecht, oorlogen, racisme ... worden gestuurd door het programma rond mensen. Alles wat positief is, de juiste waarheid, kennis en wetenschap worden gestuurd door de energieën en deelzielen. Van de miljoenen (of misschien miljarden) variaties van energieën en deelzielen die bij de vrije ziel horen, zijn slechts enkele duizenden variaties vrij. Wij zijn in ons mens-zijn uitermate onderdrukt en beperkt t.o.v. wat we zouden kunnen zijn als alle patronen vernietigd en alle energieën en deelzielen vrij zouden zijn. Overigens is een ziel die incarneert in het lichaam van een dier nog meer onderdrukt dan de ziel die incarneert in het lichaam van een mens.
 
Als ik zou proberen te verduidelijken hoe ik de materie van de patronen, de energieën en de deelzielen waarneem, zou ik dat op de volgende manier kunnen doen.
De materie van de patronen is iets wat ik als een heel licht waarneembare, grijze of gekleurde vorm waarneem, te vergelijken met een schaduw, een geestesverschijning, een waas.  Misschien zou een juiste term, ‘fijnstoffelijke materie’ kunnen zijn.   Eén bepaald patroon vormt geen aaneensluitend geheel. Het bestaat uit een verzameling van een groot aantal vormen die alle kleuren van de regenboog kunnen hebben (één kleur per vorm) en die zich allemaal op verschillende locaties bevinden, dichtbij of veraf van het lichaam.  Deze vormen zijn driedimensionaal en ze zijn rechthoekig, bolvorming, gegolfd …, allerlei.  Ze kunnen 10 cm doorsnede hebben, 20 cm, 50 cm, een meter, 10 meter of meer. 
Zo zou ik achter een persoon een licht rood ovaal kunnen waarnemen van een meter hoogte en 60 cm breedte.  En ik zou op het hoofd, en gedeeltelijk in het hoofd een lichte, gele, balkvormige vorm kunnen waarnemen.  En ik zou achter het rechteroor en gedeeltelijk in het oor een lichte, blauwe bol van 10 cm diameter kunnen waarnemen. Deze verschillende vormen, die zich op verschillende locaties bevinden, zouden bijvoorbeeld samen een deel van het patroon ‘verdriet’ bij iemand kunnen uitmaken. 
 
Meerdere vormen kunnen dezelfde locatie innemen.  Bij het vernietigen van een vorm – dat is wat we met de LTA methode doen – kan men later op dezelfde locatie een andere vorm waarnemen. 
Deze vormen hebben een inhoud, bijvoorbeeld een gevoel van minderwaardigheid, een houding van tirannie, een gevoel van dwang, of een concept, zoals ‘alles mislukt’, ‘je bent zonder liefde’.
 
Het positieve deel van het onderbewustzijn bestaat - zoals eerder vermeld - uit twee types: de energieën en de deelzielen, of een onbewuste en een bewuste soort.  Van beide soorten bestaan er miljoenen (misschien miljarden) variëteiten, tenminste, indien ze zouden vrij zijn.  De meerderheid van de energieën en deelzielen zitten gevangen onder de materie en hebben hun werking verloren.  De onbewuste soort neem ik waar als een verzameling van stipjes die samen een bepaalde omvang hebben, of ik neem ze waar als vormen zoals bij de materie.   Deze stipjes en vormen hebben diverse kleuren en er zijn kleinere en grotere afmetingen.  De energie manifesteert zich op een andere manier dan de vormen van de patronen.  Ik neem de energie eerder waar als een schijnsel, een gloed, ofwel zoals eerder vermeld als een geheel van stipjes.  Energieën staan voor kwaliteiten.  Een energie bevat, of is een kwaliteit, b.v. liefde, eerlijkheid, begrip voor anderen, uithoudingsvermogen.  De energieën zitten niet op een bepaalde locatie vast - zoals de vormen van de patronen - maar bevinden zich vrij rond de persoon, op kleinere of op grotere afstand.
 
De bewuste soort zijn de deelzielen.  Ze hebben ook allerlei kleuren (één kleur per deelziel), verschillende groottes en de meest diverse vormen.  Ze staan voor kwaliteiten - net zoals de energieën – maar daarnaast hebben ze ook een bewustzijn.  Ze kunnen acties nemen en redeneren zoals een mens.  Maar een deelziel is beperkt in haar functies: elke deelziel staat slechts voor één functie, zoals dat ook bij de energieën het geval is.  Als iemand bijvoorbeeld heel goed is in wiskunde kan dit wiskundig inzicht voortkomen uit een deelziel of een energie of uit een combinatie van beide. Zo kan iemand die goed is in wiskunde een deelziel hebben die de kennis ‘wiskunde’ in zich draagt.  Deze deelziel staat voor ‘wiskundig inzicht’ en voor niets anders.  Voor taalkundig inzicht heb je een andere energie of deelziel nodig.  De deelziel voor ‘wiskundig inzicht’ heeft alleen wiskundig inzicht en draagt geen liefde in zich, of uithoudingsvermogen, of taalkundig inzicht.  Daar zijn andere deelzielen voor.
Een deelziel kan iemand in zijn acties sturen.  Een deelziel kan gaan zoeken in de wereld naar iets wat iemand nodig heeft en kan de dingen zo sturen dat deze zaken op zijn of haar pad komen.  Een deelziel kan ook elke kwaliteit zoals ‘empathisch vermogen’, ‘eerlijkheid’ of wat dan ook inhouden. 
 
Ik veronderstel dat de ziel in haar oorspronkelijke toestand (eeuwig geleden) alleen bestond uit energie, zonder ook maar in één patroon gevangen te zitten. Dit zou je een goddelijke toestand kunnen noemen waarbij een ziel in staat is iets fenomenaals als een heelal te scheppen en te doen verdwijnen naar wens. Op de een of andere manier is de ziel verstrikt geraakt in de patronen die in de loop der tijden steeds verder opgebouwd werden.
 
Bij het steeds dieper afdalen in de diverse lagen van patronen, kunnen we vaststellen dat in de loop der tijden diverse soorten ruimtelijke samenhangen (zoals b.v. een heelal) ontstaan en weer verdwenen zijn. Binnen die structuren hebben de meest verscheiden soorten wezens bestaan. Het ontstaan van een ruimtelijke samenhang met wezens erin vervat en het daarna weer verdwijnen ervan is het resultaat van de patronen.
Een ziel die vrij is van patronen en die over alle energieën beschikt is naar mijn oordeel in staat een heelal te scheppen. Sinds het ontstaan van de patronen is er echter een verwrongen toestand ontstaan, waarbij de ruimtelijke structuren en de wezens die erin vervat zitten, ontstaan en verdwijnen op basis van patronen. Met als doel de ziel gevangen te zetten in materie (in een lichaam) en in eeuwige reïncarnatie.
 
LTA staat voor Liberty - Truth - Ability. Het betekent:
Bevrijd worden uit het programma; vrij worden in denken en handelen; denken en handelen op basis van de vrije wil (Liberty).
Over de juiste waarheid beschikken vanuit de energieën i.p.v. over de onjuiste waarden en normen ons opgedrongen vanuit de patronen (Truth).
De hoogst mogelijke bekwaamheid bereiken (Ability).
 
Een valse waarheid die het resultaat is van patronen luidt b.v. 'iemand die rijk is, heeft meer waarde dan een minder rijk iemand'. Een juiste waarheid die het resultaat is van energieën is b.v. 'alle mensen zijn gelijkwaardig'. Vooroordelen, bekrompenheid, leven volgens beperkende regeltjes en waarden die als de enige juiste gezien worden, religieuze overtuigingen zijn het resultaat van patronen en dus onjuiste waarheid. Ruimdenkendheid, het kunnen innemen van diverse standpunten en juiste inzichten over het bestaan van de mens (die we ooit zullen kennen als alle patronen verwijderd zijn), zijn het resultaat van energieën en bijgevolg juiste waarheid.
 
De bedoeling van LTA Persoonlijke Ontwikkeling is het vernietigen van de miljoenen patronen en het vrijmaken van de miljoenen energieën en deelzielen. We willen het programma of het onderbewustzijn dat zich in en rond een persoon bevindt, volledig afbreken en de persoon bevrijden uit de eeuwige reïncarnatiecyclus. Dat is iets wat een heel leven vergt (en meer dan dat). LTA Persoonlijke Ontwikkeling is geen systeem voor mensen die een oplossing zoeken voor slechts één of enkele klachten. Het is een techniek ontworpen voor degenen die willen bevrijd worden uit alle patronen en er hun hele leven willen aan werken om dat doel te bereiken.
 
In het vervolg zal ik gemakshalve, waar ik het heb over energieën en deelzielen, alleen het woord 'energieën' vermelden.
 
 
Hoofdstuk zeven
Categorieën van het programma (het negatieve deel van het onderbewustzijn)
 
Ik deel het programma op in vijf delen.
 
Het eerste deel betreft het gedrag, het karakter, de overtuigingen en de psychische problemen van mensen, kortom de persoonlijkheid. Iemand die nerveus van aard is, is het slachtoffer van een patroon (of programmering) van nervositeit. Als iemand rustig is, dan komt dit voort uit een energie van rust. Als iemand sadistisch is, vindt dat zijn oorsprong in een patroon van sadisme dat die persoon tot dat gedrag dwingt. Iemand die medelevend is, beschikt over de energie van medeleven. Iemand die blijk geeft van faalangst of een fobie, heeft een patroon van faalangst of angst voor ... Als iemand dwangmatig eet of drinkt, is er een patroon aanwezig dat de persoon dwingt tot eten of drinken. De persoon voelt een verplichting om te eten of te drinken en kan daar niet tegenop. Zodra we het patroon van verplicht eten of drinken verwijderen, zal het overdadige eten of drinken stoppen. Als iemand een dagelijkse tegenzin voelt om te gaan werken, dan komt dat gevoel van tegenzin voort uit een patroon. Zodra we het patroon van tegenzin breken, gaat de persoon met plezier werken. Heel veel normen en waarden, evenals vooroordelen zijn het resultaat van patronen. Iemand die denkt dat de waarde van personen afhankelijk is van de merkkledij die ze dragen of het diploma dat ze behaald hebben, denkt vanuit patronen. Iemand die een onvoorwaardelijke liefde voelt voor alle mensen, handelt vanuit energieën.
 
Ik bekijk elke eigenschap als iets aparts, gescheiden van de andere en apart geprogrammeerd in het onderbewustzijn. Als iemand onrustig is en ook bemoeizuchtig, concentratieproblemen heeft, piekerig van aard is, dingen gemakkelijk uitstelt, van 's morgens tot 's avonds de neiging heeft om te eten, zich niet op zijn gemak voelt in kleine ruimtes, dwanggedachten heeft, twijfelt bij het nemen van beslissingen, veel te goed is voor anderen, en zich ook nog minderwaardig voelt in het bijzijn van mensen die mooier, rijker of intelligenter zijn, dan zijn dat allemaal eigenschappen die los van elkaar staan en voortkomen uit aparte patronen zonder onderlinge samenhang.
Als iemand daarentegen zwaarlijvig is en daar een complex over heeft, dan is het evident dat die twee zaken verbonden zijn. Als een open, levendig kind mishandeld wordt en daardoor heel gesloten wordt, wordt het patroon van geslotenheid geactiveerd door de mishandeling en zijn die twee zaken aan elkaar gelinkt. Het is dan wel weer zo dat de mishandeling en de geslotenheid ontstaan omdat deze patronen zich in het onderbewustzijn bevinden. Een kind dat mishandeld wordt, maar waarbij er geen patroon van geslotenheid aanwezig is, zal niet gesloten worden. Een kind dat geen patroon in zich draagt om mishandeld te worden, zal nooit mishandeld worden.
 
Persoonlijkheidspatronen zijn het gemakkelijkst om te corrigeren. Dwang, verslavingen, egoïsme, egocentrisme, gierigheid, e.a. zijn moeilijker dan andere thema's.
 
 
Het tweede deel van het programma betreft negatieve situaties en ook situaties die wij als normaal beschouwen. Iemand die bijvoorbeeld een zelfstandige zaak uitbaat en 16 uur per dag werkt, kan dit als een normale situatie beschouwen. Maar was zoiets niet in het onderbewustzijn vastgelegd, dan zou die situatie niet aanwezig zijn. Wanneer we het patroon van die 16 uur per dag werken doorbreken, zal die situatie veranderen. Sommige mensen hebben voortdurend geluk in hun leven, wat wijst op de aanwezigheid van energieën en de afwezigheid van patronen. Bij anderen lijkt het alsof tegenslag hen achtervolgt. Dikwijls wordt de verantwoordelijkheid daarvoor bij de persoon zelf gelegd. Men denkt dat mensen bij wie het leven moeilijk verloopt, dat zelf veroorzaken of zelf zoeken. Het is echter het onderbewustzijn dat het verloop van iemands leven determineert. Enkel door het breken van de patronen kunnen we de situatie definitief verhelpen. Goede bedoelingen, positief denken of een leven lang vechten, zullen geen (blijvende) impact hebben. Het negatieve onderbewustzijn is sterker dan de vrije wil en wint.
 
Wanneer een kind gepest wordt op school staat dat los van zijn gedrag. Een andere leerling met hetzelfde gedrag wordt niet gepest. Het kind is slachtoffer van het patroon: 'je wordt gepest'. Leerlingen die pesten zijn dragers van het patroon 'je pest'. De patronen 'je wordt gepest' en 'je pest' activeren elkaar. Als we het patroon van gepest worden verwijderen, zal het pesten stoppen. Een kind dat het patroon om gepest te worden niet in zich draagt, zal niet gepest worden, ook al komt het in contact met medeleerlingen die normaal pesten. Kinderen die niemand pesten, hebben ook niet dat patroon in zich en zullen het nooit doen, ook al komen ze in contact met een kind dat het 'je wordt gepest'-patroon in zich draagt.
 
Een kind dat in de kinderjaren geen liefde van zijn ouders krijgt en mishandeld wordt, heeft patronen rond zich die inhouden: 'er is geen liefde', 'niemand kan van je houden', 'je wordt geslagen door je ouders', 'je krijgt niet voldoende voedsel', 'een ander voelt alleen maar weerstand voor jou', 'een ander is door jou geïrriteerd', 'je irriteert je ouders en je wordt verstoten', 'je vader is streng' .... De ouders hebben patronen zoals: 'je kunt van niemand houden', 'een kind moet onderdrukt worden', 'een kind is een last', 'een kind dat moeilijk doet moet je slaan', 'je kunt geen geduld voor een kind opbrengen', 'je kind irriteert je en je zult het verstoten', 'je bent streng voor je kind' ... Wanneer een tweede kind in hetzelfde gezin wel liefde krijgt, heeft het niet die patronen die de situatie van 'geen liefde krijgen' veroorzaken en heeft het wel energieën vrij rond zich om liefde te kunnen krijgen. Bij de ouders is er ook energie vrij om liefde te kunnen geven aan dat tweede kind. Was die energie van liefde niet aanwezig bij de ouders, dan zou de ziel van het tweede kind niet geïncarneerd zijn bij die ouders.
 
Situaties worden slechts in beperkte mate bepaald door de persoonlijkheid van een persoon, ze worden hoofdzakelijk veroorzaakt door specifieke patronen die de situaties sturen.
Als twee ondernemers b.v. een gelijkaardige zaak opstarten met dezelfde mogelijkheden en dezelfde innemende persoonlijkheid, dan kan bij de ene de zaak goed draaien en kan ze bij de andere failliet gaan. Als er patronen bij een persoon aanwezig zijn die dicteren dat de zaak niet succesvol zal zijn en dus de energieën onderdrukken die voor succes zorgen, zal de zaak niet succesvol zijn, hoe aangenaam of bekwaam iemand ook is.  Een ondernemer die een publiciteitscampagne voert en patronen in zich draagt van geen succes hebben, zal geen resultaten halen. Een ander die hetzelfde doet, maar energieën vrij heeft voor succes, zal hierdoor veel nieuwe klanten aantrekken. Het spreekt vanzelf dat de persoonlijkheid van iemand bij het besturen van een zaak ook een rol speelt. Als een verkoper onvriendelijk is, zal hij minder goed verkopen. Als een zaakvoerder zijn zaken slordig beheert, is het evident dat er financiële verliezen kunnen uit voortvloeien. Maar iemand kan ook onvriendelijk en slordig zijn en toch goede zaken doen. Een ondernemer die zijn klanten op een eerder brute wijze benaderd en toch de energieën vrij heeft van succes, zal meer verkopen dan iemand die heel beminnelijk is maar die geblokkeerd is om succes te bereiken.  Als een ondernemer onvriendelijk is wordt dat door een patroon bepaald die hem onvriendelijk doet zijn. Het feit dat zijn zaak niet draait wordt veroorzaakt door een totaal ander patroon, een patroon dat dicteert dat de zaak niet zal draaien. Het is dat patroon dat de doorslag geeft of de zaak al dan niet zal draaien en niet het patroon dat ervoor zorgt dat hij onvriendelijk is.
 
Wanneer iemand niet de juiste partner vindt, zijn er patronen in het onderbewustzijn die inhouden: 'er is geen liefde', 'je bent alleen', 'er is geen partner'. Natuurlijk kan een man die heel schuchter is en angst heeft om een vrouw te benaderen, ook alleen blijven. In dat geval kan de situatie veranderen door de schuchterheid op te lossen. Als er dan nog geen relatie komt, of als hij de verkeerde partners aantrekt, dan zitten er naast de patronen van schuchterheid ook nog patronen die de liefde belemmeren.
Bij iemand die faalt voor zijn examens, kan er een patroon aanwezig zijn dat zegt dat er geen diploma behaald mag worden, onafhankelijk van de mate van intelligentie van de persoon. Als we het patroon: 'geen diploma halen' breken, kan de student wel slagen.
 
In een situatie waar verschillende personen bij betrokken zijn, hebben alle betrokkenen eigen patronen voor hun aandeel in het geheel. Als een vrouw niet zwanger wordt (terwijl er geen lichamelijke oorzaken te vinden zijn), dan zit er zowel bij de man als bij de vrouw een patroon dat ervoor zorgt dat ze niet zwanger wordt. Als we dit patroon bij de vrouw verwijderen, dan zal het patroon bij de man meestal gedesactiveerd worden en zal de vrouw zwanger worden. Soms moeten we het patroon bij de man ook breken. Bij de vrouw luiden de patronen: 'je wordt niet zwanger', 'er zijn geen kinderen' etc. en bij de man: 'je vrouw wordt niet zwanger', 'je blijft kinderloos' etc. Als een vrouw pas zwanger wordt nadat er een kind geadopteerd is, dan zijn er zowel bij de vader als bij de moeder patronen aanwezig die ervoor zorgen dat er geen zwangerschap zal komen, tenzij na de adoptie van een kind.
Een vrouw die haar echtgenoot domineert, heeft het volgende patroon: 'je onderdrukt je man'. En hij is slachtoffer van het patroon: 'je wordt door je vrouw onderdrukt'. Een man die geen patronen heeft om onderworpen te worden, zal niet aangetrokken worden tot een vrouw die patronen heeft om te onderwerpen. Als een man geen patronen heeft om onderdrukt te worden toch trouwt met een vrouw die patronen heeft om te onderdrukken, dan zal de vrouw hem niet onderdrukken omdat het patroon door de man niet geactiveerd zal worden. Maar een andere partner die de patronen wel heeft, zal ze wel domineren. Patronen worden al dan niet geactiveerd in overeenstemming met de patronen van anderen.
 
Het is niet omdat we een patroon van een situatie (of wat dan ook) in iemands onderbewustzijn terugvinden, dat die situatie (of wat dan ook) zich zeker zal voordoen, want veel patronen zijn nooit actief. Ze bevinden zich wel rond de persoon, maar ze zijn in rust, ze oefenen geen invloed uit. Maar als een bepaalde situatie (of wat dan ook) zich voordoet, zullen we in dat geval altijd een patroon terugvinden dat het gegeven veroorzaakt.
 
Dikwijls is het voldoende om bij een van de betrokken partijen een patroon te verwijderen om een verandering in een situatie te bekomen, want dit desactiveert het patroon bij de andere betrokkenen. Deze laatsten kunnen echter soms zo hevig vastzitten in het patroon, dat de situatie onmogelijk kan veranderen door een patroon te verwijderen bij iemand anders. In een
situatie waar persoon A ondervindt dat zijn of haar partner niet luistert in gesprekken, is er bij persoon A een patroon actief dat de partner niet luistert. Bij de partner is er een patroon actief van niet luisteren naar anderen of naar persoon A. Om te kunnen luisteren naar een ander moet er een energie vrij zijn van 'belangstelling voor anderen', of 'kunnen luisteren naar anderen'. Is die energie totaal afwezig, dan zal de partner nog altijd niet luisteren, ook al is bij persoon A het patroon vernietigd dat de ander niet luistert. Maar toch zal de situatie veranderen voor persoon A (want het patroon dat de partner niet luistert is niet meer bij hem aanwezig), in die zin dat het hem niet meer raakt dat de partner niet luistert. Of hij kan een ander klankbord vinden, hij verlaat de partner die niet luistert, of het patroon van niet luisteren wordt bij de partner ook behandeld, waardoor die wel luistert.
 
Sommige situaties, vooral 'afwezigheid van geld en succes' en 'afwezigheid van liefde' vragen meer uren behandeling dan karakterpunten. Deze laatste zitten hoger in het onderbewustzijn opgeslagen, terwijl de basissen van patronen van sommige situaties (vooral i.v.m. geld en liefde) op veel diepere lagen zitten. De patronen i.v.m. geld en liefde bestaan uit een grotere hoeveelheid materie en vragen dus meer werk om af te pellen. Bovendien zijn er meer variaties van aanwezig dan bij persoonlijkheidskenmerken. De energieën die moeten vrijkomen om overvloed en liefde te bekomen, zitten vooral onderaan de patronen. Zodat een patroon bijna volledig afgebroken moet zijn voor grote hoeveelheden energieën kunnen worden bevrijd. Bij persoonlijkheidspunten hoeven we niet altijd energieën te bevrijden om een probleem te verhelpen. Bij angst b.v. is het voldoende om het patroon af te breken zonder dat er een energie moet vrijkomen opdat er geen angst meer zou zijn. Zodra er een stuk van het patroon angst vernietigd is, kan de klacht al verbeteren, ook al zitten er nog resten. Geld en liefde behoren tot de moeilijkste thema's die er zijn om te corrigeren.
 
 
Het derde deel van het programma betreft ziekten en lichamelijke klachten. Genetisch bepaalde aandoeningen, ziekten die het resultaat zijn van micro-organismen of een parasiet in het lichaam en lichamelijke letsels zijn met LTA niet te verhelpen. Het feit dat men in contact komt met micro-organismen of parasieten en daardoor ziek wordt en sterft, of een letsel oploopt, is wel te voorkomen, als het patroon dat die situaties veroorzaakt preventief verwijderd wordt.
 
Ik maak een onderscheid tussen enerzijds klachten die veroorzaakt worden doordat de materie van de meest uiteenlopende patronen (b.v. angst, jaloezie, armoede) zich in het lichaam en de organen bevindt (= blokkades). En anderzijds ziekten die voortkomen uit een patroon dat zich in en rond de persoon uitstrekt, en dat de scheikundige werking van het lichaam beïnvloedt.
Hoofdpijn b.v. komt dikwijls voort uit blokkades in het lichaam. Als er zich in het hoofd patronen van verdriet, wrok, tegenslag of wat dan ook bevinden, krijgt men hoofdpijn als die patronen geactiveerd worden. Constipatie, diarree, maagklachten, hartklachten, rugklachten, eelt op de voeten, druk, pijn of spanning en heel veel andere klachten komen dikwijls voort uit plaatselijke blokkades en zijn vaak heel gemakkelijk te verhelpen. We moeten alleen maar de materie van een patroon uit een lichaamsdeel verwijderen en het functioneert weer normaal, of de pijn die er was is verholpen. Dezelfde klachten kunnen echter ook voortkomen uit patronen die de ziekte dicteren, en die zich rond de persoon bevinden. In dat geval moeten er veel lagen afgepeld worden, wat veel meer uren behandeling vraagt dan in het eerste geval.
 
Wanneer men met acupunctuur resultaten behaalt, gaat het meestal om klachten die veroorzaakt worden door plaatselijke blokkades. Acupunctuur kan de materie die zich in het lichaam bevindt, breken met het naaldensysteem.
 
Ziekten zijn het resultaat van ingewikkelde patronen die de fysiologie van het lichaam verstoren. Die patronen bevatten tot in het kleinste detail alle stappen die zich in het lichaam voordoen om de ziekte te veroorzaken. Ze bevatten informatie van organen, klieren, cellen, hormonen, enzymen, allerlei stoffen ... en de werking ervan. Ziekten kunnen veel behandelingsuren vragen, omdat de veroorzakende patronen uit een grote hoeveelheid materie bestaan en dieper in het onderbewustzijn opgeslagen zitten.
 
Indien een arts de patronen van ziekten zou kunnen waarnemen, zou hij toegang hebben tot een schat aan informatie. Van elke ziekte kun je het patroon lezen en ontdekken wat er gebeurt in het lichaam tijdens het ziekteproces. In de patronen ligt ook zeer waardevolle kennis over de hersenen verborgen. Als medisch geschoolde mensen in staat zouden zijn de patronen af te lezen, zouden ze onmiddellijk meer inzicht krijgen in de ziekten waar ze weinig of geen informatie over hebben. Als onderzoekers uit de farmaceutische wereld toegang zouden hebben tot de informatie in de patronen, zouden ze sneller de juiste medicatie kunnen ontwerpen en belangrijke kosten voor onderzoek uitsparen. Ook bij het vormen van een diagnose zou het kunnen lezen van patronen bijzonder waardevol kunnen zijn. Een arts zou maar het onderbewustzijn van zijn patiënt hoeven af te scannen op zoek naar patronen verbonden met een symptoom, klacht of lichaamsdeel om ongelooflijk waardevolle informatie te bekomen.
Aangezien ikzelf geen medische vorming heb genoten, begrijp ik, terwijl ik op ziekten werk, niet alles van de inhoud van de patronen. Desondanks kan ik de patronen altijd terugvinden en breken, ook al is bepaalde ziekte mij compleet onbekend. Ik heb echter niet veel ervaring met ziekten, omdat ik meestal mensen in behandeling heb die aan hun persoonlijkheid willen schaven.
 
Psychoses zoals schizofrenie en bipolaire stoornis komen voort uit patronen en zijn met LTA te genezen, maar het vraagt wel een pak uren werk. Er zitten ook heel veel patronen aangaande kanker in het onderbewustzijn. Die kunnen in sommige of misschien wel veel gevallen van kanker zeker een rol spelen. Soms zijn er patronen aanwezig die ervoor zorgen dat de genetische code verandert waardoor de celdeling verandert. Hoogstwaarschijnlijk zijn er buiten die patronen ook andere factoren die kanker veroorzaken, maar met LTA kunnen we bij sommige kankers in elk geval een preventief effect uitoefenen.
 
Bij depressie zijn er twee verschillende typen. Een eerste type komt voort uit persoonlijkheidspatronen zoals ontmoediging, futloosheid, verdriet, het niet kunnen verwerken van verlies of tegenslag, minderwaardigheidsgevoelens, eenzaamheid e.a. Dit type is gemakkelijk te verhelpen, omdat in dit geval fysiologisch alles in orde is bij de depressieve persoon. Een tweede type wordt veroorzaakt door ziektepatronen die ervoor zorgen dat bepaalde stoffen niet in de juiste hoeveelheid in het lichaam aanwezig zijn. Dit type depressie vraagt meer uren behandeling om op te lossen. Ook bij slaapproblemen en vermoeidheid zijn er twee typen. Slaapproblemen kunnen verbonden zijn met zorgen hebben, te veel piekeren, te veel denken, verdriet, angst enz. of gewoon een patroon met de inhoud: 'je slaapt slecht', of: 'je wordt 's nachts wakker' enz. In deze gevallen kunnen soms de zwaarste slaapproblemen op korte tijd verholpen zijn. Maar slecht slapen kan ook het resultaat zijn van een patroon dat de normale scheikundige processen die de slaap opwekken en in stand houden, verstoort. Dat type is moeilijker te verhelpen dan het eerste. Vermoeidheid kan verbonden zijn met teleurstelling, een moeilijk leven hebben, een patroon met als inhoud het gevoel van de vermoeidheid of 'je bent moe'. In dat geval is de vermoeidheid snel opgelost. Als de vermoeidheid dan weer het resultaat is van een ziektepatroon, dan vraagt het meer inspanning om die kwaal te verhelpen.
 
Het ouder worden van het lichaam is zeker voor een deel genetisch bepaald, maar zit ook geprogrammeerd in de patronen. Een patroon zorgt ervoor dat de genetische codering verandert, wat oud worden veroorzaakt. Andere patronen dicteren wat in het lichaam moet gebeuren opdat het lichaam zou aftakelen.
Een lage of hoge pijndrempel is misschien voor een deel genetisch bepaald, maar er bevindt zich ook een patroon in het onderbewustzijn dat de pijndrempel bepaalt. Een hoge pijndrempel is het resultaat van energieën. Een patroon zorgt ervoor dat wij gefixeerd zijn op de pijn en onze aandacht er niet kunnen van losmaken. Waardoor de pijn nog moeilijker te dragen wordt.
Premenstruele klachten verdwijnen wanneer een vrouw met LTA behandeld wordt. Daaruit zouden we kunnen besluiten dat dergelijke klachten het gevolg zijn van patronen en niet van hormonale schommelingen.
De wetenschap heeft ontdekt dat een slechte adem het resultaat is van bacteriën in de mond die gassen produceren. Desondanks kan slechte adem ook het resultaat zijn van patronen en kan dit met LTA verholpen worden.
Bij zwaarlijvigheid zitten er wel eens patronen in het onderbewustzijn die dicteren dat iemand dik moet zijn. Soms kunnen we resultaten halen in de zin dat iemand vermagert zonder dat eetgewoonten of levensgewoonten veranderen, door het patroon 'je moet dik zijn' of 'je mag niet vermageren' te breken.
 
Ziekten worden dikwijls geactiveerd door een situatie of gedrag. Er kan b.v. een patroon van stress aanwezig zijn met een link naar een patroon van een ziekte. De twee patronen zijn aan elkaar verbonden; als het ene patroon geactiveerd wordt, wordt het andere ook actief. Als er zorgen zijn op het werk of met de kinderen wordt eczeem erger. Als iemand te weinig aandacht krijgt, dan ontwikkelt hij/zij anorexia of een andere ziekte. Een concreet voorbeeld dat echt gebeurd is: een jongen faalde in de examens en kreeg daarna kanker. Het patroon dat dit veroorzaakte luidt: 'je hebt gefaald, je hebt geen enkele waarde meer, je verdient de dood' en het patroon van kanker werd daarna geactiveerd, omdat er in het onderbewustzijn een link was tussen de twee patronen.
Ziekten worden nogal eens geactiveerd door patronen als 'je moet lijden', 'er moet altijd een ziekte zijn', 'je moet aandacht krijgen', etc.
 
Op de een of andere manier is er een link tussen de hersenen en de patronen. Patronen kunnen gemakkelijker geactiveerd worden als bepaalde delen van de hersenen niet normaal functioneren.
Bij mensen die heel gezond zijn, zijn er geen patronen van ziekten actief en zijn er tal van energieën vrij die de verschillende lichaamsdelen voeden en beïnvloeden.
 
Een magnetiseur werkt met energie. Ofwel wordt die geproduceerd door zijn hersenen en via zijn lichaam naar zijn handen gestuurd. Ofwel bevindt ze zich rond hem. Met die energie breekt hij de materie van patronen in het lichaam van een cliënt. Op die manier kan hij sommige lichamelijke klachten verhelpen.
Bij het placebo-effect gebeurt het volgende. Doordat mensen de verwachting hebben dat een klacht zal verdwijnen, wordt het patroon dat de klacht veroorzaakt, gedesactiveerd.
 
 
Het vierde deel van het programma betreft intelligentie en talenten. Wereldwijd wordt aangenomen dat intelligentie, gebrek aan intelligentie en het al dan niet hebben van aanleg voor bepaalde zaken erfelijk zijn en bepaald worden door de genen. Het is ook bijna onmogelijk om het anders te bekijken, zeker als men vaststelt dat de graad van intelligentie en talent sterk gelijklopend is bij de leden van hetzelfde gezin En toch heeft LTA een andere verklaring voor dit fenomeen.
 
Intelligentie en talent zijn het resultaat van energieën en deelzielen rond een persoon, in combinatie met een normale hersenwerking van opslag, ophalen en vergelijken van data (= scheikundige processen). Gebrek aan intelligentie en talenten wordt veroorzaakt door patronen die de energieën en deelzielen verantwoordelijk voor bekwaamheid onderdrukken, in combinatie met patronen die de normale hersenwerking van opslag, ophalen en vergelijken van data belemmeren. De energieën bevinden zich letterlijk onder de patronen. Een ziel met bepaalde energieën of patronen zal voornamelijk incarneren in milieus met dezelfde energieën of patronen en daarom lijken bepaalde zaken erfelijk.
 
Iemand die talent heeft voor sport, handig is en aanleg heeft voor wiskunde, heeft volgende energieën vrij: 'de energie voor sport', 'de energie voor handigheid', 'de energie voor logisch inzicht'.
Voorbeelden van patronen van lage intelligentie zijn: 'traag denken', 'je kunt niet opnemen', 'niet begrijpen', 'je kunt geen verbanden leggen', 'je moet tien maal herhalen voor je het kunt onthouden', enz. De patronen die de hersenwerking beïnvloeden, zorgen voor een vertraagde hersenwerking, of zijn er verantwoordelijk voor dat de scheikundige processen in de hersenen foutief verlopen. Bij een vlotte hersenwerking zijn er energieën aanwezig die de hersenen voeden en sturen.
Hierna volgen enkele voorbeelden van patronen die de hersenwerking beïnvloeden tijdens intellectuele processen.
- Bij het vergelijken van data in de hersenen (een proces dat gebeurt tijdens het redeneren), wordt een foutief gegeven gecreëerd: een van de elementen van vergelijking (data in de vorm van een scheikundige stof), wordt scheikundig vervormd, zodat een foutieve redenering het resultaat is.
- Bij de omzetting van data in een scheikundig gegeven en het daarna binden van dat gegeven aan een scheikundige stof voor opslag in de hersenen, gebeurt een fout, het patroon bevat de formule van wat er verkeerd loopt (formule van scheikundige processen).
- Data omgezet in scheikundige gegevens worden op een bepaald adres in de hersenen opgeslagen, er is een fout in een scheikundige stof of een proces i.v.m. het adressenbeheer, gegevens worden daardoor op een verkeerd adres opgeslagen, bij het ophalen van gegevens is de fout er weer, er worden gegevens op foutieve adressen opgehaald, daardoor werkt een persoon tijdens het redeneren met verkeerde data.
 
Concentratieproblemen zijn bijna altijd het resultaat van patronen als: 'je bent met je gedachten elders', ' je kunt niet focussen' enz. Uitzonderlijk komen er patronen aan te pas die de hersenwerking beïnvloeden. Concentratiestoornissen zijn heel dikwijls snel te verhelpen. Dit in tegenstelling tot het verhogen van intelligentie, wat een van de moeilijkste thema's is. Meestal (er zijn altijd uitzonderingen) hebben we maar een grote vooruitgang op langere termijn en na heel veel uren therapie. Patronen die de intelligentie onderdrukken, zitten tot op diepe lagen in het onderbewustzijn en bestaan uit grote hoeveelheden materie. De energieën die de intelligentie bewerkstelligen, zitten grotendeels onderaan de patronen. Er is dus veel tijd nodig om door de lagen van de patronen heen te geraken en de energieën te bevrijden. We kunnen echter meestal op kortere termijn wel enige vooruitgang van de intelligentie bekomen.  Soms zijn er patronen aanwezig die een concept inhouden i.v.m. intelligentie, en die niet zeer groot zijn, niet diep opgeslagen zitten en niet echt veel energieën onderdrukken, maar eerder een remming veroorzaken die gewoon kan verdwijnen door het patroon te vernietigen.  B.v. het patroon: ‘als iemand iets uitlegt, blokkeert je denken.’ Een persoon met een dergelijk patroon zal vaststellen dat hij niet meer kan denken zodra iemand iets uitlegt. Zodra dat patroon verwijderd is, zal de persoon normaal kunnen denken als iets uitgelegd wordt. Met als resultaat dat intellectuele processen een stuk vlotter verlopen.
Het verbeteren van het geheugen en het memoriseren van leerstof vraagt in de regel minder uren therapie dan het verbeteren van intelligentie. Bij sommige mensen kan er op dit thema zelfs op korte termijn een grote vooruitgang optreden. Ook bij talenten zoals handigheid, sporttalent en andere bekwaamheden kan bij sommige mensen op redelijk korte termijn verbetering vastgesteld worden.
 
Een mentale handicap kan het resultaat zijn van hersenletsels, maar is waarschijnlijk in de meerderheid van de gevallen het resultaat van patronen. Bij hersenletsels aanwezig van bij de geboorte kan dit veroorzaakt zijn door patronen die ervoor zorgen dat er afwijkingen ontstaan in de hersenen tijdens de vorming van de foetus.
 
 
Het vijfde deel betreft een gemeenschappelijk programma voor iedereen. Patronen die we allemaal hebben, zijn:
• Voor eeuwig reïncarneren. We leven dit leven en negatieve zaken die zich voordoen, herhalen zich in een volgend leven en in de levens erna, en hebben zich in vorige levens ook al voorgedaan. Als iemand geboren wordt in een arm milieu, mishandeld wordt als kind, later met de verkeerde vrouw trouwt, gehandicapte kinderen krijgt en met moeite de eindjes aan elkaar kan knopen, dan zal dit schema zich in volgende levens opnieuw voordoen. Tenzij we de patronen breken.
• Het bestaan van het heelal en lichamen op een planeet, om de ziel vast te zetten in materie.
• Eten, slapen, werken, seks, elkaar opeten (de mens de dieren en de dieren elkaar), een aantal jaren leven en dan sterven.
• Dingen overkomen ons, we hebben weinig keuze over hoe we ons leven willen leiden, het leven beslist voor ons, we worden geboren, we zijn rijk of arm, mooi of lelijk, intelligent of dom, geslaagd of marginaal, gezond of ziek, we krijgen kanker, er zijn overstromingen, we sterven ... Het enige wat we kunnen doen is proberen te leven met bepaalde situaties en ons aan te passen.
• Een leven lang onderworpen worden aan de (bekrompen) wetten en normen van de cultuur waarin we geboren worden, die hoofdzakelijk het resultaat zijn van patronen. We volgen de groepsmentaliteit, we hebben angst voor wat de ander zal denken en de individualiteit is verloren gegaan. Wie anders denkt en probeert iets aan de gewoonten of wantoestanden te veranderen, staat alleen tegenover een maatschappij van behoudsgezinde mensen. Ons vermogen om de waarden van de eigen maatschappij kritisch te bekijken, is bijna onbestaand, bijna iedereen doet zoals de anderen zonder een kritische evaluatie van de levenswijze.
• Beginnen als kind, alles vergeten zijn van vorige levens en het gedrag van een kind hebben, verouderen, aftakelen en lijden vooraleer te sterven.
• De voortplanting: de seksuele drijfveer met het oog op de voortplanting zodat de reïncarnatiecyclus in stand gehouden kan worden.
• Vrouwen hebben lang haar, mannen kort haar.
• Onderscheid tussen man en vrouw, de minderwaardigheid van de vrouw tegenover de man, het rollenpatroon, de verschillende karakteristieken en de verschillende aanleg van man en vrouw. De wetenschap heeft geconstateerd dat mannelijke en vrouwelijke hormonen een invloed hebben op het gedrag van man en vrouw, dat de hersenen van een man en een vrouw op een andere manier functioneren. Dat is het resultaat van wat vastligt in de patronen. Talenten die in mindere mate aanwezig zijn naargelang de sekse, kunnen met LTA bekomen worden.
• Streven naar geld, hebzucht, materiële dingen willen vergaren en niet delen met anderen.
• Ongelijkheid en onrechtvaardigheid in de wereld en de toestand van arm en rijk.
• Een leven lang moeten werken, vaak voor een karig loon.
• Er is weinig liefde in de wereld, de mensen zijn bezig met zichzelf en leven voor zichzelf, de wereld draait rond egoïsme, ongelijkheid en geld.
• Allemaal bekijken we de wereld vanuit ons eigen zienswijze, i.p.v. vanuit een gezichtspunt met een overzicht op het geheel.
• Het meer liefhebben van eigen familie en eigen kinderen dan andere mensen en kinderen van anderen, het veel overhebben voor de eigen beperkte kring en de onverschilligheid tegenover de problemen van buitenstaanders.
• Armoede, ellendige toestanden, het leven is voor veel mensen een strijd.
• Het systeem van geld, de economie, hoog- en laagconjunctuur, de beurs, het beursritme.
• Rampen en oorlogen, droogte en hongersnood.
• Racisme, onderscheid, haat en oorlog tussen etnische groepen
• Het wereldwijd geactiveerd worden van gemeenschappelijke patronen die rampen veroorzaken, zodat zich op verschillende plaatsen in de wereld vliegtuig-, boot-, trein- en andere rampen in serie voordoen.
• De lage intelligentie en de beperkte kennis van het menselijke ras (in vergelijking met de intelligentie en kennis die we zouden bezitten indien we vrij waren van het programma).
• Het moeten uitzoeken van hoe het universum in elkaar zit, en dit niet spontaan weten. Moeten leren en niet spontaan alles weten, het niet kunnen waarnemen van atomen, van micro-organismen, van het heelal.
• De algemene afwezigheid van paranormaal waarnemen, of het niet kunnen waarnemen van de energieën en het programma rond mensen en daardoor niets afweten van hun bestaan, zodat het programma dan ook niet vernietigd kan worden en de ziel voor eeuwig gevangen zit en lijdt.
• De overtuiging van de wetenschap dat er alleen een lichaam is en geen ziel en dat buitenzintuiglijke waarneming niet kan bestaan; de wetenschap die de verklaring voor gedrag, intelligentie en te veel ziekten in de genen zoekt.
• De overtuiging van de wetenschap dat iets wetenschappelijks bewezen moet zijn of dat het anders niet bestaat. De absoluut-niet-willen-zien-houding van wetenschappers tegenover zaken die niet wetenschappelijk bewezen zijn, ondanks voortdurende voorvallen die aantonen dat er meer aan de hand moet zijn. Het idee dat niet in hen opkomt dat als zij geen verklaring voor iets vinden, dit misschien voortkomt uit het feit dat er een heleboel zaken zijn waar ze nog geen weet van hebben.
• De diverse religies die het resultaat zijn van patronen die de juiste waarheid in de vorm van energieën onderdrukken.
• Het geloof in God, dat voortkomt uit patronen en dat opnieuw de juiste waarheid op basis van energieën onderdrukt.
• De oppositie en jaloezie tegenover nieuwe ontdekkingen en nieuwe ideeën. De oppositie tegenover paranormale en energetische therapieën.
• De evolutie van de planeet, van holbewoners naar ruimtevaarders, van primitieve toestanden en despotische regimes naar techniek en democratie, de evolutie naar vernietiging van de planeet, naar incarneren op een andere planeet en herbeginnen als holbewoner.
• Bij zielen die geprogrammeerd zijn om als dier te leven is het programma een stuk negatiever en onderdrukkender dan bij de zielen die als mens geboren worden.
• De genetische codering is mogelijk het resultaat van de patronen en de werking van de genen wordt mogelijk gestuurd door de patronen.
 
 
 
Hoofdstuk acht
Behandeling op afstand
 
Voor behandeling op afstand hoef ik de cliënt niet gezien te hebben. Als een moeder b.v. de opdracht geeft om op haar zoon te werken, hoef ik die zoon niet te kennen, op voorwaarde dat ik de moeder ontmoet heb of dat ik telefonisch contact met haar gehad heb. Bij de LTA-methode is het verleden van iemand niet belangrijk. We kijken uitsluitend naar de dingen zoals ze nu zijn. Als iemand zich b.v. minderwaardig voelt, dan gaan we niet graven in het verleden om uit te vissen wat dat zou kunnen veroorzaakt hebben. De oorzaak van dat gevoel ligt in een patroon, we zullen het patroon breken en het minderwaardigheidsgevoel zal verdwijnen.
 
Het is totaal onbelangrijk of iemand gemotiveerd is, sceptisch is, gelooft in behandeling op afstand of weet dat hij/zij behandeld wordt om resultaten te behalen. Voor ik met een behandeling start, dient er eerst een vragenlijst ingevuld te worden. Deze vragenlijst bevat vragen die de bedoeling hebben gegevens over de persoonlijkheid, psychische problemen, levensomstandigheden, gezondheid en blokkades in bekwaamheid te bekomen. Daarna start de behandeling op afstand. Een aantal mensen hebben in het begin reacties zoals hoofdpijn, vermoeidheid, agressie, verdriet, ... maar dat gaat na een paar dagen weer over. Dat komt omdat er patronen geactiveerd worden die normaal in rust zijn. Na 20 uur therapie is er een eerste evaluatie van resultaten.  Deze 20 uur worden gespreid over één of twee weken. Met de LTA therapie werken we intensief op mensen, aan een ritme van twee of vier uur per dag, en soms meer. 
 
Het is niet zo dat iedereen even snel reageert op de behandeling. In feite reageren mensen extreem verschillend van elkaar. De LTA-techniek is krachtig in die zin dat elke negatieve toestand altijd definitief verholpen kan worden. Het vereiste aantal uren behandeling gaat echter van laag bij sommige thema's en sommige mensen, tot zeer hoog bij andere thema's en andere mensen. De LTA-methode verbrijzelt een materie die zich rond de persoon bevindt. Deze materie wordt omgezet in energie die rond de persoon aanwezig blijft. Dit is een andere soort energie dan de energieën die vrijkomen vanonder de patronen en die kwaliteiten vertegenwoordigen zoals b.v. de energie 'liefde'. De hoeveelheid materie waaruit een patroon bestaat, is zeer verschillend van thema tot thema en is vooral zeer verschillend van persoon tot persoon. Er is ook een verschil in de compactheid van de materie. Bij mensen die sneller reageren dan anderen is de materie lichter en breekt ze gemakkelijker. Als een patroon bestaat uit een kleine hoeveelheid materie, dan is een klacht snel opgelost. Bestaat een patroon uit een immens grote hoeveelheid materie, dan kan het patroon nog altijd gebroken worden, maar enkel op langere termijn, na heel veel uren behandeling.
 
Ik zal in het vervolg spreken over kleine patronen als ik bedoel dat de materie waaruit een patroon bestaat klein is en van grote patronen als de materie waaruit een patroon bestaat groot is. Veel persoonlijkheidspunten en lichamelijke klachten zijn het resultaat van kleine patronen die zich op hogere lagen in het onderbewustzijn bevinden. Die zullen in de regel dan ook het gemakkelijkst veranderen. Situaties zoals 'gebrek aan geld en succes' en 'gebrek aan liefde' zijn het resultaat van tientallen grote patronen waarvan de basissen op diepere lagen zitten en veel uren werk vragen om te verwijderen. Andere situaties daarentegen zijn dikwijls het resultaat van minder grote patronen en zijn redelijk snel te verhelpen. Gebrek aan intelligentie en talenten, evenals ernstige ziekten en religie zijn grotere patronen dan persoonlijkheidspunten; ze zitten tot op diepere lagen en vragen meer werk. Homoseksualiteit is eveneens het resultaat van grote patronen. Als we bij iemand een behandeling starten, kunnen we soms op korte termijn veel thema's verbeteren, omdat het om kleine patronen gaat. Maar daarna gaat het trager vooruit en duurt het langer om de resterende punten te veranderen, omdat het dan om grotere patronen gaat.
Resultaten zijn maar stabiel als een patroon in grote mate of volledig afgepeld is. Bij het afbreken van een deel van een patroon kan een grote verandering optreden of kan een klacht volledig opgelost lijken. Maar later kunnen diepere lagen weer de kop opsteken, zodat een probleem zich opnieuw voordoet, in dezelfde of in mindere mate als oorspronkelijk. Wat ons dan te doen staat, is opnieuw op het patroon inwerken om de volgende lagen te vernietigen. Als alle lagen afgepeld zijn, komt iets nooit meer terug.
 
Bij de evaluatie van de resultaten moeten we vooral kijken naar wat wel al verbeterd is en ons niet fixeren op wat nog niet veranderd is. Mensen die sterk geïnteresseerd zijn in verregaande persoonlijke ontwikkeling zijn heel opmerkzaam voor elke kleine evolutie die zich voordoet. Elke vooruitgang heeft voor hen een grote waarde. Zij aanvaarden heel gemakkelijk dat het nog wat langer kan duren eer andere zaken opgelost zullen worden. Mensen die uitsluitend in behandeling komen omwille van een klacht en die niet geïnteresseerd zijn in persoonlijke groei, hebben weinig aandacht voor alle thema's die veranderen. Zij zien dan ook de verbeteringen niet of hebben er weinig appreciatie voor. Zij willen hun probleem opgelost zien binnen een zeker aantal uren behandeling, wat dikwijls niet mogelijk is. Resultaten komen altijd, maar niet noodzakelijkerwijs binnen het aantal vooropgezette uren.
Elke kleine variatie in persoonlijkheid, situaties ... komt voort uit aparte patronen. Zo kan iemand met b.v. een lage frustratiedrempel of angst ervaren dat die gevoelens in zekere omstandigheden verbeterd zijn en in andere nog niet. In een situatie waar alles niet verloopt zoals gewenst, kan een onderdeel gewijzigd zijn en een ander nog niet. Of in het ene geval kunnen de dingen reeds vlotter verlopen en in het andere niet. Mensen die willen evolueren, zien de verbetering die er is. Cliënten daarentegen die komen voor een klacht, zullen het gevoel hebben dat er nog niets veranderd is, omdat het probleem niet volledig opgelost is.
 
Er is een groot verschil in hoeveelheid materie tussen soorten patronen, maar er is nog een veel groter verschil in hoeveelheid materie tussen personen onderling. Bij veertig procent van de mensen (de snelle groep) zijn de patronen klein en volgen er snel resultaten. Bij vijfendertig procent van de mensen (de middengroep) zijn de patronen vijfmaal tot twintig maal groter dan bij de snelle groep en komen de resultaten trager. Bij vijfentwintig procent van de mensen (de trage groep) zijn de patronen zeer groot en zijn ze naar mijn schatting tweehonderd tot vijfhonderd maal groter dan bij de snelle groep. Bij de trage groep vraagt het een grote inspanning om patronen te breken. Bij een half procent van de mensen (de zeer trage groep) zijn de patronen tot tienduizend maal groter dan bij de snelle groep en is het nog een heel stuk moeilijker dan bij de trage groep om patronen af te pellen.
Als we de groepen zouden vergelijken met hoeveelheden water, dan zouden we de snelle groep kunnen vergelijken met een vijver, de middengroep met een meer, de trage groep met de Atlantische Oceaan en de zeer trage groep met de wereldzee.
 
Mensen die tot een zekere groep behoren, trekken elkaar aan en zitten in familie- en vriendenkringen samen. Als ik dus een eerste persoon behandel uit een gezin en die reageert zeer goed, dan is de kans groot dat de andere gezinsleden ook goed reageren. Heb ik iemand uit een gezin die tot de middengroep of trage groep behoort, dan zullen andere gezinsleden waarschijnlijk ook tot diezelfde groepen behoren. Het is echter geen absolute regel. Er zijn ook gemengde vrienden- en familiekringen, zodat drie leden van hetzelfde gezin of drie vrienden tot de drie groepen kunnen behoren.
 
Het doel van LTA is alle patronen verwijderen en uit de eeuwige reïncarnatiecyclus geraken. Alle patronen, dat houdt in: miljoenen patronen. Onbegonnen werk dus, zeker bij de trage groep. Nu is het zo dat een LTA-therapeut die een hoog niveau bereikt heeft, de kracht bezit om een automatisch afbreken van het programma van een cliënt te bewerkstelligen. Er wordt een onafgebroken automatische vernietiging van patronen in beweging gezet. Laag per laag worden patronen vanzelf, zonder invloed van buitenaf afgebroken. Dat gebeurt doordat bevrijde energieën en deelzielen uit eigen beweging onafgebroken op de patronen inwerken.
In een eerste stadium gebeurt het afpellen op de eerst beschikbare thema's in het onderbewustzijn. Dat zijn de thema's die zich op de hogere lagen bevinden, b.v. te weinig zelfvertrouwen hebben. Als de kracht van het automatisch afbreken toeneemt, doordat er door de voortgezette behandeling en het vanzelf afpellen steeds meer energieën bevrijd worden, zal het afpellen overschakelen naar zaken die op een bepaald moment geactiveerd worden of naar onderwerpen die de persoon bezighouden. Bij afwezigheid daarvan zal het afpellen doorgaan met de eerst beschikbare thema's. Indien twee mensen b.v. ruziemaken en zich achteraf rot voelen, dan zal bij de persoon bij wie het automatisch afbrokkelen aan de gang is, het afpellen starten op het rot gevoel en op de patronen die ervoor zorgen dat zich ruzie voordoet. Als iemand een slechte bui heeft en zich depressief voelt, dan zal het afpellen starten op het depressieve gevoel en de persoon zal zich daarna weer beter voelen. Bij een kind dat voldoende uren therapie gehad heeft en dat naar het eerste leerjaar moet, zal het automatisch afbreken overschakelen naar patronen van intelligentie. Wanneer iemand een zaak start en daarvóór voldoende uren behandeling kreeg, zal het vanzelf afbrokkelen starten op patronen die succes belemmeren.
 
Dankzij deze hulp van het vanzelf breken van patronen is het mogelijk om altijd resultaten te behalen op een thema, alhoewel dit voor sommige onderwerpen op langere termijn kan zijn. Mensen uit de trage en de zeer trage groep kunnen uitsluitend geholpen worden dankzij het mechanisme van automatisch afpellen. Indien de patronen niet aanhoudend vanzelf zouden afbreken, zouden er bij die mensen zeer weinig resultaten kunnen behaald worden. De patronen bij de trage groep zijn zo groot, dat we met de uren die we gericht werken op een onderwerp, weinig tot geen verbetering krijgen. Enkel indien een patroon de tijd gehad heeft om een aantal jaren vanzelf af te pellen, treedt er verandering op. En pas nadat bepaalde patronen vernietigd zijn, kunnen andere patronen die zich eronder bevinden aan bod komen. Terwijl er bij de snelle groep na 100 uur behandeling door een therapeut met een hoog niveau dertig en meer thema's verholpen zijn, zijn er bij de trage groep weinig veranderingen na 100 uur therapie. Met uitzondering van lichamelijke klachten die het resultaat zijn van patronen opgeslagen in een deel van het lichaam. Dit kan bij een trage groep soms ook gemakkelijker verholpen worden dan de andere probleempunten.
In uitzonderlijke gevallen hebben we bij een trage groep in het begin wel voldoende resultaten die doen denken aan een middengroep. Maar als we dan verder werken, komen er binnen een bepaalde termijn geen verbeteringen meer en moeten we vaststellen dat het toch om een trage groep gaat. We kunnen bij een snelle groep in 100 uur soms meer veranderingen halen dan bij een trage groep in drie jaar. Desondanks komen de resultaten op langere termijn altijd als de behandeling wordt voorgezet, en door de hulp van het vanzelf afbreken van de patronen. Bij de trage groep is het zeer belangrijk dat de behandeling op afstand onafgebroken doorgaat om de kracht van het automatisch afpellen steeds op te drijven.
 
Verslavingen vragen meer werk om te verhelpen dan persoonlijkheidspunten. Als iemand alcoholverslaafd is en tot de snelle groep behoort, zal dit euvel verholpen zijn in 100 uur, samen met een reeks andere thema's, omdat een therapeut met hoog niveau op verschillende zaken tegelijk werkt. Als iemand tot de middengroep behoort, zal de alcoholverslaving mogelijk verlicht zijn, maar misschien ook nog onveranderd zijn, en moeten we na de 100 uur nog enkele honderden uren doorwerken. Er zullen wel veranderingen zijn bij verschillende andere thema’s na 100 uur therapie. Bij iemand uit de trage groep duurt de behandeling om de alcoholverslaving op te lossen drie tot vijf jaar en dit aan een ritme van vijftig of honderd uur per maand. Ondanks de enorme hulp van het onafgebroken vanzelf afpellen van de patronen. Naast de alcoholverslaving zijn er dan weer veel andere thema's die ook verholpen zijn. Er kan natuurlijk aan een lager ritme gewerkt worden, maar dan duurt het nog langer om de verslaving op te lossen.
 
Gelukkig kunnen we met de LTA-techniek verschillende mensen tegelijk op afstand behandelen, aangezien het per persoon om veel uren werk kan gaan. Ik geef mensen uit de trage groep viermaal het aantal uren therapie in vergelijking met mensen uit de snelle en de middengroep (de mensen uit de trage groep betalen een vierde van de prijs die de anderen betalen). Maar desondanks duurt het nog altijd langer bij hen dan bij de anderen om resultaten te behalen. Een beginnende LTA-therapeut die nog geen hoog niveau bereikt heeft, kan op de grotere patronen en de trage groep geen resultaten behalen. De zeer trage groep vraagt tien tot vijftien jaar behandeling om sommige thema's te kunnen oplossen en dit dan nog op voorwaarde dat de LTA-therapeut een zeer hoog niveau bereikt heeft. Gelukkig komt deze categorie bijna niet voor.
We kunnen met de LTA-methode verschillende mensen tegelijk behandelen, waarvan dan de patronen naast elkaar voor de therapeut staan. Dit kan ook voor verschillende thema's van één persoon tegelijk. Zo kunnen we b.v. zes uur per dag werken op de thema's dyslexie, te weinig zelfvertrouwen en snoepzucht bij één en dezelfde persoon. Als we de behandeling in therapie-uren zouden uitdrukken, dan zou dit gaan om 18 uur per dag. Zo kunnen we bij de trage en de zeer trage groep zeer hoge aantallen uren per maand werken. Wat niet betekent dat we snel resultaten kunnen halen, maar wel dat we ons kunnen inspannen om de kracht van vanzelf afpellen op te drijven. Waardoor het aantal jaren dat we moeten werken afneemt. Bij de snelle en de middengroep kunnen we over uren spreken, bij de trage en de zeer trage groep moeten we ons uitdrukken in jaren.
 
Ik kan niet op voorhand inschatten tot welke groep iemand behoort. Aangezien de patronen heel ver rond mensen hangen, sommige tot buiten de omvang van de aarde, heb ik geen totaaloverzicht. Ik heb wel enkele trucjes om op voorhand een idee te krijgen van de snelheid van de resultaten, maar die zijn niet helemaal waterdicht. Ik ben maar helemaal zeker van de moeilijkheidsgraad bij evaluatie van de resultaten na 20 of 100 uur therapie.
Terwijl ik op afstand werk, kan ik een vermoeden hebben dat iemand tot de snelle groep behoort, omdat ik voel dat er vlug materie breekt en dat ik vlot door verschillende patronen heen ga. Als iemand trager vooruitgaat, voel ik voortdurend dezelfde patronen. Het is ook zo dat sommige mensen al resultaten hebben door gewoon contact met mij, persoonlijk of telefonisch, omdat de energieën rond mij onmiddellijk inwerken op de materie rond iemand anders en stukken beginnen af te breken. Als dit zich voordoet, behoort iemand dikwijls tot de snelle groep. Ik ben zelf al een paar keer in contact gekomen met mensen zonder speciale gaven, in wier buurt bij mij stukjes van patronen braken. Die mensen hadden dus zonder er zich van bewust te zijn, een energie rond zich die op de patronen van anderen inwerkte.
Als iemand een andere therapeutische behandeling ondergaan heeft, waarmee resultaten behaald werden, is dat ook een aanduiding dat hij/zij niet tot de trage groep behoort. Want iemand in de trage groep haalt met welke techniek van psychotherapie of energetisch werk dan ook, weinig of geen resultaat (een uitzondering hierop is homeopathie).
 
Met de LTA-techniek hebben we toegang hebben tot welk patroon dan ook. We werken op een ongelofelijke diepte in het onderbewustzijn en kunnen daardoor een patroon afpellen tot aan de basis (we werken op voorbije tijden van een één met tientallen en honderden nullen erachter. Wanneer we denken aan tijden van 10 tot de 15de macht of 1000.000.000.000.000 jaar geleden, zijn dat voor de LTA-methode nog altijd de bovenste lagen van het onderbewustzijn, t.o.v. de immense diepte die zich nog daaronder bevindt). We blijven onafgebroken werken op een persoon (jaar in, jaar uit, aan een hoog of minder hoog ritme). De patronen blijven vanzelf afbrokkelen. We geven therapie aan verschillende mensen tegelijk en per behandelde persoon worden meerdere thema's tegelijk behandeld. Bij mensen die traag vooruitgaan, kunnen we zeer intensief werken door i.p.v. thema's van verschillende personen vóór de therapeut naast elkaar te zetten, thema's van dezelfde persoon tegelijk te bewerken. Door dit alles tezamen kunnen we met deze techniek op korte of langere termijn altijd het gewenste resultaat behalen. Ondanks het feit dat de hoeveelheid materie van een af te pellen patroon omvangrijk kan zijn en dat er miljoenen patronen af te pellen zijn.
 
Bij iemand die regelmatig behandeld wordt door een LTA-therapeut blijft het vanzelf afpellen van de patronen onafgebroken doorgaan en komt er geen moment dat dit weer stopt. Daardoor worden op langere termijn alle aanwezige patronen van persoonlijkheid, ziekten, negatieve situaties, lage intelligentie, lage bekwaamheid en verkeerde overtuigingen verwijderd. Op die manier wordt iemand die lang genoeg behandeld wordt, liefdevol, intelligent en bekwaam, vrij van ziekten, met een leven met voldoende liefde en vriendschap, waarin alles vlot verloopt en het financieel goed zit, en waarin iemand over de juiste waarheid beschikt.
Aangezien sommige ziekten veel uren behandeling vragen, is het interessant om veel LTA-therapie preventief te ondergaan, zodat de patronen krachtig gaan afpellen. Op die manier worden ziekten voorkomen, omdat hun patronen na enkele jaren vanzelf afpellen, niet meer in het onderbewustzijn aanwezig zijn en zich dus niet meer kunnen manifesteren.
Een persoon die veel therapie ondergaat, heeft ook het voordeel dat hij of zij de LTA-techniek beetje bij beetje kan beheersen. Zodra iemand een zeker niveau behaald heeft, kan hij of zij desgewenst alleen verder, en hoeft geen therapie meer te krijgen van een ander. En hij of zij kan er ook de eigen familie en kennissenkring mee helpen.
 
 
 
Hoofdstuk negen
Opleiding tot LTA-therapeut
 
Ondanks het feit dat LTA een paranormale techniek is, is het kunnen waarnemen van het programma (of het onderbewustzijn) rond mensen en het kunnen werken op afstand voor iedereen bereikbaar. Het is echter niet zo gemakkelijk aan te leren als bv. Reiki (een techniek waarbij men werkt met energie uit de kosmos). Men kan de LTA-techniek uitsluitend verwerven door heel veel therapie op afstand te ondergaan, gegeven door een therapeut met een hoog niveau. Er is geen andere weg. De energieën en deelzielen nodig voor het toepassen van de LTA-techniek kunnen alleen vrijkomen door ze te deblokkeren met de LTA-behandeling. Het waarnemen van de zeer diepe lagen en het breken van patronen op die diepte zijn zaken die alleen mogelijk zijn na heel veel uren therapie.
Naast de behandeling op afstand die over jaren gespreid wordt, zijn er een aantal uren individuele opleiding nodig, waarin de diverse etappes van de LTA-methode aangeleerd worden. Een leerling leert ook regressietherapie op zichzelf toepassen. Door met regressietechnieken bij zichzelf diepe lagen van het onderbewustzijn bloot te leggen, kan iemand een beter inzicht krijgen in het onderbewustzijn.
 
Het is voor veel kandidaat-therapeuten geen lange weg om een beperkt niveau te behalen, tenzij voor sommige mensen uit de middengroep en de trage groep. Het kan veel uren behandeling vergen vooraleer zij buitenzintuiglijk kunnen waarnemen. Zodra dit mogelijk wordt, ligt hun beginnend niveau dan wel hoger dan bij anderen, door de hoeveelheid therapie die ze al gekregen hebben.
Het is een zeer lange weg om het niveau te halen waarop een therapeut bij alle groepen ieder thema kan verhelpen. Een therapeut met een beperkt niveau kan een aantal resultaten behalen i.v.m. persoonlijkheid en lichamelijke klachten bij de snelle en de middengroep. Voor de moeilijkere thema's en bij de trage groep moet het niveau zeer hoog liggen om resultaten te verkrijgen.
 
Sommige leerling-therapeuten die de opleiding starten, kunnen binnen een redelijk korte termijn patronen in en rond zichzelf, en in en rond een ander die voor hen zit, waarnemen en breken. Op afstand werken op één persoon of op zichzelf lukt ook. Een aantal mensen kunnen dat onmiddellijk, zonder therapie, als hen getoond wordt hoe het moet.
Op dit niveau kan iemand de allerbovenste lagen van het onderbewustzijn bereiken (=dit leven en vorige levens op deze planeet). Bij het op afstand werken zet de therapeut een laag van een patroon vóór zich, voelt de inhoud ervan (ideeën, emoties, beelden) en vernietigt die laag op die manier. D.w.z. dat de materie van een patroon breekt zodra de leerling-therapeut de inhoud heel gedetailleerd voelt of bekijkt. Net zoals we met regressietherapie een voorval ontladen (=breken van materie) door het in detail opnieuw te herinneren of opnieuw te bekijken. Op dit niveau breekt de leerling kleine stukjes tegelijk, en dat vraagt een zekere tijd. Iemand die wat verder gevorderd is, kan iets grotere stukken verbrijzelen en kan die sneller breken dan voorheen, en kan iets diepere lagen bereiken (levens tijdens het tijdsverloop van het heelal en even vóór het ontstaan van het heelal).
 
Het volgende niveau is het op afstand werken op meer dan één persoon tegelijk; op nog diepere lagen werken; grotere stukken kunnen breken met een hogere snelheid; met veel uren behandeling het automatisch afpellen kunnen lanceren. Dit niveau is al een stuk moeilijker te behalen. Om het te beheersen, moeten er deelzielen vrij zijn die op de verschillende mensen tegelijk werken. Het kunnen waarnemen van zielen, deelzielen en energieën is moeilijker te bereiken dan het kunnen waarnemen van patronen.
Het bereiken van het daaropvolgende niveau: op zeer diepe lagen kunnen werken; het automatisch afpellen op korte termijn in beweging kunnen zetten; op veel thema's tegelijk kunnen werken bij diverse personen tegelijk; en grote stukken kunnen breken aan een hoge snelheid. Dat is een weg van jaren.
Het allermoeilijkste is het bereiken van de zeer diepe lagen. Zelfs na veel uren behandeling kan een leerling-therapeut nog maar de hogere lagen voelen. Zelfs al kan hij/zij al dieptes van 10 tot de 30ste macht waarnemen, dan is dit nog altijd een te laag niveau en is het nog een lange weg om de veel diepere lagen te kunnen voelen en te kunnen verbrijzelen.
 
Zodra iemand meerdere personen tegelijk op afstand kan behandelen, kan hij/zij tegelijk op die mensen werken en op diverse punten van zichzelf. Men kan met de LTA-techniek ook zichzelf op afstand behandelen. Een therapeut die een zeer hoog niveau wil halen moet, naast de behandeling die hem gegeven wordt door een andere therapeut met zeer hoog niveau, voor de rest van zijn leven op zichzelf werken om zijn kunnen blijvend op te drijven. Ondanks het feit dat de patronen onafgebroken vanzelf afpellen. De materie die rond ons hangt bestaat uit ongelooflijke hoeveelheden en het is zeker niet gemakkelijk om daar uit te geraken. Dus het niveau van een therapeut kan nooit hoog genoeg zijn.
Een leerling-therapeut kan soms al op korte termijn op zichzelf werken met het op dat moment behaalde niveau en doet dit verder gedurende de ganse behandeling. Het automatische afpellen start daarenboven van bij het begin van de therapie. Desondanks zijn gedurende vijf tot tien jaar 100 uur (400 uur voor de trage groep) behandeling per maand vereist, gegeven door een therapeut met hoog niveau, om een nieuwe therapeut te vormen die alleen verder kan.
 
Waarom kan ik dit? Geen idee. Ik ben wel al heel lang (voor dit leven) bezig met spirituele groei en met het werken aan mezelf om uit het programma te geraken. Ik ben geboren met de eigenschap om zeer diepe lagen te kunnen waarnemen. Het inzicht dat ik heb in het onderbewustzijn had ik al. Ik heb het niet ergens geleerd of gezocht, ik heb het mij alleen maar opnieuw herinnerd. Ook op meerdere mensen tegelijk werken kon ik al.
Ik heb mezelf op afstand behandeld zodra ik de LTA-techniek beheerste. Daardoor is mijn kracht erg toegenomen tegenover in het begin en kan ik op steeds diepere lagen werken. Het programma is bij mijzelf krachtig aan het afpellen en ik werk steeds verder op mezelf zodat mijn kracht nog sterk zal toenemen ten opzichte van het niveau dat ik nu heb, omdat er onafgebroken energieën vrijkomen. En dat geldt voor elke toekomstige LTA-therapeut. Als ik nu een zeker aantal uren nodig heb om een bepaald resultaat te behalen, dan zijn dit minder uren dan tien jaar geleden en meer dan over tien jaar.
 
 
 
Hoofdstuk tien
Samenvatting
 
Met LTA Persoonlijke Ontwikkeling kunnen we duizenden zaken oplossen die tot nu toe onmogelijk te verhelpen leken. Hoe ongelooflijk het ook klinkt, de LTA- methode is een therapeutische methode die:
 
- in staat is om elk ongewenst gedrag te corrigeren en de persoonlijkheid van ieder mens ingrijpend ten goede te veranderen;
- alle psychische problemen, neuroses en psychoses kan wegnemen;
- alle ongewenste situaties die zich in iemands leven voordoen ten goede kan keren, op voorwaarde dat die situaties niet afhankelijk zijn van wereldsituaties of gebeurtenissen of wetgeving op grotere schaal dan het persoonlijk leven;
- heel veel ziekten en lichamelijke ongemakken definitief kan genezen, behalve genetisch bepaalde ziekten (waarschijnlijk) en ziekten die het resultaat zijn van micro-organismen zoals b.v. bij aids;
- intelligentie en talenten sterk kan verhogen of bekomen;
- mensen bevrijdt uit religieuze overtuigingen (omdat die voortkomen uit patronen) en andere verkeerde opvattingen;
- indien op grote schaal toegepast (misschien over enkele generaties), de mensheid kan bevrijden uit negatieve, wanhopige en onrechtvaardige toestanden; en geluk en harmonie op grote schaal kan brengen;
- indien op grote schaal toegepast, zou leiden tot heel veel ontdekkingen in diverse wetenschappelijke disciplines en tot het ontstaan van nieuwe wetenschappelijke richtingen;
- van belang is voor de psychologie, de medische wereld en de farmaceutische industrie;
- ongelooflijk boeiend is en een totaal nieuwe wereld blootlegt in een tot nog toe onbekend en onontgonnen terrein;
- voor iedereen bereikbaar is, ondanks het feit dat het om een paranormaal gegeven gaat.
 
Wij mensen, zoals we nu bestaan, zijn bijzonder onderdrukt door het programma rondom ons. Het reduceert ons tot nog geen miljoenste van onze capaciteiten. Er is ook een enorme hoeveelheid kennis onderdrukt in domeinen die wij reeds beheersen en in domeinen waarvan wij niet eens het bestaan vermoeden. De energieën en deelzielen van kennis en bekwaamheid zijn bijna voor 100% bedolven onder patronen. De kennis die we op deze planeet hebben, is nog geen miljoenste van de kennis die we zouden kunnen hebben. Een ziel die vrij is, heeft alle kennis in zich, weet alles en moet niets meer leren. Wij moeten dingen leren omdat we onderdrukt zijn. Indien op grote schaal miljoenen energieën en deelzielen bevrijd zouden worden, zou er een onvoorstelbare nieuwe kennis doorbreken en zouden er nieuwe wetenschappelijke richtingen ontstaan.
 
Mensen vragen mij soms hoe lang ze therapie moeten krijgen. Mijn antwoord daarop is: 'Zolang je niet in staat bent om in één minuut een volledig heelal te creëren met alles erop en eraan, ben je niet vrij en heb je nog therapie nodig'. Waarschijnlijk zouden we dit niet kunnen als we volledig vrij zouden zijn; ik geef dit enkel als voorbeeld om te illustreren dat wat we met de LTA-techniek willen bereiken veel verder gaat dan enkel wat problemen oplossen, wat negatieve karaktertrekken corrigeren of het niveau bereiken waarop iemand gelukkig is. Zoals al enkele keren hiervoor benadrukt werd, is het de bedoeling om alle miljoenen patronen te breken en volledig bevrijd te worden als ziel met alle potentieel en de juiste waarheid.
 
In de plaats van een leven lang te moeten werken omdat we nu eenmaal geld nodig hebben; in plaats van dagelijks frustraties te moeten verwerken en te moeten omgaan met beladen mensen (beladen door het programma, wat mensen onaangenaam in de omgang maakt); in een wereld waar er een groot gebrek aan liefde is; in een wereld waar voor heel veel mensen het leven heel moeilijk is. In de plaats van dat alles zouden we onbeperkt moeten kunnen kiezen wat we willen doen en hoe we onze tijd doorbrengen; onbeperkt moeten kunnen genieten en creëren; in een wereld met een overvloed van liefde voor elkaar; in een wereld van gelukkige mensen (of gelukkige zielen).
 
Uit alle patronen bevrijd geraken, is iets wat waarschijnlijk niet op een termijn van slechts één leven te bereiken valt, maar we kunnen in dit leven toch al een heel grote vooruitgang boeken. Het zou ideaal zijn als iedereen in de wereld - alle mensen en dieren - onafgebroken behandeld zouden kunnen worden. Wie weet - misschien over enkele generaties?
 
 
 
Hoofdstuk elf
Activeren van patronen
 
Slechts een deel van de patronen zijn onafgebroken actief of in werking. Bij iemand die zijn hele leven armoede kent of zich minderwaardig voelt, zijn die patronen levenslang actief. Veel patronen echter zijn passief aanwezig rond een persoon, zonder dat ze enige invloed hebben. Een patroon van 'gefolterd worden' b.v. zal in een democratie niet gauw geactiveerd worden. Datzelfde patroon zal bij dezelfde persoon in voorbije ruwere tijden, wel een redelijke kans van werking gehad hebben.
Bij het voelen van patronen kun je niet weten of een patroon al dan niet actief is. Ik kan b.v. bij iemand voelen dat er een patroon van alcoholisme aanwezig is, maar ik weet daarmee niet of die persoon al dan niet drinkt. Als die persoon niet overmatig drinkt, is het patroon niet actief. Als diezelfde persoon alcoholist wordt, is het wel actief.
 
Waarom patronen al dan niet actief zijn, of hoe het mechanisme van activeren van patronen werkt is voor het merendeel nog een mysterie voor mij.
Een patroon kan geactiveerd worden doordat er iets gebeurt. B.v. als je geboren wordt en je tevens in je onderbewustzijn een patroon hebt dat inhoudt dat de geboorte moeilijk zal verlopen, dan zal dit patroon geactiveerd worden door het feit dat je geboren wordt en zorgen voor een moeilijke geboorte. Dikwijls is het echter niet zo duidelijk waarom een patroon geactiveerd wordt.
De miljoenen patronen die aanwezig zijn in het onderbewustzijn, zijn programmeringen die concepten inhouden en die niet onderling verbonden zijn, meestal toch niet. 
Bij ziektes is er dikwijls een link naar een ander patroon, waarbij de ziekte dan ontstaat omdat het eerste patroon actief is. B.v. bij stress krijg je eczeem. Maar meestal is er geen link tussen patronen. 
Op dit moment heb ik nog geen verklaring gevonden van waarom in veel gevallen patronen geactiveerd worden. Veronderstel dat je een patroon hebt dat inhoudt: ‘je faalt’. Sommige zaken in je leven verlopen goed en bij andere zaken faal je. In een situatie A faal je niet, en in een situatie B faal je wel. Nochtans is er geen link geprogrammeerd tussen situatie B en het patroon ‘je faalt’. Ik weet dat ik het voorkomen van falen in situatie B kan corrigeren door het patroon ‘je faalt’ te verwijderen. Maar het is niet altijd duidelijk waarom het patroon ‘je faalt’ actief is in situatie B.
 
Als iemand zegt je dat je dom bent, met als gevolg dat je je minderwaardig voelt, dan is dat het resultaat van het patroon: 'je bent minderwaardig', dat geactiveerd wordt. Het feit dat iemand zegt dat je dom bent, doet zich voor omdat het vastligt in de patronen dat een ander dat zal zeggen. Er zijn dus twee patronen. Het eerste is: ‘een ander zegt dat je dom bent’. Het tweede is: ‘je bent minderwaardig’. In het onderbewustzijn is er geen link geprogrammeerd tussen de patronen, de patronen zijn niet met elkaar verbonden. En toch voelt iemand zich minderwaardig als een ander zegt dat hij dom is. 
Als je je niet minderwaardig voelt als iemand zegt dat je dom bent, dan wordt er geen patroon van minderwaardig zijn geactiveerd, ook al is dat patroon aanwezig in het onderbewustzijn.   En anders is dat patroon niet aanwezig.
Terwijl je je minderwaardig voelt als een ander zegt dat je dom bent, kan het jou daarentegen misschien niet schelen als een ander zegt dat je lelijk bent, ook al is het patroon 'je bent minderwaardig' wel in het onderbewustzijn aanwezig.  Hier is er weer het raadsel van waarom het patroon ‘je bent minderwaardig’ wel actief wordt als een ander jou dom vindt, maar niet als een ander jou lelijk vindt. Want geen van de patronen is onderling met elkaar verbonden.
Ergens moet er iets zijn dat dit mechanisme van activeren bepaalt. Mogelijk zit er heel diep een ander patroon dat de werking van de patronen stuurt.
 
Patronen worden ook geactiveerd omdat het van voor de geboorte vastligt dat iets op een bepaald moment zal gebeuren. In grote lijnen wordt het verloop van het leven gestuurd door wat ik de 'tijdlijn' noem.
Bij de dood treedt een patroon in werking dat de gebeurtenissen van het vorige leven uit de herinnering wist (meestal gebeurt dat, maar er zijn uitzonderingen: er zijn kinderen die zich hun vorige leven herinneren). Vóór de incarnatie in het volgende lichaam bewerkstelligt datzelfde patroon een tijdlijn voor het nieuwe leven: er wordt een programma opgesteld. Dit programma bevat de grote lijnen die zich in het leven zullen voordoen: het milieu waar je geboren wordt, het soort opvoeding die je krijgt, de mensen die je ontmoet in je leven, de studies die je doet, het soort werk dat je doet, de ziekten die je krijgt, de tegenslagen die je hebt, de persoon met wie je trouwt, de kinderen die je krijgt, diverse situaties die zich voordoen en hun gevolgen, wanneer je sterft ...  Deze tijdlijn werkt in combinatie met de patronen. Als de tijdlijn inhoudt dat er armoede is, dan zal dit ervoor zorgen dat de patronen van armoede actief zijn. Als de tijdlijn dicteert dat er een situatie ontstaat waardoor je depressief wordt, dan zullen de patronen die de situatie moeten veroorzaken actief worden. Als de tijdlijn inhoudt dat je als kind door een pedofiel misbruikt wordt en dat je op latere leeftijd ook pedofiel wordt, dan zullen de overeenkomstige patronen geactiveerd worden. Als de tijdlijn inhoudt dat je als kind misbruikt wordt door een pedofiel, maar dat je in je latere leven normaal bent, dan zullen de dingen zo verlopen. Als de tijdlijn inhoudt dat je op volwassen leeftijd pedofiel wordt, ook al heb je een perfecte jeugd gehad, dan zul je op latere leeftijd pedofiel zijn.
 
Terwijl ik op iemand werk, zoek ik nooit naar de tijdlijn. Ik breek de patronen en als die eenmaal weg zijn, kunnen ze niet meer door de tijdlijn geactiveerd worden. Als iemand lang genoeg behandeld wordt, zullen ook de tijdlijn en het patroon dat de tijdlijn opbouwt tussen twee levens in, breken. Dat patroon zit op een grotere diepte dan andere patronen.
Ik weet eigenlijk het fijne niet van de werking van de tijdlijn. Ik weet dat ze er is, dat is alles. Met wat ik hierboven beschreven heb over de tijdlijn, wil ik vermelden dat er nog iets anders is dan de patronen, maar hoe het helemaal juist in zijn werk gaat, is mij onbekend. Ik weet niet in hoeverre de tijdlijn dominant is over de patronen of de energieën en in welke mate ze de patronen stuurt.
Het hoeft ook niet vast te liggen in de tijdlijn dat iemand b.v. als kind zal gebruikt worden door een pedofiel. De aanwezigheid van het patroon 'een volwassene misbruikt je' kan voldoende zijn om die situatie te veroorzaken. Wanneer er dan een bepaalde volwassene het pad van het kind kruist, die een patroon in zich draagt dat hij een kind zal misbruiken, kan de situatie zich voordoen. Ofwel kan er een patroon bij de twee personen aanwezig zijn dat bepaalt hoe de relatie tussen hen verloopt. Het patroon bij de twee dicteert dan dat de ene de andere zal misbruiken. In elk leven dat deze personen dan elkaar’s pad kruisen, heb je dan dezelfde relatie tussen de twee en dezelfde situatie. Het is zo dat er tussen heel veel mensen die elkaar’s pad kruisen, een patroon zit dat de relatie tussen hen beiden bepaalt. In elk leven dat ze elkaar ontmoeten heb je dan dezelfde situatie.
 
Hoe het mogelijk is dat patronen en tijdlijnen de invloed uitoefenen die in het patroon of de tijdlijn beschreven staat, weet ik ook niet. Als iemand een patroon heeft zoals 'je slaagt niet', dan weet ik niet waarom dat patroon daadwerkelijk die situatie kan veroorzaken.
 
Dan zijn er ook nog energieën die de werking van de tijdlijn en de patronen kunnen neutraliseren en dominant kunnen zijn. Iemand kan b.v. op basis van de tijdlijn of van patronen voorbeschikt zijn om verpleegster te worden, maar kan ook energieën hebben van muzikaal talent en op basis daarvan een muziekcarrière starten.
 
Het is niet wat er in een vroeger deel van het leven gebeurt of het soort milieu waarin je geboren wordt, dat het latere leven bepaalt. Het hele leven, van begin tot einde, volgt de voorbeschikking voorzien in de tijdlijn, de patronen en de energieën. De dingen gebeuren op een zekere manier omdat het zo vastligt, zowel in de jeugd als in het volwassen leven. Hoe je reageert op de dingen die gebeuren of wat eruit voortvloeit, wordt eveneens bepaald door de tijdlijn, de patronen en de energieën. Dus het is niet omdat men een zekere jeugd gehad heeft, dat er zich in het latere leven dit of dat voordoet. Men heeft een bepaalde jeugd omdat het zo vastligt dat ze zich op die manier zal voordoen. Men heeft later een bepaald soort leven omdat het vastligt hoe dat zal verlopen.
 
Als ik b.v. iemand moet behandelen die seksueel geremd is, zal ik gaan zoeken naar patronen van seksuele remmingen en die breken. Ik zal niet nagaan wat die patronen geactiveerd heeft, dat is niet belangrijk. Waren de patronen niet aanwezig in de eerste plaats, dan konden ze ook door niets geactiveerd worden. Zelfs als ze geactiveerd zijn door seksueel misbruik in de jeugd, dan nog bestaat de klacht omdat de patronen aanwezig zijn en geactiveerd kunnen worden en niet door het misbruik op zich. Het feit dat het misbruik zich al voordeed in de eerste plaats, werd weer bepaald door de aanwezigheid van patronen van misbruikt worden. Waren die patronen er niet geweest, dan had het misbruik zich niet voorgedaan en waren er geen andere patronen door geactiveerd. Traditionele richtingen van psychotherapie proberen de seksuele problemen op te lossen, door het zich opnieuw herinneren van de voorvallen van incest of door het blootleggen van de jeugd in de hoop de oorzaak daar te vinden. Met deze manier van werken kan men echter niet zeer veel bereiken, aangezien de patronen van seksuele remmingen door het blootleggen van de jeugd niet afgebroken worden, zelfs als die door bepaalde voorvallen geactiveerd werden. Men kan soms wel wat resultaat behalen omdat patronen kunnen gedesactiveerd worden door het blootleggen van een voorval dat de patronen activeerde. Maar zelfs in dat geval zijn de patronen enkel in rust en niet afgepeld en kunnen ze later in het leven of in een volgend leven weer geactiveerd worden.
 
Er zijn duizenden zielen die in één lichaam incarneren; elke ziel heeft haar tijdlijn, en haar patronen en energieën. Ik weet niet hoe het mechanisme werkt, welke zielen, tijdlijnen, patronen of energieën dominant zijn en welke minder prominent aanwezig zijn. Een patroon van b.v. angst behoort tot één ziel, een patroon van onderworpenheid tot een andere. Aanleg voor sport behoort tot één ziel en aanleg voor wiskunde tot een andere ziel.
 
Sommige patronen zijn onafgebroken actief. Zoals b.v. armoede, egoïsme, geen liefde vinden, concentratiestoornissen ... Ze zijn actief vanaf de geboorte, door het leven of een deel van het leven heen, of worden door de een of andere (soms duistere) reden op een zeker moment geactiveerd en blijven vanaf dan actief. Dit kan b.v. ook een bepaalde ziekte zijn of de patronen: 'je moet lijden', 'drang naar aandacht', 'angst voor het leven' of 'angst voor verantwoordelijkheid en zelfstandigheid'. Deze laatste vier patronen kunnen op hun beurt andere patronen activeren, zoals patronen van ziekten of tegenslagen. Angst voor het leven of voor zelfstandigheid activeert nogal eens ziekten die iemand zijn hele leven afhankelijk maken van anderen, zoals b.v. schizofrenie.
 
Een klacht kan ook ineens ontstaan doordat er een nieuwe ziel binnenkomt; een ziel van iemand die pas gestorven is of een ziel die al een tijdje ronddoolt. Meestal zijn de zielen die zich aan personen vasthechten negatief geladen. Als ze bij iemand binnengaan, brengen ze hun patronen mee en zorgen ze voor de start van problemen. Met de LTA-techniek kan niet vermeden worden dat er een ziel binnenkomt. Bij iemand die voldoende therapie ondergaan heeft, zal de vanzelf afpellende kracht ervoor zorgen dat de patronen van een binnengedrongen ziel op korte of langere termijn afgebroken worden. Zodat ontstane klachten weer verdwijnen en de ziel de persoon weer verlaat. Een ziel die zich aan iemand vastgehecht heeft kunnen we met de LTA-techniek weer verwijderen, maar we moeten er wel voor zorgen dat de nodige patronen afgepeld worden voor de ziel loskomt. Zoniet gaat ze zich vasthechten aan iemand anders en krijgt die persoon last van klachten. Het komt ook dikwijls voor dat een ziel die zich vastgehecht heeft heel gemakkelijk kan verwijderd worden, door een traumatisch voorval bij de ziel te ontladen. Soms is dit maar enkele minuten werk en kan de ziel loskomen. Zodra de ziel loskomt, zal ze normaal incarneren. Indien een ziel bij mij probeert binnen te komen, wordt die op afstand gehouden door mijn deelzielen. Maar dit is nog maar enkele jaren het geval. Daarvóór kon een ziel ook bij mij nog binnenkomen.
 
De persoonlijkheid en levensomstandigheden worden voornamelijk bepaald door de patronen en energieën die initieel rond de persoon aanwezig zijn vanaf de geboorte. Maar, in de loop van het leven kunnen we kopieën maken van patronen van anderen uit onze omgeving. Daarmee bedoel ik niet iets navolgen door het zien van een voorbeeld, maar het werkelijk nemen van een kopie, zoals we een blad papier kopiëren, zodat we twee exemplaren hebben. Ik weet nog maar weinig van dit mechanisme af. Zo kreeg ik op een bepaald moment regressietherapie in Engeland. Opeens kwamen daar voorvallen uit het leven van Hendrik VIII naar boven. Ik kreeg regressietherapie in de U.S.A. en daar kwamen voorvallen naar boven i.v.m. de Ku Klux Klan. Ik heb dus waarschijnlijk gegevens gekopieerd van mensen in die landen. Terwijl ik op afstand werkte op een man, zag ik een voorval uit zijn kinderjaren waarbij zijn vader zijn moeder sloeg. Op dat moment werd van het patroon 'de vader slaat de moeder' een kopie genomen, dus bij die man was vanaf het moment van die gebeurtenis dit patroon in materievorm in zijn onderbewustzijn aanwezig.
 
De inhoud van patronen kan heel radicaal zijn, terwijl in werkelijkheid een situatie of gedrag zich in mindere mate voordoet. Er kan b.v. een patroon aanwezig en actief zijn met de inhoud: 'je zult altijd drinken', dit terwijl de persoon slechts nu en dan drinkbuien heeft. Een patroon wordt tegengesproken door andere patronen en door de energieën waardoor het niet altijd zo sterk werkt als de inhoud vooropstelt. Een patroon van 'armoede' b.v. is bij veel mensen aanwezig die geen echte armoede kennen, maar die het financieel toch ook niet al te breed hebben. Het patroon 'armoede' wordt minder krachtig gemaakt door de inhoud van andere patronen en energieën.
 
 

Hoofdstuk twaalf
Zelfbehandeling
 
De LTA-techniek is fantastisch in die zin dat elke klacht snel of trager verholpen kan worden. Er is echter een nadeel verbonden aan deze methode: het vraagt heel wat uren behandeling om sommige zaken te veranderen, aangezien het om enorme hoeveelheden materie gaat die afgebroken moeten worden. Bovendien vraagt het veel tijd om therapeuten te vormen met een hoog niveau. Er zijn zes miljard mensen in de wereld en nog veel meer miljarden dieren die bevrijd moeten worden.
Gelukkig is het geen lange weg om een beginnend niveau als therapeut te behalen. Als dit alleen al op grote schaal toegepast zou worden, zouden er toch al thema's bewegen die tot nu toe totaal niet te verhelpen zijn.
 
Er is ook al resultaat door gewoon contact met een therapeut met een hoog niveau, omdat de energieën van de therapeut automatisch patronen afbreken bij iemand met wie hij in contact komt. Zo kunnen mensen ook resultaten behalen door zich een bepaalde tijd per dag te concentreren op een therapeut met een hoog niveau. Als mensen aan elkaar denken, dan hebben hun patronen of energieën contact met elkaar. Als mensen dus aan een LTA therapeut denken, verplaatsen zijn of haar therapeutische energieën zich naar hen. Ze moeten weten wie de therapeut is en bij voorkeur een foto van hem of haar hebben om zich gemakkelijker een beeld te kunnen vormen van de therapeut. Ook moeten ze vragen om energie te ontvangen. B.v. 'Zend mij energie en help mij met mijn eetzucht'. De energieën van de therapeut verplaatsen zich naar de persoon die aan hem of haar denkt en breken patronen van diverse thema’s tegelijk af. Iemand kan dit ook doen voor een ander, b.v. voor een eigen kind of voor een dier. In dat geval trekken de energieën naar de persoon die het contact maakt met de therapeut en naar de persoon voor wie hij hulp vraagt, en werken ze op beiden tegelijk. Ik noem dit de 'zelfbehandeling'. Een nadeel van deze techniek t.o.v. de behandeling op afstand door een therapeut is dat er niet gericht op een thema gewerkt kan worden. Iemand kan wel vragen: 'Zend mij energie en help mij met mijn eetzucht', maar dat betekent niet dat het patroon van eetzucht geraakt zal worden. Een persoon formuleert de dingen op deze manier om gemakkelijker zijn aandacht bij het proces te kunnen houden. Ook al vraagt de persoon: help mij met probleem x, y, z, dan nog zullen de eerst beschikbare thema's in het onderbewustzijn eerst aan bod komen, en niet in de eerste plaats de gevraagde onderwerpen.
 
Iemand die op die manier resultaten probeert te behalen, doet er goed aan een dagboek bij te houden om beter te kunnen volgen wat er beweegt. Mensen zijn zich niet altijd bewust van veranderende persoonlijkheidstrekken, zeker niet als ze vooral van een bepaald probleem verlost willen worden. Als iemand b.v. hulp vraagt en daarbij vooral aan geld denkt, zal hij de neiging hebben te denken dat er niets veranderd is, aangezien hij nog altijd niet rijk is. Maar bij iedereen, of die nu op afstand behandeld wordt of met de zelfbehandeling werkt, veranderen karakterpunten en sommige lichamelijke klachten sneller dan financiële situaties. Mensen moeten zichzelf heel erg in de gaten houden, op elk gebied. Vóór iemand start met deze vorm van therapie, is het interessant om een vragenlijst te beantwoorden, om een overzicht te hebben van de begintoestand en om de vooruitgang gemakkelijker te kunnen evalueren. Deze vragenlijst is terug te vinden op de website over LTA persoonlijke ontwikkeling.
 
Door deze manier van werken kunnen mensen op grotere schaal geholpen worden zonder dat een therapeut er ook maar enige moeite moet voor doen en zonder dat het geld kost. De therapeut heeft er geen last van. Hij voelt hoogstens dat energieën ergens heen trekken. Het is echter jammer genoeg niet voor iedereen even gemakkelijk om de zelfbehandeling toe te passen. Sommige mensen kunnen zich moeilijk concentreren. Sommigen hebben lichamelijke gewaarwordingen terwijl ze het doen, anderen voelen niets, ook al werkt de methode en worden er toch heel wat goede resultaten mee bereikt. Als men niets gewaar wordt terwijl men het toepast en men geen anderen kent die het ook doen en men niet onmiddellijk veranderingen voelt, is het niet altijd gemakkelijk om ermee door te gaan.
De zelfbehandeling is minder krachtig dan de behandeling op afstand door een therapeut, maar geeft desondanks bij veel mensen goede resultaten.
 
Een tweede manier om op grotere schaal te werken, is therapie in groepsverband. Met de LTA-techniek kan een therapeut op enkele cliënten tegelijk op afstand werken, maar als ze aanwezig zijn, kunnen duizenden mensen tegelijk behandeld worden. De therapeut kan de patronen van alle personen in de groep voor hem, voor en boven zich naast elkaar op een lijn plaatsen en een straling produceren naar die patronen om ze te breken. Een nadeel is natuurlijk dat mensen zich moeten verplaatsen, telkens voor een paar uur behandeling.
 
 
 
Hoofdstuk dertien
Diverse wetenswaardigheden
 
De materie waaruit de patronen bestaat, de deelzielen en energieën hebben diverse kleuren. De deelzielen hebben de meest diverse vormen, zoals een draad, een bol of een plat vlak met vertakkingen, een driehoek, puntjes, een mensachtige vorm enz Voorbeelden van vormen zijn te zien op de tekening over de deelzielen. De energieën bestaan uit groeperingen van stipjes of uit een waas of gloed. Per type energie bevinden die zich dan op meerdere locaties rond de persoon. De materie van de patronen is niet één grote massa, maar bestaat uit diverse stukken. Zo kan angst uit de volgende stukken bestaan: een ronde oranje bol in de maag van 20 cm; een grote, bruine, gekartelde vorm achter de rug; een zware zwarte massa van twee meter doorsnede onder de voeten; een geel ovaal van 80 cm in de buurt van Afrika enz. (De materie hangt heel ver rond mensen).
 
Een ziel neem ik uitsluitend waar als wit of doorschijnend, maar dat is wellicht het gevolg van een blokkade bij mij die ervoor zorgt dat ik een ziel niet in kleur kan zien. Ik heb ooit roze gekleurde zielen waargenomen bij het bekijken van voorvallen uit voorbije tijden (bij regressietherapie). Misschien zullen andere mensen - die zielen kunnen waarnemen - ze in diverse kleuren zien. Een ziel is meestal bolvormig, met een diameter van ongeveer 30 cm, maar ze kan ook groter of kleiner zijn. Bij mensen en dieren in de trage groep zijn de zielen groter dan in de snelle groep. Soms kun je de aanwezigheid van een ziel voelen, maar geen duidelijke vorm waarnemen, of enkel een stip of vlek. Ik heb ooit zielen waargenomen die uitzetten en kleiner werden. Een ziel kan ook ovaal zijn, of ovaalvormig met een punt onderaan, of ze kan overgaan in een wolkachtige toestand. Ze kan overgaan van de ene vorm in de andere. Ze hoeft geen afstanden te overbruggen, ze is waar ze denkt dat ze is. Zo heb ik eens een ziel (eigenlijk één van de zielen) waargenomen van iemand die drie maanden daarvoor gestorven was. Ineens was die in de kamer, drie meter vóór mij op gezichtshoogte. Ze was ovaalvormig (35 cm hoog, 25 cm breed) en intens wit. Een ogenblik later was ze gewoon weer weg. Soms kun je je ook gewoon bewust zijn van een ziel op een zekere locatie, zonder dat je echt een vorm ziet. In dat geval is het meer een aanwezigheid die je voelt, een soort energie die je vaag waarneemt.
 
De inhoud van de patronen en de kwaliteiten van de deelzielen en de energieën ervaren we als van onszelf, ook al behoren ze tot iets dat zich rond ons bevindt. Iemand die een gevoel van jaloezie ervaart, voelt eigenlijk de jaloezie die zich in het patroon bevindt. Als iemand een bijzonder ontwikkeld sporttalent heeft, zoals turnen op de balk, waarbij de turner zich van de ene balk naar de andere zwiert en de meest complexe bewegingen kan uitvoeren, dan is er in dat geval een deelziel buiten het lichaam die het lichaam stuurt en die de controle over het lichaam regelt. Wij echter nemen die controle waar alsof ze van onszelf komt. De kennis van een deelziel nemen we waar als onze kennis. Een deelziel die geniet, bemerken we als wijzelf die genieten. Een gevoel van liefde of medelijden dat voortkomt uit de energie 'liefde' of de energie 'medelijden', ervaren we als dat het uit onszelf voortkomt.
De straling die ik produceer naar de patronen vóór mij terwijl ik op afstand werk, wordt voortgebracht door de deelzielen; ik neem dat echter ook zo waar. Er zijn mensen die het gevoel hebben dat er iets is dat hen helpt en leidt. Dat kan een gevoel zijn uit patronen, maar het kan ook het resultaat zijn van een deelziel die inderdaad helpt en leidt. In dat geval bemerkt iemand de deelziel als een apart deel en niet als zichzelf.
 
De diverse zielen in één lichaam voelt iemand niet als aparte onderdelen. Interesse voor sport kan tot één ziel behoren en goedheid tot een andere, maar het voelt allemaal als één geheel aan. Een ziel is geprogrammeerd om in ieder leven hetzelfde te herhalen, maar aangezien de combinatie van zielen in een lichaam per leven verschilt, zullen levens per incarnatie toch variëren. Een ziel b.v. die bij de dood loskomt van een lichaam waarin alleen zielen aanwezig waren met patronen van zware armoede, zal in een volgend leven in combinatie met zielen die minder zwaar geprogrammeerd zijn om armoede te lijden, een minder hard leven hebben. De verschillende zielen die zich in een lichaam bevinden, komen los bij de dood en gaan op verschillende plaatsen incarneren, bij verschillende mensen of dieren. De zielen die binnenkomen bij een foetus, komen van diverse plaatsen op deze planeet of uitzonderlijk uit het heelal. Misschien is er een patroon aanwezig dat ervoor zorgt dat bepaalde zielen samenkomen in een lichaam. Misschien is er een patroon aanwezig dat ervoor zorgt dat om een bepaalde tijd weer dezelfde zielen tezamen incarneren in een lichaam. Een ziel kan ook incarneren in een reeds opgegroeid lichaam. Dan komen er in dat geval bij een persoon nog een of meerde zielen bij in de loop van het leven. Misschien zijn er zielen die nooit incarneren in het lichaam van een foetus maar altijd in een oudere persoon, een kind, puber of volwassene.
 
In de mens en in de hoger geëvolueerde dieren zitten dezelfde zielen, maar bij dieren zijn de zielen doorgaans (niet altijd) meer onderdrukt door intelligentie onderdrukkende patronen dan de zielen die in mensen incarneren. Ze zijn ook geprogrammeerd om in een bepaald lichaam, bv. dat van een hond, te incarneren. Zielen incarneren meestal in dezelfde soort, zoals hondachtigen, katachtigen, slangen, enz., maar sommige zielen gaan ook wel eens over naar een andere soort. Zielen die meestal in dieren incarneren, kunnen ook wel eens in mensen incarneren. Zo heb ik ooit bij een paard een ziel gevoeld die daarvoor in het lichaam van een mens verbleven had. Die ziel bezat een hoge intelligentie. Mensen met een zeer lage intelligentie of een mentale achterstand hebben dikwijls heel veel zielen bij zich die eigenlijk geprogrammeerd zijn om in dierenlichamen te incarneren. Er kunnen bij die mensen ook patronen aanwezig zijn die ervoor zorgen dat de hersenen zich niet normaal ontwikkelen tijdens de vorming van de foetus. Dat kan zich voordoen bij lichamelijk en mentaal gehandicapten, autistische mensen met een mentale achterstand en misschien ook bij mongoloïde mensen, bij wie dan op basis van patronen een afwijking in de chromosomen ontstaat. De behandeling van dieren met de LTA-techniek is dezelfde als bij mensen.
 
Wanneer we de zielen bij iemand voelen, of tijdens het werken op afstand, kunnen we wel eens een ziel vinden die van een ander deel van het heelal komt. Zo kunnen we een idee krijgen hoe het er elders in het heelal aan toe gaat (op de meeste plaatsen nog erger dan hier: onderdrukking, competitie, jaloezie, egoïsme, bizarre gebruiken en bizarre religies. Er zijn ook andere plaatsen waar er meer liefde is dan hier en waar er technieken voor persoonlijke groei toegepast worden). Bij het bekijken van voorbije tijden in iemands onderbewustzijn, krijg je ook heel veel informatie over andere delen van het heelal, al gaat het dan om lang vervlogen tijden.
 
De verschillende zielen die in een mens of dier incarneren, bevinden zich in en rond het lichaam. Een voorbeeld hiervan kun je zien op de tekening over de zielen. Bij lager ontwikkelde dieren, zoals muizen, zijn de zielen kleiner en minder intelligent dan de zielen die bij de mens incarneren. Het lijkt alsof de zielen bij deze dieren kleine stukjes zijn die afgespitst zijn van andere zielen. Ze hebben een zeer laag bewustzijnsniveau, ze zijn zich weinig bewust van dingen of van het feit dat ze leven, ze volgen de programmering van de patronen, ze leven grotendeels als een robot. Bij vogels is er eenzelfde ziel als bij de mens. Bij vissen, haaien, planten, spinnen, insecten is er geen ziel. Enkel een levenskracht met een programma errond dat het lichaam stuurt. Zo zijn ziekten en levensduur geprogrammeerd, en ook hoe ze moeten leven, zich voortplanten, zich voeden, of vluchten bij gevaar. Bij insecten die uit een grote kolonie bestaan, zoals mieren en bijen, is er één ziel of deelziel van de een of andere ziel in het heelal of in de wereld die de hele groep stuurt.
 
Zielen hebben een patroon dat bepaalt welk geslacht ze aannemen. Een ziel die geprogrammeerd is om vrouw te zijn, zal meestal in elk leven in een vrouwenlichaam incarneren. Er zijn ook zielen die de twee geslachten aannemen. Bij de dood komen er veel zielen vrij. Sommige zijn geprogrammeerd om zich te voegen bij iemand van de volgende generatie: een kind of kleinkind, iemand in de buurt of iemand die veraf woont. Andere blijven wat ronddolen en incarneren dan in een nieuwe foetus of hechten zich vast aan een persoon. De rest incarneert vrijwel onmiddellijk in een nieuw lichaam, in een tijdspanne van één seconde. Zielen van dieren die sterven, kunnen zich ook wel eens aan mensen vasthechten en omgekeerd.
 
De zielen van iemand die stervende is, komen reeds een dag vóór het moment van de dood van het lichaam los. In de loop van die dag (of dagen misschien) komen zielen één per één los van het lichaam, tot een tijdje na de dood. Wanneer een mens of een dier plots sterft, bijvoorbeeld bij een ongeval of wanneer ze gedood worden, komen de zielen na het doodsmoment geleidelijk van het lichaam los. Dit proces duurt een bepaalde tijd, ik denk een half uur tot een uur. Ik heb te weinig ervaring met dit fenomeen om er zeker van te zijn dat het steeds zo gebeurt.
 
Naast de zielen in het lichaam is er nog iets anders wat (waarschijnlijk) bij de bevruchting controle over het lichaam neemt en wat het lichaam na de dood verlaat, (waarschijnlijk) na de zielen. Als ik er een naam zou aan willen geven, zou ik het de lichaamsbestuurder kunnen noemen. Dit is iets wat geen bewustzijn heeft, wat geen ziel is, en wat de lichaamsfuncties stuurt. Waarschijnlijk is er één per lichaam aanwezig. Mogelijk kan een lichaam niet levensvatbaar zijn zonder deze lichaamsbestuurder. Zoals er een levenskracht in een plant aanwezig is, die leven geeft aan de plant en zonder dewelke de plant dood is, zo is er een lichaamsbestuurder die leven geeft aan het lichaam van mens en dier. Er bevindt zich geen onderbewustzijn rond de lichaamsbestuurder.
 
Zielen die incarneren komen terecht in milieus met dezelfde patronen of energieën van de ziel. Daarom lijken zoveel dingen erfelijk die het eigenlijk niet zijn. Zielen komen ook terecht in bepaalde milieus, afhankelijk van de inhoud van de patronen die bepalen waar men terechtkomt en van de patronen van de ouders die bepalen welk soort ziel ze aantrekken.
 
Met de LTA-techniek en met regressietechnieken kun je gemakkelijk herinneringen van een laatste dood bovenhalen. Mensen die deze technieken beheersen en er nieuwsgierig naar zijn, kunnen op die manier veel ontdekken over wat er gebeurt na de dood. Ik kan één voorbeeld geven van iemand die sterft en opnieuw incarneert, waarbij de informatie op die manier bekomen is. Een 97-jarige man in Tibet zit op een bank in een weide en voelt zich bijzonder eenzaam en verdrietig. Hij is alleen in het leven. Hij krijgt een plotse pijn aan zijn hart, gaat terug naar zijn eenkamerhutje en gaat op zijn bed liggen. De pijn aan zijn hart wordt intenser en ineens is hij uit zijn lichaam en ziet hij de kamer. Hij heeft op dat moment een intens verdriet over het voorbije, zinloze leven. Opeens is er licht, een zalige vrede en hoort hij belletjes, daarna eensklaps een geruis en het kloppen van iets (van een hart, hij is in een baarmoeder), waarvan hij niet weet wat het is. Het verdriet van het vorige leven is verdwenen. Daarna is hij een kind, een meisje dat niet goed weet wat er gebeurt. De herinneringen aan het vorige leven vervagen.
 
Het licht, de vrede en de belletjes zijn het resultaat van een patroon dat geactiveerd wordt na de dood. Bij mensen die klinisch dood geweest zijn en zich een tunnel, licht, Jezus of tegemoettredende familieleden herinneren, werd het patroon van de tunnel enz. geactiveerd. Dat gebeurt als de ziel het lichaam verlaat. De waarnemingen zijn niet reëel maar wel het resultaat van patronen. Eigenlijk gaat het om hallucinaties. Als iemand die klinisch dood geweest is, later verhaalt over de zaken die hij of zij in de omgeving van zijn lichaam gezien heeft, dan gaat dat wel om reële zaken. Een ziel die buiten het lichaam is, bemerkt inderdaad de gebeurtenissen op die plaats. Een persoon die zich met behulp van regressietechnieken een operatie van het lichaam onder algemene verdoving herinnert, kan ook de omgeving en de handelingen tijdens de operatie beschrijven.
 
Bij mensen die klinisch dood geweest zijn, is soms een deel van de zielen van het lichaam losgekomen. Andere zielen kunnen binnengekomen zijn, zodat er nogal eens persoonlijkheidsveranderingen optreden na een dergelijk voorval. Die veranderingen zijn soms ook te wijten aan patronen die door de ernstige toestand geactiveerd werden. Of ook nog door de plotse confrontatie met het feit dat dit leven eindig is en het zich realiseren dat er een voortbestaan na de dood is. Bij lichamelijke zwakheid, pijn of een operatie kunnen zielen mogelijk gemakkelijker binnenkomen dan in een toestand van totale gezondheid.
 
Volgens LTA zitten we in een eeuwige reïncarnatiecyclus; tot nu toe is er geen enkele hoop om daaruit te geraken. Volgens sommige ideeën evolueren we vanzelf doordat we uit ieder leven lessen leren en dat we, als we genoeg levens gehad hebben, vanzelf verlicht worden of uit de reïncarnatiecyclus geraken. LTA gaat hiermee niet akkoord. Die ideeën komen voort uit patronen en zijn geen waarheid. Eenieder die patronen kan waarnemen, kan voor zichzelf vaststellen dat het om patronen gaat. Mensen die men verlicht noemt, hebben naar de normen van LTA maar een heel beperkt niveau bereikt en zijn zeker niet vrij van het programma. Iemand die patronen kan waarnemen, kan dat weer voor zichzelf bevestigd zien. Ideeën uit de new age over lessen leren, karma, gidsen, engelen, lichtwezens, kosmos, goddelijkheid, hier een opdracht hebben, nieuwe tijdskinderen, boodschappen doorkrijgen van hierboven, jonge en oude zielen, Jezus en Boeddha en het Christusbewustzijn, je kiest zelf je ouders, je moet het zelf doen (i.p.v. therapie te krijgen), je mag niet op iemand werken die dat niet weet of dat niet wil enz., komen voort uit patronen.
 
Volgens de visie van de LTA methode kiest iemand niet voor zijn negatieve of minder optimale gedrag. Mensen worden in hun gedrag en overtuigingen gestuurd door patronen en niet door de vrije wil. In het onderbewustzijn zijn er heel wat patronen aanwezig die het voorbestaan van het programma beschermen, die ervoor willen zorgen dat patronen nooit vernietigd worden. Indien iemand geen therapie wil, niet wil veranderen of niet wil geholpen worden, dan komt die wens niet voort uit de vrije wil maar uit een patroon bij deze persoon dat ervoor zorgt dat de patronen blijven bestaan en dat iemand zijn problemen blijft behouden. Indien we met de LTA therapie op iemand werken die dat niet weet of wenst, dan zal deze persoon achteraf toch heel dankbaar zijn dat het probleem opgelost is. Volgens LTA moet iedereen in de wereld (mens en dier) uit het programma gehaald worden, met of zonder hun toestemming. 
Veronderstel dat een magiër of een hypnotiseer met kwade bedoelingen over een techniek beschikt om anderen op afstand te hypnotiseren of een programma in het onderbewustzijn van een ander in te bouwen (dat is trouwens iets wat men daadwerkelijk met (zwarte) magie doet). Veronderstel dat de magiër iets inbouwt waardoor iemand zeer egoïstisch wordt en alleen nog zijn kost wil verdienen door te stelen. De magiër zal hierbij ook inbouwen dat de persoon dit gedrag niet wil veranderen. De persoon met deze inplanting zal nooit geïnteresseerd zijn om aan zichzelf te werken en een beter mens te worden. Het is een goede daad om die persoon – tegen zijn wil in – te bevrijden van de ingeplante programmering die hem tot een egoïst en een dief maakten. Zodra de persoon bevrijd is van de inplanting, zal hij alleen maar heel dankbaar zijn voor de hulp die hij ontvangen heeft.
 
Ik had ooit bij iemand die in opleiding was voor de LTA techniek en die bijzonder gelovig (katholiek) was het volgende figuur waargenomen: een twee meter grote, witte engel met blauwe vleugels. De persoon zelf zag de engel ook (zij kon buitenzintuiglijk waarnemen). Aangezien we de engel met zijn tweeën waarnamen, kon het niet om een hallucinatie gaan. De verklaring hiervoor is de volgende: deelzielen kunnen ook patronen rond zich dragen. Als een deelziel vastzit in een patroon dat haar doet denken dat ze een engel is, dan zal ze de vorm van een engel aannemen. Dit is wat in het voornoemde geval gebeurde.
Wanneer we alle religiepatronen bij iemand verwijderen, zal niemand nog engelen waarnemen, noch als hallucinatie noch als vermomde deelziel. Een persoon vertelde mij ooit dat hij wezens rond zich waarnam en er gesprekken mee voerde. Toen ik hem zei dat die wezens het resultaat waren van de inhoud van patronen en daar niet werkelijk aanwezig waren, kon hij dat niet geloven. In de loop van de LTA-behandeling bleven de wezens weg, zodat hij voor zichzelf het bewijs had dat het om hallucinaties ging. Mensen die boodschappen doorkrijgen van hun gidsen of van hierboven, halen informatie uit hun eigen onderbewustzijn naar boven. Wanneer iemand juiste informatie over iets doorkrijgt, is dat geen bewijs van een boodschap van hierboven, maar van een paranormaal talent dat afkomstig is uit eigen energieën en deelzielen. Dikwijls echter is wat doorkomt onzin. In dit geval is de inhoud afkomstig uit patronen en gaat het niet om een gave. Mensen die gidsen waarnemen, kunnen het hebben over hun eigen deelzielen die ze zien zonder dat te beseffen.
 
 
 
Hoofdstuk veertien
Iets meer over zielen
 
Het kan gebeuren dat mensen die de aanwezigheid van iets bij henzelf of in hun buurt waarnemen, werkelijk zielen waarnemen die zich in hun eigen onderbewustzijn of in hun huis bevinden. Indien men geluiden, geklop, voetstappen e.d. hoort in het huis, dan betekent dit dat er werkelijk een of meerdere zielen aanwezig zijn. Men noemt deze zielen klopgeesten. De fenomenen die zich bij klopgeesten voordoen zijn beangstigend voor de bewoners. De klopgeest zelf heeft echter geen kwade bedoelingen. Die zoekt dikwijls hulp of contact of die doet gewoon zijn ding zonder zich bewust te zijn van de bewoners of het feit dat hij een ziel zonder lichaam is. 
Een klopgeest is een ziel die in een huis aanwezig blijft op basis van trauma’s in zijn onderbewustzijn. Voor een LTA therapeut is het heel gemakkelijk om die trauma’s op afstand te verwijderen, waardoor de klopgeest kan loskomen van de plaats waar hij verblijft. Iemand die last heeft van een klopgeest kan telefonisch of persoonlijk contact opnemen met een LTA therapeut. De LTA therapeut kan op afstand de aanwezigheid van de klopgeest waarnemen en kan op afstand de trauma’s die de klopgeest mentaal folteren uit zijn onderbewustzijn verwijderen. Waarna alle geluiden, voetstappen e.d. zullen verdwijnen. Men zal geen aanwezigheid meer bemerken in het huis.
 
Indien iemand gewaarwordingen heeft alsof hij aangeraakt wordt door iets, of alsof er iets over hem heen beweegt e.d., kan dat voortkomen uit een ziel die zich aan de persoon vastgehecht heeft. Een voorbeeld hiervan is iets wat ik daadwerkelijk behandeld heb. 
Een vrouw had het gevoel dat iets over haar heen gleed als ze in bed lag, en ze voelde dat iets haar in haar hals kuste. De vrouw kwam bij mij op consultatie om te achterhalen wat de oorzaak was van de verschijnselen. Ik zocht in haar onderbewustzijn rond haar naar de aanwezigheid van aangehechte zielen. Ik voelde een ziel en ik zag beelden van een voorval uit het jaar 1253 waarbij een bruid en bruidegom hun huwelijksfeest vierden. Er waren een 30-tal genodigden en er was een feest aan de gang in open lucht, op een weide. Er kwamen ruiters te paard aangereden met zwaarden die alle leden van het gezelschap vermoordden. De bruidegom werd zijn hoofd afgehakt. 
Toen dit voorval ontladen was (door het bekijken van de beelden breken deze, d.w.z. de materie waaruit de beelden zijn opgebouwd breekt, waardoor het voorval vernietigd is en geen effect meer kan hebben), voelde ik de ziel (die de bruidegom was geweest) loskomen van de vrouw. Daarna kreeg de vrouw erge pijn in haar borst. Ik zocht verder naar zielen bij haar en vond een volgende ziel die doodgestoken was met een lans. Bij het breken van dit voorval kwam deze ziel los van de vrouw. Daarna kreeg de vrouw pijn in de benen. Ik vond een volgende ziel van een man wiens benen afgehakt waren. Ik vond daarna nog meerdere zielen die nog mentaal vastzaten in het traumatisch voorval dat ze meegemaakt hadden en die dit voorval nog steeds beleefden. Bij het vernietigen van het voorvallen kwamen de zielen los. Een ziel die mentaal vastzit in een traumatisch voorval, van de dood of een ander voorval uit het leven, beleeft dat voorval nog steeds in de tegenwoordige tijd. Een dergelijke ziel is zich niet bewust van de realiteit. In het geval van het voorval uit 1253 waar een dertigtal mensen vermoord werden, waren de zielen van de meeste aanwezigen tot een cluster samengeklit en deze cluster van zielen heeft zich aan de ziel van de bruid vastgehecht. De vrouw die bij mij op consultatie kwam, was de reïncarnatie van de bruid. Zielen die een gezamenlijk traumatisch voorval beleefd hebben, kunnen samenklitten tot een cluster. 
 
In het onderbewustzijn bevinden zich de verschillende zielen die geïncarneerd zijn en ook zielen die zich in dit of in een vorig leven aan een van de geïncarneerde zielen vastgehecht hebben. Daarnaast zijn er in het onderbewustzijn ook nog grote aantallen (miljarden en veel meer dan dat) clusters van samengeklitte zielenaanwezig die door een gemeenschappelijk thema met elkaar verbonden zijn en die aan een geïncarneerde ziel zijn vastgehecht.  Deze clusters zijn al immens lang aan de geïncarneerde ziel vastgehecht en de zielen die tot zo’n cluster behoren, zijn bedolven onder grote hoeveelheden patronen. Deze zielen zijn niet bewust, ze verkeren in een verdoofde toestand.  Deze clusters bevatten enkele tot grote aantallen (miljarden) zielen. Het kan echter ook gaan om enkelvoudige, onbewuste zielen die al heel lang aan de geïncarneerde ziel zijn vastgehecht en die onder grote hoeveelheden patronen bedolven zijn.  Deze clusters of enkelvoudige zielen worden zichtbaar tijdens het afpellen van patronen. Als er genoeg patronen afgepeld zijn, breken de clusters open en komen deze zielen los van de persoon (dus van de ziel waaraan ze vastgehecht waren) en gaan ze ergens incarneren.  Als het om een enkelvoudige ziel gaat, komt die eveneens los zodra er voldoende patronen afgepeld zijn.
 
Een ander voorbeeld van een ziel die zich aan een andere ziel had vastgehecht.
Een jonge vrouw vertelde mij dat ze sedert haar grootmoeder gestorven was, 14 jaar daarvoor, heel veel tegenslag gehad had, dat ze een ellendig leven had gehad en dat ze zich heel geblokkeerd voelde. De vrouw was ervan overtuigd dat haar grootmoeder bij haar aanwezig was, want die verschijnselen waren onmiddellijk na de dood van haar grootmoeder begonnen. Ik was eerst nogal sceptisch, want de verschijnselen die de vrouw had, hadden ook kunnen voortkomen uit patronen. Ik ging in haar onderbewustzijn op zoek naar een ziel die zich zou vastgehecht hebben. En inderdaad, er was een ziel. Een dergelijke ziel verwijderen is meestal zeer gemakkelijk en is maar vijf minuten werk. Ik kon de ziel voelen en voelen wat haar bezighield. Op die manier braken patronen en trauma’s bij de ziel en kwam ze los. De vrouw voelde onmiddellijk veranderingen bij zichzelf. Nadien berichtte ze me dat haar leven fundamenteel veranderd was, dat dingen weer goed gingen, dat alle narigheid verdwenen was. 

Bij de vrouw bij wie ik verschillende zielen losmaakte, deed ik dit door de materie waaruit het traumatische voorval opgebouwd was, te breken. Deze materie breekt door het voorval te bekijken. Indien er bij iemand tijdens een sessie regressietherapie beelden of pijnlijke gevoelens - al dan niet van een vorig leven - naar boven komen, dan zullen deze beelden of pijnlijke gevoelens (of eigenlijk de materie waaruit ze bestaan) breken door zich deze te herinneren.  Als een cliënt zich de beelden of gevoelens herinnert, heeft dit hetzelfde effect als wanneer ikzelf de beelden of gevoelens bij een cliënt waarneem. In beide gevallen wordt de materie waaruit deze beelden of gevoelens opgebouwd zijn, verbrijzeld.  Daarna zijn de pijnlijke herinneringen niet meer aanwezig in het onderbewustzijn en kunnen ze geen negatieve invloed meer uitoefenen.  Indien opgeslagen informatie op identiek dezelfde manier herinnerd of waargenomen wordt zoals die zich in het onderbewustzijn bevindt, zal de materie breken.  Indien de informatie niet voor 100% op dezelfde manier wordt waargenomen, breekt de materie niet.  Ik heb er geen idee van waarom dit zo gebeurt, dat is iets om uit te vissen voor een natuurkundige die ook de LTA therapie beheerst.
 
 
 
Hoofdstuk vijftien
Technieken voor persoonlijke groei in de wereld
 
Mensen zoeken naar de zin van het leven. Volgens mijn visie heeft het leven zoals we het leven op de planeet aarde geen enkele zin. Geboren worden en weer moeten sterven en in de tussentijd een leven lang moeten werken om in ons levensonderhoud te voorzien, met voor veel mensen in de wereld tal val moeilijkheden in de loop van dit proces, heeft geen enkele zin. Eeuwig reïncarneren en in de diverse levens ellende meemaken heeft geen zin. Gedwongen op een planeet rondlopen met slechts een miljoenste van onze mogelijke capaciteiten heeft evenmin zin. Dus volgens deze opvattingen heeft het leven op deze planeet geen zin. We kunnen enkel proberen er het beste van te maken, zolang we door het programma onderdrukt zijn en ernaar streven om eruit te geraken.
Grote filosofen uit het verleden hadden zo hun ideeën over het leven en over de zin of onzin van het leven. Zij hebben echter niet meer dan de inhoud van hun patronen op papier gezet en al die filosofie heeft verder weinig waarde. Haal mensen uit hun patronen en ze bezitten allemaal de echte, juiste filosofie (Truth). De profeten die in het verleden het woord van God doorkregen, verhaalden enkel hun eigen onbewuste materie. De grote religieuze boeken die zogezegd het woord van God verkondigen, vertolken niet meer dan de informatie uit iemands patronen. Mensen die in het verleden visioenen hadden waarbij ze een boodschap van God ontvingen, werden bestempeld als profeten. Tegenwoordig zouden we hen schizofrenen noemen.
 
Bestaande disciplines voor geestelijke evolutie hebben zo elk hun eigen verklaring voor de zin van het leven en proberen in te grijpen met bepaalde technieken op minder optimale toestanden. Volgens mijn visie kan men met deze technieken slechts de bovenste lagen van het onderbewustzijn raken en kleine stukjes van patronen afbreken en zijn deze technieken beperkt in wat ze kunnen bereiken. Ook al is men er een heel leven mee aan de gang, dan nog is er slechts een heel klein deel van het programma afgepeld, als een druppel in de zee, en begint iedereen opnieuw in een volgend leven. Alhoewel er zeker bepaalde resultaten mee behaald worden en er vooruitgang is, zijn deze technieken te zwak om alle ellende uit de wereld te krijgen. Al pas je een gans leven meditatietechnieken toe waarmee je stukjes van patronen afpelt, dan nog zijn het enkel de bovenste lagen die verwijderd worden. Iemand die patronen kan waarnemen, kan dit voor zichzelf vaststellen. Als je patronen kunt waarnemen kun je vaststellen dan een patroon dat een probleem veroorzaakte, nog steeds in het onderbewustzijn aanwezig is, ook al is het probleem op dat moment niet meer aanwezig in het leven van een persoon. Het is uitsluitend door onafgebroken therapie met een techniek waarbij de patronen ook onafgebroken vanzelf afpellen, dat het mogelijk is om de grote hoeveelheden materie van de patronen helemaal te vernietigen. De patronen in ons onderbewustzijn zijn heel groot in aantal, bestaan uit enorme hoeveelheden materie en reiken tot ongelofelijke dieptes.
Mensen die een toestand van verlichting bereikt hebben, volgens de visie van bepaalde filosofische disciplines, hebben volgens de visie van LTA maar een eerste etappe bereikt. Er is – volgens mijn visie – ook voor verlichte mensen in de wereld nog een lange weg af te leggen eer ze uit alle patronen bevrijd zullen zijn.
 
Volgens mijn visie zitten we al een eeuwigheid in het programma en zijn we er al in een eeuwigheid niet uitgeraakt. Bij het bekijken van lang vervlogen tijden bekijken (voorbije tijden die zich in het onderbewustzijn bevinden, geen vervlogen tijden in de geschiedenis van de mensheid), kunnen we vaststellen dat allerhande therapieën er altijd al geweest zijn, maar toch zijn we nog niet bevrijd uit de patronen. Wanneer men met alternatieve behandelingen resultaten haalt, in die zin dat een klacht opgelost of verbeterd is, dan is het patroon ofwel gedesactiveerd of er is een stukje van de bovenste lagen afgepeld. De diepere lagen zijn in rust gegaan of waren niet actief in de eerste plaats. De diepere lagen zijn niet afgepeld en zullen later in het leven of in een volgend leven weer de kop opsteken
.
Sommige paranormale technieken of paranormaal begaafde mensen geven energie aan een persoon waardoor hij of zij zich tijdelijk beter voelt. Deze technieken hebben zeker hun waarde, maar er zijn geen patronen afgepeld. De oorzaak van een probleem is nog steeds aanwezig in het onderbewustzijn. Er zijn paranormaal begaafde mensen die iets bij iemand kunnen inplanten, zodat patronen niet meer actief zijn, maar weer zijn ze niet afgepeld.   Met technieken van magie kan men iets inplanten in het onderbewustzijn van een ander. Met witte magie streeft men naar een verbetering voor de cliënt, met zwarte magie wil men iemand vernietigen. Ik weet weinig af van magie, maar één ding weet ik en dat is dat zwarte magie werkt. Ik beschik niet over de aanleg om zwarte magie toe te passen op iemand, maar ik kan wel zien wat er bij iemand ingeplant is, ik weet hoe vernietigend het is en ik kan het verwijderen. 
Volgens mij moet je als zwarte magiër geboren zijn om echt goed te zijn. Je kunt technieken van zwarte magie aanleren, waardoor je wel iets zult bereiken. Maar volgens mij heb je het al dan niet in aanleg, wat bepalend is voor de resultaten. Een zwarte magiër die met de aanleg voor het toepassen van zwarte magie geboren is, heeft patronen die ervoor zorgen dat hij echt iets bereikt met wat hij doet (iets inplanten bij anderen om hen schade te berokkenen). Een zwarte magiër heeft een patroon dat ervoor zorgt dat het echt werkt wat hij doet. Hij heeft deelzielen die onder patronen zitten om vernietigende zaken bij andere mensen te veroorzaken. Deze deelzielen kunnen zich kunnen inplanten in het onderbewustzijn van een persoon. Zij kunnen negatieve zaken veroorzaken in het leven van een persoon bij wie ze ingeplant zijn. Bij zwarte magie worden er ook vernietigende ideeën ingeplant. 
Wat ik doe als ik zwarte magie verwijder, is het verwijderen van deelzielen en concepten, of wat dan ook dat ingeplant is bij een persoon. Ik kan zwarte magie altijd verwijderen, ik kan echter niet beletten dat de magie opnieuw wordt ingepland. Het feit dat men slachtoffer is van zwarte magie in de eerste plaats wordt veroorzaakt door een patroon. Enkel door het vernietigen van dat patroon zal de zwarte magie stoppen.
 
Systemen van positief denken, waarbij men dingen die men wil bereiken gaat visualiseren of affirmeren (positieve zinnen zeggen en eindeloos herhalen), geven mensen hoop maar breken geen patronen af. Men krijgt tijdelijk moed omdat men denkt dat er een oplossing komt en men behaalt enige verbetering door een positieve manier van denken. Maar toch kunnen dergelijke technieken de zaken niet echt veranderen, want de patronen die alles veroorzaken blijven aanwezig.
De overtuiging dat gedachten gebeurtenissen veroorzaken, is verkeerd. Zo zullen sommige mensen beweren dat bepaalde zaken op een zekere manier verlopen omdat men negatief denkt. Het zijn echter de patronen die dat veroorzaken en de gedachten zijn het resultaat van de patronen. Gedachten zijn niet in staat om iets te veroorzaken. Als dat zo zou zijn, dan zou je maar in positieve zin hoeven te denken en je zou er alles mee kunnen bereiken. Als dat zo zou werken, zou alle ellende al verdwenen zijn uit de wereld. 
Indien iemand negatief denkt maar toch geen patronen heeft die de dingen negatief sturen, dan zullen er geen negatieve zaken gebeuren. Als iemand heel positief denkt en patronen heeft die de dingen negatief sturen, dan zullen er negatieve zaken gebeuren.
 
In veel therapiekringen leeft het idee dat wanneer er een probleem is, er iets in de kinderjaren of in een vorig leven gebeurd moet zijn dat die situatie veroorzaakt heeft. Voorvallen uit vorige levens zijn meestal geen oorzaak van iets, patronen zijn de oorzaak. Een voorval uit de kinderjaren of wanneer dan ook in het leven, kan inderdaad niet-actieve patronen activeren en kan de start zijn van een klacht. Door het zich opnieuw herinneren van dat voorval of van een voorval uit een vorig leven, kan een patroon gedesactiveerd worden en verdwijnt het probleem. Wanneer men bepaalde klachten heeft, is er dikwijls niets gebeurd in de kinderjaren of in een vorig leven, de persoon zit gewoon zo in elkaar. Als iemand b.v. een angstige natuur heeft, dan komt dit niet voort uit dingen die vroeger gebeurd zijn. De persoon heeft een angstige aanleg omdat hij zo geboren is. De patronen in zijn onderbewustzijn maken hem tot een angstig iemand. Iemand kan b.v. denken: ik heb in dit leven angst voor water omdat ik in een vorig leven verdronken ben. De ware oorzaak van die angst voor water is echter een patroon dat angst opwekt en er is geen vroegere dood door verdrinking.
Tijdens regressietherapie waarbij men naar vorige levens teruggaat, komen tal van gebeurtenissen en beelden naar boven. De therapeuten en cliënten maken de fout onmiddellijk te veronderstellen dat het om een vorig leven van de cliënt gaat. Naast de zielen die nu bij de persoon geïncarneerd zijn, zijn er duizenden zielen die zich in de loop van dit leven of in vorige levens aan hem of haar vastgehecht hebben. Wanneer er beelden naar boven komen uit vorige levens, gaat het meestal om materiaal uit voorvallen die tot die zielen behoren en niet tot de zielen van de persoon zelf.
 
 
 
Hoofdstuk zestien
Fabrikaat - entiteiten

Berichtgeving in de krant
Woensdag 20 februari 2008

De zelfmoorden in Bridgend: “Ik ben diep geschokt. Waarom doen jongeren hier zoiets?”
Een levendig en onbezorgd 16-jarig meisje is de laatste jongere uit de omgeving van Bridgend die zelfmoord pleegde.

Jenna Parry is de 17de jongere die zich van het leven beroofde sinds januari 2007.
De politie hield vol dat er geen verband was tussen de 17 overlijdens in de voorbije 13 maanden en dat er geen bewijs was van een zelfmoordpact of een internetrage.
 
Jenna overleed precies twee dagen nadat een nicht en een neef na enkele zelfmoordpogingen stierven. Kelly Stephenson (20) werd tijdens een familievakantie dood teruggevonden in een badkamer. Enkele uren voordien had ze gehoord dat haar 15-jarige neef Nathaniel Pritchard zich had verhangen. Beiden woonden op slechts enkele huizen van elkaar in Bridgend.
 
Er werd gisteren gezegd dat Paul (44), de vader van Jenna, teveel ontdaan was om over de dood van zijn dochter te spreken. Enkele vrienden van de tiener hebben haar echter hulde gebracht.
 
D. J. (20) zei: “Het was een enorme schok. Ze was zo levendig en zorgeloos; ik kan me niet voorstellen waarom ze zelfmoord zou plegen. Ze hield van vlinders en ze was heel meisjesachtig. Ze hield van pop- en dansmuziek. Ik heb gisteren nog met haar gesproken en ze leek me normaal, alles prima in orde. Ik kan er met mijn verstand niet bij waarom ze zoiets heeft gedaan.”
 
L. J., de moeder van de beste vriendin van Jenna, voegde eraan toe: “Ze had alles om voor te leven, dit is zo verschrikkelijk. Ik kan het niet begrijpen wat er hier gaande is.”
Ook M. B., de 61-jarige veiligheidsagent die het lichaam van Jenna vond, denkt precies hetzelfde: “Het was zo’n schok om dat arme jonge meisje aan die boom te zien hangen. Ik ben diep geschokt. Waarom doen de jongeren hier zoiets? Ik kan het echt niet begrijpen. De mensen van mijn generatie kunnen dit alles niet verklaren. Wat is er hier gaande?”
 
De assistent van de politiecommissaris zei gisteren op een persconferentie dat er een herziening van de zelfmoordzaak lopend was. Hij bevestigde dat alle jongeren die zelfmoord in de voorbije 13 maanden zelfmoord hadden gepleegd sociale netwerken zoals MySpace en Bebo hadden gebruikt, maar hij voegde eraan toe:”We hebben geen enkele aanwijzing gevonden van een verband met of een invloed van deze websites. Tegenwoordig gebruiken jonge mensen het internet om met elkaar te spreken en hun gedachten op te tekenen. We hebben vastgesteld dat er kwetsbare jonge mensen zijn en dat zelfmoord plegen voor jonge mensen misschien een aanvaardbare oplossing aan het worden is voor de problemen waar ze mee te maken krijgen".

Dhr M. had kritiek op de verslaggeving van de overlijdens in de media. 
“De mediaverslaggeving beïnvloedt jonge mensen uit de omgeving van Bridgend.”
“Ik heb gemerkt dat er steeds meer sensationele berichtgeving is en dat Bridgend gestigmatiseerd wordt. Het verband tussen de overlijdens is niet het internet, maar de manier waarop de media het nieuws bekendmaakt.

M.M.,
 het parlementslid dat Bridgend vertegenwoordigt in de Labourpartij, zei: “Er is niets glamoureus aan zelfmoord plegen. Het zal hard, moeilijk en pijnlijk zijn voor de families die achterblijven. De media zijn een deel van het probleem en ik vraag hen om een deel van de oplossing te worden. Geef de vrienden en families de ruimte die ze nodig hebben.”
 
De ouders van Nathaniel Pritchard stelden ook de mediaverslaggeving verantwoordelijk voor de dood van hun zoon. Sharon, de moeder van Nathaniel, zei: “De berichtgeving in de media heeft onze zoon het idee gegeven. We hebben onze zoon verloren en de verslaggeving ervan in de media maakte het ongelooflijk moeilijk en nog ondraaglijker voor ons.”
 
 
De slachtoffers
 
Dale Crole (18) werd opgehangen gevonden op 5 januari 2007
David Dilling (19) werd opgehangen gevonden in zijn huis in februari 2007
Thomas Davies (20) werd opgehangen gevonden aan een boom op 25 februari 2007
Allyn Price (21) werd opgehangen gevonden in zijn slaapkamer in april 2007
James Knight (26) werd opgehangen gevonden in zijn huis op 17 mei 2007
Leigh Jenkins (22) werd opgehangen gevonden in juni 2007
Zachery Barnes (17) werd opgehangen gevonden aan een waslijn in augustus 2007
Jason Williams (21) werd thuis opgehangen gevonden op 23 augustus 2007
Andrew O’Neill (19) werd thuis opgehangen gevonden in september 2007
Luke Goodridge (20) werd opgehangen gevonden in november 2007
Liam Clarke (20) werd opgehangen gevonden op 27 december 2007
Gareth Morgan (27) werd opgehangen gevonden op 5 januari
Natashe Randall (17) werd opgehangen gevonden op 17 januari
Angie Fuller (18) werd opgehangen gevonden op 4 januari
Kelly Stephenson (20) werd opgehangen gevonden op 14 februari terwijl ze op vakantie was
Nathaniel Pritchard (15), de neef van Kelly, werd opgehangen gevonden en stierf op 15 februari

----------------------

Ik heb een verklaring voor deze gebeurtenissen. Op het moment van dit schrijven zijn we het jaar 2010.


Naast de patronen is er nog iets anders dat de meest verschrikkelijke drama’s kan veroorzaken, op allerlei gebieden. Dat verschrikkelijke iets is altijd al in de wereld en in het onderbewustzijn van mensen aanwezig geweest, maar de laatste jaren is het veel en veel sterker aanwezig in de wereld. Datgene waar ik het over heb is een soort programmering, maar anders dan de patronen. Je kunt het eerder vergelijken met een entiteit, een ziel. Het is echter geen ziel, maar iets dat samengesteld is, dat gefabriceerd is. Ik heb die dingen dan ook ‘fabrikaat - entiteiten’ genoemd. 

Fabrikaat - entiteiten zijn iets dat zeer kwaadaardig is. Ze dragen een vernietigend programma in zich en veroorzaken de meest uiteenlopende klachten bij mens en dier. Ze zijn iets dat uit de ruimte naar de aarde komt. Ze verlaten een ander deel van het heelal en zijn op zoek naar een leefgebied. Ze zijn iets dat een lichaam van een mens of dier nodig heeft om te overleven. Ze kunnen zich ook aan gebouwen en materiaal vasthechten. Ze veroorzaken tal van pijnen, tal van psychosomatische klachten en zieken. Ze veroorzaken vermoeidheid, slaapmoeilijkheden. Ze kunnen het denkvermogen van mensen verstoren, ze kunnen ervoor zorgen dat mensen de meest eenvoudige mentale en fysieke activiteiten niet meer kunnen uitvoeren. Ze kunnen ervoor zorgen dat mensen geen werk meer kunnen verzetten, er niet meer kunnen toe komen iets te doen. Ze kunnen plotse oppervlakkige of ingrijpende persoonlijkheidsveranderingen veroorzaken. Ze kunnen ervoor zorgen dat mensen zich willen terugtrekken van anderen en zich opsluiten in hun woning. Ze kunnen ervoor zorgen dat mensen zich moeilijk kunnen uitdrukken. Ze veroorzaken de meest ellendige gevoelens, ze veroorzaken intense gevoelens van depressie. Ze drijven mensen tot zelfmoord. Ze zijn verantwoordelijk voor een hoog aantal stukgelopen relaties: bij tot dan toe gelukkige koppels zijn de gevoelens bij één van de partners ineens verdwenen, de andere partner is kapot van verdriet. 
Ze zijn verantwoordelijk voor ongelukken, tegenslagen en allerlei dingen die zeer moeilijk lopen. Het voelt voor mensen waarbij ze zich bevinden aan alsof dingen telkens weer gesaboteerd worden. Ze zorgen voor overgewicht, voor verslavingen, voor agressief gedrag, voor oneerlijk gedrag. Ze zorgen voor stemmen in het hoofd, voor dwangmatig gedrag. Ze veroorzaken moorddadig gedrag. Ze veroorzaken de schietpartijen in scholen van de laatste jaren. Ze hebben in België veroorzaakt dat een jonge man een kindercrèche binnengestapt is met een mes en enkele kinderen en een volwassene vermoord heeft. Deze jongeman heeft deze daad gepleegd onder dwang van deze fabrikaat - entiteiten. 

Er is nog veel meer dan dat. Ze zijn verantwoordelijk voor de meest uiteenlopende verschrikkelijke feiten die zich voordoen.
 
Deze fabrikaat – entiteiten hebben diverse vormen. De meest voorkomende vorm is een bol van 30 cm diameter met poten (zoals ronde tafelpoten) waarmee ze zich vasthechten aan een lichaam. Ze hebben dikwijls spinachtige vormen, een kern met poten. Dikwijls zien ze eruit als wormen, en anders zijn ze een bol of een ovaal.
Ze nestelen zich in het lichaam of bevinden zich vastgehecht aan het lichaam, op een kleine of grotere afstand van het lichaam. Ze dragen, zoals de patronen, meestal één codering in zich, b.v. een gevoel van ‘ellendig zijn’. Uitzonderlijk zijn er meerdere programmeringen in één fabrikaat - entiteit (net zoals bij de patronen). Ze kunnen zich met duizenden tegelijk aan iemand vasthechten. Het zijn meestal zwermen die zich tegelijk vasthechten, het zijn er meestal niet één of enkele, alhoewel dit kan. Ze hebben diverse groottes. Ze zijn als ze vastgehecht zijn aan mensen uit de trage groep, veel groter dan diegene die vastgehecht zijn aan mensen uit de snelle en middengroep. De fabrikaat - entiteiten die zich vasthechten aan iemand die tot de trage groep behoort zijn van een andere soort dan de fabrikaat - entiteiten die zich vasthechten aan mensen die tot de snelle of middengroep behoren. Indien iemand tot de trage groep behoort, vraagt het veel meer uren therapie om ze te vernietigen dan bij iemand die tot de andere groepen behoort, net zoals bij de patronen. 
 
Ik heb er geen idee van waar ze op af gaan om zich vast te hechten aan mensen. Misschien hechten ze zich vast aan mensen met patronen met een overeenstemmende inhoud als hun eigen programmeringen. Ik ben daar echter niet zeker van. Ze lijken te weten wat er bij iemand leeft, en ze kunnen daar zeer specifiek op ingrijpen. Alhoewel ik denk dat ze niet bewust zijn en niet kunnen redeneren. Op de een of andere manier lijken ze hun programma te kunnen aanpassen aan de situaties van de mensen waar ze binnenkomen. Als er een gelukkig relatie is, zullen ze zorgen voor een breuk. Als er een ongelukkige relatie is, zullen ze de relatie ongemoeid laten. Als iemand veel de handen nodig heeft om te werken, zullen ze ervoor zorgen dat er een probleem met de handen ontstaat. Als iemand intellectueel werk verricht, zullen ze ervoor zorgen dat de intellectuele capaciteiten verstoord worden.
 
Een fabrikaat – entiteit bestaat uit energieën en deelzielen (van wie of wat weet ik niet) die samengevoegd werden en waarrond een kwaadaardig programma werd gebouwd. Dit is opgebouwd uit dezelfde soort materie als van de patronen.
De fabrikaat - entiteiten kunnen bij iemand in dit leven binnenkomen en ik heb ook al fabrikaat – entiteiten gezien waar de persoon al mee geboren was.
 
Ik zag jaren geleden al op tv een seriemoordenaar die zo’n fabrikaat - entiteit bij zich had die hem dwong te moorden, ook al wilde hij dat niet en had hij er zelf veel verdriet over. Moordzucht komt meestal voort uit eigen patronen, maar ook dan wil de persoon zelf het niet altijd, maar wordt hij ertoe gedwongen door de patronen.
Een andere keer zag ik op TV bij een gebedsgenezer die volle zalen trok, fabrikaat - entiteiten die zorgden voor een drang naar bewondering, een enorme invloed op mensen en een fantastische overtuigingskracht.
 
Wanneer ik iemand in therapie krijg, dan kan een probleem ofwel door patronen veroorzaakt zijn ofwel door fabrikaat - entiteiten ofwel door beiden. Bij het bewerken van een fabrikaat - entiteit bij een persoon, wordt hij in stukken gebroken, wordt hij vernietigd door mijn deelzielen, zodat hij zich niet aan anderen kan vasthechten.
 
 
 
Hoofdstuk zeventien
Opslag van de materie van de patronen
 
Telkens wanneer er zich iets negatiefs voordoet, wordt dit voorval opgeslagen in de patronen. Op die manier worden de lagen blijvend opgebouwd. Positieve ervaringen waarbij geen patronen geactiveerd worden, worden niet in de patronen opgeslagen.
Dezelfde thema's zijn bij mensen op dezelfde plaats in relatie tot het lichaam aanwezig. Als de materie van een patroon bij iemand in de rug aanwezig is en ook twee meter boven en twintig meter onder hem, dan is een identiek thema bij iemand anders op dezelfde plaatsen opgeslagen.
 
Verschillende delen van eenzelfde voorval worden op aparte plaatsen opgeslagen. Als er in een voorval angst, verdriet, schuldgevoelens, bepaalde ideeën en beelden voorkomen, dan worden de aparte elementen op verschillende plaatsen opgeslagen. Het verdriet komt op een ketting van verdriet terecht en angst op een ketting van angst. Als we ons met regressietechnieken iets herinneren, dan halen we de verschillende elementen uit verschillende locaties in het onderbewustzijn naar boven. De structuur van de materie rond mensen is heel ingewikkeld. Ze is even complex als moleculaire structuren van scheikundige producten. Er is een adressensysteem aanwezig waarmee materiaal opgeslagen en opgehaald wordt, maar meer weet ik er nog niet van. De lagen van de patronen zijn niet werkelijk fysiek op elkaar opgeslagen; verschillende patronen kunnen ook dezelfde ruimte innemen. Op één locatie bevinden zich duizenden verschillende patronen en als je één patroon breekt, waarbij dus een stukje materie van een locatie verwijderd wordt, verschijnt op diezelfde plaats een ander patroon.
 
De materie van patronen hangt over verschillende mensen, zodat er ook andere mensen en dieren in de wereld (en verder in het heelal) veranderen als er op iemand gewerkt wordt. Als een patroon bij iemand breekt, worden de stukken bij de anderen ook gebroken. Soms zijn patronen van een ander thema verbonden met een andere persoon. Zo kan ik op een cliënt werken op armoede en bij iemand anders wordt daarbij een patroon van humeurigheid meegetrokken. Hoe dit systeem van verbondenheid van patronen in elkaar zit, weet ik niet. Tussen twee zielen zitten dikwijls patronen van hoe ze in relatie tot elkaar staan. Dus telkens wanneer die twee zielen elkaar in een leven ontmoeten, hebben ze dezelfde houding naar elkaar toe. Als de onderlinge relatie er bv. een is van dominantie en onderworpenheid, dan heeft men in elk leven dezelfde gevoelens voor elkaar. We komen nogal eens dezelfde mensen opnieuw tegen in diverse levens, maar daarom niet per se in dezelfde soort relatie. In een bepaald leven kunnen twee mensen zusters zijn en elkaar liefhebben of haten; in een ander leven komen ze elkaar gewoon tegen en worden ze vrienden of vijanden. Als we bij de ene persoon het programma van de relatie tot elkaar breken, wordt het deel bij de andere automatisch mee afgebroken. Wanneer iemand bv. veel jaloezie en oppositie ondervindt van anderen, dan kan dat het resultaat zijn van één patroon dat zich bij alle partijen bevindt. Als bij de persoon naar wie de jaloezie gericht is, het patroon breekt, zal het deel dat zich bij de anderen bevindt automatisch ook vernietigd worden.
 
Ooit zijn zielen in stukken gesplitst. De diverse stukken zijn bij verschillende mensen of dieren geïncarneerd. Als een patroon bij één deel van een ziel gebroken wordt, kan bij een ander deel ook het patroon gebroken worden, waar dat zich ook bevindt in het heelal. Zo kunnen mensen die iemand ontmoeten met wie ze een automatische band voelen, elk een stuk van een vroeger geheel bij zich hebben. Mensen kunnen ook een enorme verbondenheid met elkaar voelen op basis van energieën. Zielen die door therapie loskomen van het lichaam, versmelten met een ander stuk in het heelal of gaan incarneren. Eén ziel kan ook in meerdere lichamen aanwezig zijn, zonder dat dit om aparte stukken van een vroeger geheel gaat. Een ziel kan meerdere lichamen tegelijk sturen. Als patronen breken van een ziel die in meerdere mensen zit, zijn er automatisch meerdere mensen die veranderingen voelen.
We kunnen bij het bekijken van patronen bij iemand beelden tegenkomen die eigenlijk van iemand anders zijn. Zo zie ik als ik op mezelf werk beelden van iemand die een vervoerfirma heeft en die nu leeft. Een ziel die bij mij is, is ook bij die persoon en daarom zie ik materiaal van die ander.
Bij een déjà-vu ervaring krijg je beelden door uit het onderbewustzijn van iemand anders waarin jij als ziel ook aanwezig bent. Daarom lijkt het alsof je het al meegemaakt hebt. Een deel van jou bevindt zich ook in een andere persoon die de dingen echt ervaren heeft. Een andere verklaring voor déjà-vu is dat één of meerdere zielen kunnen loskomen van iemand en maanden of jaren bij een ander of anderen verblijven en zich dan opnieuw bij de eerste persoon voegen. Daarom worden de ervaringen van die anderen aangevoeld alsof men het zelf beleefd heeft. Misschien zijn er nog andere verklaringen voor het déjà-vu fenomeen.
 
Wanneer ik werk op mensen zijn er soms grote veranderingen bij andere leden van hetzelfde gezin. De verbondenheid van patronen tussen mensen is hier gedeeltelijk voor verantwoordelijk. Voor een ander deel is dat het resultaat van het feit dat de deelzielen ook werken op de anderen in de omgeving van de behandelde persoon. Zo startte ik een behandeling voor angsten bij een meisje dat bij de trage groep bleek te behoren. Er was dus weinig resultaat na de eerste reeks van therapie, maar de moeder merkte duidelijke veranderingen op i.v.m. assertiviteit bij haarzelf. Ik werkte op geldgebrek bij een vrouw uit Rotterdam en haar dochter, die in Parijs verbleef, was tezelfdertijd verlost van haar depressie, terwijl ze niet op de hoogte was van de behandeling op de moeder. Ik behandelde een meisje van negen om de intelligentie te verhogen en het jongere broertje van vier, dat een moeilijk gedrag vertoonde, was ineens de gewilligheid zelf. In hetzelfde gezin was het jongste kindje ineens zindelijk op de dag dat de behandeling op het oudere zusje startte, terwijl het daarvoor een probleem was om het kindje op het potje te doen gaan. De moeder die de neiging had om zaken uit te stellen, merkte dat dit aspect verbeterd was en dat ze de zaken die ze moest gedaan krijgen, op tijd afwerkte. Ik werkte op een meisje van 16 jaar om de intelligentie te verhogen en de oudere broer, die al weg was van thuis en alle contact met de familie verbroken had, kwam ineens terug. Hij gaf daarbij opeens blijk van een ongezien respect voor zijn ouders en grote sociaalvoelendheid. Ik behandelde een jongen voor allerlei problemen en de moeder merkte dat ze ineens minder angsten had, dat ze een beter contact met haar collega's had, dat ze alles meer kon relativeren en zich gelukkiger voelde.
 
 
 
Hoofdstuk achttien
Diverse
 
Mensen vragen mij soms waar het programma rond ons vandaan komt, hoe het ontstaan is. Dat weet ik niet, maar dat het er is, is een feit en dat het enorme ellende veroorzaakt, is ook een feit. En dat we resultaten halen door erop in te werken is nog een ander feit. Een aantoonbaar feit.
In een zeer lang verleden werd de basis van de hogerliggende patronen gelegd door een dieperliggende programmering die patronen deed ontstaan. Het patroon 'zich minderwaardig voelen' ontstond bijvoorbeeld doordat zijn basis op een bepaald moment gevormd werd (ingeplant werd). Bij mensen die trager vooruitgaan en bij wie patronen meer werk vragen om te vernietigen dan andere, zijn de basissen op diepere lagen ontstaan dan bij mensen of zaken die sneller vooruitgaan. Vanaf de basis werd het patroon door de tijden heen verder opgebouwd. Waar de allereerste patronen vandaan komen waardoor het hele systeem zich kon opbouwen, is voorlopig nog een raadsel.
 
Als we tijden van vóór het ontstaan van het heelal kunnen waarnemen, is er dikwijls gewoon een leegte, een ruimte of één element zoals vuur, damp of gas. Er hebben vroeger ook al universums bestaan. De wezens die je ziet uit die lang vervlogen tijden zijn soms mens- of dierachtig zoals wij ze hier kennen op deze planeet. Maar het kan ook om totaal andere vormen gaan, zoals bijvoorbeeld bollen die zich met de een of andere kracht bewegen en telepathisch communiceren. Of gewoon een toestand van bestaan als een puntje, of een druppel water, een vuurvorm, een gas of gewoon een ziel.
Het is ook niet zo dat lichamen op andere planeten in de kosmos, zowel in het heden als in het verleden, altijd water en zuurstof nodig hebben. Soms functioneren ze op basis van een totaal ander principe dan de lichamen op deze planeet.
 
Het is niet omdat je iemands patronen kunt voelen, dat je alles weet van die ander. Veel patronen zijn niet actief. Door patronen te voelen kun je niet weten wat iemand op een bepaald moment denkt of in welke situatie hij verkeert. Energieën en patronen kunnen elkaar tegenspreken en patronen onderling ook. Het is dus niet mogelijk om iemand, enkel vanuit het voelen van patronen, helemaal juist in te schatten of te weten welk leven hij leidt.
 
Het onderbewustzijn wordt gekopieerd op een foto. Vandaar iemand die paranormaal begaafd is de persoonlijkheid kan aanvoelen op een foto. Als ik een foto voel, dan neem ik de persoonlijkheid waar zoals die was op het moment van de foto, dit omdat ik ga aflezen wat op de foto gekopieerd werd. Een andere paranormaal begaafde persoon kan een foto gebruiken om contact te leggen met iemand en kan op die manier oppikken hoe deze persoon op dat moment zelf is. 
Een LTA therapeut kan ook zielen, patronen en energieën van iemand waarnemen op een foto. Hij of zij kan eveneens de innerlijke wereld van mensen en dieren aanvoelen zonder de hulp van een foto. Dit voelen is anders dan patronen voelen, het is aanvoelen hoe de persoon op dat moment denkt en voelt. Bij iemand die in voldoende mate behandeld wordt met de LTA-techniek, wordt deze gave ontwikkeld.
 
Alhoewel het gedrag uitsluitend voortkomt uit patronen, kan een tekort aan bepaalde stoffen in het lichaam of medicatie er invloed op hebben. Er is een link tussen de hersenen en het programma rond mensen. Hoe dat exact in zijn werk gaat, weet ik niet. Dit is iets wat door de wetenschap zou kunnen onderzocht worden, van zodra ze de LTA methode bestudeert.
 
Tijdens dromen komt materiaal naar boven uit de actieve patronen. Als ik 's morgens opsta en ik herinner mij een droom, dan is het thema van de droom hetzelfde als dat van het patroon dat aan het afpellen is.
 
Als iemand met LTA behandeld wordt, gaan andere technieken zoals regressie, psychoanalyse, meditatie e.a. veel vlotter. Informatie komt veel gemakkelijker naar boven en breekt veel gemakkelijker. Mensen die al paranormaal werken, merken dat hun kracht toeneemt zodra ze een LTA-behandeling ondergaan.
 
Bij het gebruik van klankschalen breken er kleine stukjes van patronen. De geluidsgolven die ontstaan, zijn blijkbaar in staat om de lichte materie die zich rond ons bevindt, in heel beperkte mate te vernietigen. Wanneer ik het heb over toestellen die door de wetenschap zouden kunnen ontworpen worden voor het afbreken aan patronen, dan denk ik in de eerste plaats aan toestellen die geluidsgolven zouden produceren.
 
Zwarte magie kan ideeën en deelzielen die tot de magiër behoren en die geprogrammeerd zijn om te vernietigen, inbouwen. De ideeën slaan zich ergens in of rond het lichaam op en de deelzielen gaan ergens in de buurt van de persoon hangen. Ideeën die zich in het lichaam opslaan, kunnen lichamelijke klachten veroorzaken. De deelzielen kunnen zelfstandig acties ondernemen om negatieve gebeurtenissen te veroorzaken in het leven van het slachtoffer. Zwarte magie heeft veel kracht. Ingebouwde zaken, zoals 'de zaak zal failliet gaan', zijn zeer krachtig. Sommige goeroes die massa's mensen achter zich verzamelen en veel macht over hen hebben, hebben dikwijls (soms weten ze dat zelf niet) deelzielen bij zich, die zich bij de mensen inplanten en hen verplichten de goeroe te volgen.
 
Ik ben geen aanhanger van astrologie, maar ik kan niet ontkennen dat ik zelf wel eens verrassende wetmatigheden vastgesteld heb, zoals bijvoorbeeld een groep mannequins die bijna allemaal tot het teken waterman behoorden. Of een journalist die in een krant schrijft: 'ik geloof niet in astrologie, maar ik kan niet ontkennen dat een groot deel van het personeel op de redactie in de maand mei geboren is.' Bij iemand die totaal geen weet had van astrologie, stelde ik vast dat hij vooral contacten had met mensen die tot een bepaald astrologisch teken behoorden. Voor mij is het een absurd idee dat de persoonlijkheid of de levensloop beïnvloed zouden kunnen worden door planeten rond ons of door het uur van de geboorte. Als er al wetmatigheden blijken te zijn, dan zijn die het resultaat van het patroon 'astrologie' dat zich rond de mensen bevindt. Doordat het geprogrammeerd is dat die of die planeet, die of die invloed heeft, of dat je wanneer je in een bepaalde maand geboren bent een overeenkomstige geaardheid hebt, lijkt astrologie waarde te hebben. Breek het patroon 'astrologie' en de wetmatigheden zullen verdwijnen.
 
Het christendom is het resultaat van een patroon met de inhoud: 'God zal zijn zoon sturen om de mensheid te redden. Hij zal geboren worden uit een maagd, wonderen verrichten en zich opofferen door aan het kruis genageld te worden, zodat God de zonden van de mensheid kan vergeven'. Verschillende zaken hebben deze religie geactiveerd. Ten eerste het feit dat de figuur Jezus op een bepaald moment geleefd heeft. Hij was een gewone mens met paranormale gaven en eindigde inderdaad aan het kruis. Ten tweede is er het feit dat het waarschijnlijk vastlag in de tijdlijn van onze planeet of in het patroon van het christendom of van Jezus zelf wanneer het christendom zou ontstaan. Ten derde was er het feit dat de joden een Messias verwachtten.

Net als een mens heeft ook een planeet een tijdlijn. De evolutie van een planeet ligt vast in de patronen van de zielen. De tijdlijn dicteert de evolutie van eenvoudige levensvormen naar meer gesofistikeerde levensvormen. Ze dicteert de evolutie van de holbewoner naar de moderne mens. Ze is ook verantwoordelijk voor het ontstaan van de diverse religies in de loop der tijden. En voor wantoestanden zoals slavernij, onderdrukking van de vrouw en tirannie door machthebbers, rampen en oorlogen, ziekten, de ontwikkeling van de democratie, wetenschap, techniek en ruimtevaart, de overbevolking, de vervuiling, en uiteindelijk de teloorgang van een planeet.

 
 
Hoofdstuk negentien
Christus, Socrates, Boeddha en de LTA therapie
 
Ik heb bij een aantal mensen voorvallen uit het leven van Christus in het onderbewustzijn teruggevonden. Dat is, voor een aantal van hen, omdat zij hem gekend hebben of in zijn buurt waren in de tijd dat hij leefde. Of anders is het omdat ze een ziel in zich dragen die in het lichaam van Christus aanwezig was. Daardoor zijn voorvallen uit zijn leven in hun onderbewustzijn opgeslagen. En misschien is er nog een andere reden waarom er informatie over Christus in het onderbewustzijn van sommige mensen terug te vinden is. Dan denk ik bijvoorbeeld aan het kopiëren van onbewuste informatie tussen mensen onderling.
 
Voor zover ik kan nagaan bij het bekijken van die voorvallen, trok Christus rond zijn dertigste te voet naar het Oosten waar hij in contact kwam met een goeroe.  Deze had een kleine groep aanhangers, en was de reïncarnatie van Boeddha. Via hem hoorde hij ideeën over reïncarnatie en kwam hij in aanraking met technieken voor het verbeteren van de mens. 
Boeddha heeft zich in de voorbije eeuw gemanifesteerd in de persoon van Ron Hubbard die de Scientology Kerk stichtte.  Hubbard zei van zichzelf dat hij de reïncarnatie van Boeddha was en ik heb kunnen vaststellen dat dit inderdaad zo was, o.a. doordat ik op foto’s van Hubbard de ziel van Boeddha kan waarnemen. Scientology is trouwens geen religie, maar een techniek voor persoonlijke ontwikkeling.
 
Als veertiger had Christus zijn eerste paranormale waarnemingen in de zin dat hij spontaan patronen rond een persoon begon te voelen (hij is dus niet gestorven op 33 jaar).   Hij had een inzicht in het onderbewustzijn en de beste intenties. Hij had een forse lichaamsbouw en hij was steenhouwer van beroep (blokken uitkappen, misschien maar voor een deel van zijn leven). Hij leefde met zijn gezin van zes of zeven kinderen in een eenkamerwoning van 10 meter diameter met een grote leren lap als voordeur. Zijn vrouw en kinderen werkten in de velden. Hij was welstellend.
Hij trok met zijn therapeutische technieken vooral armen aan en hij kreeg weinig waardering voor wat hij kon. Hij had geen aanhang bij de machthebbers en er was heel veel oppositie uit jaloezie. Hij had een gebrek aan tact en schopte de heersers van toen tegen de schenen. De vele wonderen die in de bijbel vermeld zijn, zijn na zijn dood verzonnen. Hij had bepaalde gaven maar was niet zo krachtig als beschreven staat, zo niet waren anderen er niet in geslaagd hem te pakken te krijgen en hem ter dood te brengen. Hij was een zestiger toen hij stierf. Hij werd niet zo hevig gemarteld als de Bijbel laat vermoeden. Hij kreeg een doornen kroon op zijn hoofd, werd wat gegeseld, werd met zware touwen aan het kruis bevestigd. Hij werd heel snel met een lans in de linkerzij doorboord om de dood snel te doen intreden. Er waren geen twee andere veroordeelden samen met hem. 
De gebeurtenissen in het leven van Christus waren het resultaat van zijn patronen. Als iemand vooral armen aantrekt, veel oppositie ondervindt en ter dood gebracht wordt door de jaloezie van anderen, dan zijn het de patronen van de betrokken persoon die dergelijke situaties veroorzaken.
 
In de geschriften van de eerste Christenen wordt de dood van Christus vergeleken met die van Socrates die enkele eeuwen daarvoor leefde en wordt er gewezen op de overeenkomst in de manier waarop ze ter dood gebracht werden. Beiden werden onterecht ter dood veroordeeld door de gevestigde orde van die tijd en het gebeurde in beide gevallen uit jaloezie. 
 
Het is mijn mening dat beiden zich bezig hielden met een paranormale techniek voor het verbeteren van de innerlijke mens, wat men in dezer dagen persoonlijke ontwikkeling noemt. Ik heb voorvallen uit het leven van Socrates en Christus in het onderbewustzijn van enkele mensen teruggevonden waardoor ik heb kunnen vaststellen dat ze beiden de techniek toepasten die ik ‘LTA Persoonlijke Ontwikkeling’ heb genoemd.
Socrates was heel geïnteresseerd in de innerlijke mens en in het veredelen van de mens. In de Bijbel wordt verteld dat Christus (o.a.) ziekten en bezetenheid genas. Het is mijn overtuiging dat hij aan het werk was met de LTA techniek die kan toegepast worden voor het verbeteren van de persoonlijkheid en het genezen van ziektes. 
Het idee om de persoonlijkheidsstructuur te willen verbeteren is iets wat de meeste mensen hun petje te boven gaat, zelfs in onze tijd. Het is trouwens iets waar zeer weinig interesse voor is in de maatschappij. Het genezen van ziektes kan men beter begrijpen. Dit is zo in onze tijd en dat zal in de tijd van Christus ook zo geweest zijn. Vandaar dat vooral de herinnering aan het genezen van ziektes in de Bijbel is overgebleven. 
 
De LTA therapie heeft in het verleden al verschillende keren bestaan, maar werd telkens vernietigd door de jaloezie van anderen. Na de dood van Socrates en Christus hebben hun leerlingen hun werk willen voortzetten. Het was voor de volgelingen van beiden heel belangrijk om het werk van hun leermeesters verder te zetten. De reden hiervoor was dat het om de LTA therapie ging. Mensen die begrijpen wat de LTA methode inhoudt, begrijpen het enorme belang van deze techniek voor de wereld en zullen dan ook op alles zetten om deze techniek te redden. Desondanks is de LTA techniek telkens verloren gegaan. Het is geschiedkundig vastgelegd dat de eerste christenen geloofden in reïncarnatie, één van de fundamenten van de LTA methode. Wat in de tijd van Christus ooit de LTA techniek was, werd verwrongen tot een religie die het Christendom geworden is. 



Hoofdstuk twintig
Paranormale gaven

 
Paranormale gaven zijn het resultaat van energieën en deelzielen. Verschillende mensen beschikken over verschillende soorten paranormale gaven die het resultaat zijn van andere types van deelzielen en energieën. Ikzelf beschik over energieën en deelzielen die ervoor zorgen dat ik het onderbewustzijn kan waarnemen en dat ik een bepaald inzicht heb over hoe het onderbewustzijn in elkaar zit en hoe de dingen werken. Ik kan ook van elke paranormaal begaafde persoon zien wat er in het onderbewustzijn verantwoordelijk is voor de paranormale gaven.  Ik beschik daarnaast ook over energieën en deelzielen die de materie van de patronen kunnen vernietigen. Wanneer ik met iemand persoonlijk contact heb, (doordat deze persoon bij mij is of via de telefoon), dan plaatsen deze energieën en deelzielen zich automatisch bij deze persoon en breken er patronen af. Wanneer ik op afstand werk op mensen, dan plaats ik patronen van een aantal mensen naast elkaar op een afstand voor mij (ik kan een patroon plaatsen waar ik het wil hebben, ik hoef het me enkel voor te stellen en het gebeurt), ik geef opdracht aan mijn deelzielen om op de patronen te werken (ik denk gewoon dat ze een straling moeten produceren), en mijn deelzielen zenden vanop een afstand een straling naar de patronen.
 
Tijdens de zelfbehandeling, als mensen aan mij denken en vragen: ‘zend mij energie’, dan leggen mijn energieën contact met het onderbewustzijn van de persoon. Mijn energieën en deelzielen zijn bij deze persoon ze en werken iop de patronen in.
 
Als persoon A aan persoon B denkt, dan zijn de energieën of patronen van persoon A bij persoon B of op een korte afstand van persoon B.  Veronderstel dat persoon A liefde voelt voor persoon B, dan is de energie ‘liefde’ bij persoon B fysiek aanwezig. Ofwel is deze energie op een korte afstand van persoon B aanwezig.  Veronderstel dat persoon A haat voelt voor persoon B, dan is het patroon ‘haat’ bij persoon  B of op een afstand van persoon B aanwezig.
Als twee mensen tegelijk aan elkaar denken (je denkt bijvoorbeeld aan iemand en die belt je op datzelfde moment op), dan leggen energieën van de twee personen contact met elkaar. Zo werkt telepathie. 
 
 
Een geschiedkundig voorbeeld van een paranormaal genezer is Raspoetin, de Russische heler die 100 jaar geleden leefde en die aan het keizerlijk hof belandde en controle had over de dodelijke bloedziekte van de kroonprins.
 
 
Geschiedkundige informatie over Raspoetin
 
Gedurende de jaren dat Raspoetin aan het keizerlijk hof verbleef, konden ooggetuigen, inclusief dokters, vaststellen dat hij over een buitengewone genezende kracht beschikte met betrekking tot de kroonprins en zijn dodelijke ziekte, hemofilie. Raspoetins mysterieuze gave om Alexei te genezen overtuigde tsarina Alexandra dat Raspoetin door God was gezonden. Voor haar was hij het antwoord op haar gebeden tot God om haar zoon te redden.
 
Reeds in 1900 was Raspoetin bekend in heel Oost-Rusland als een soort van geloofsheler of ‘strannik’, of zwervende bedelmonnik. Men zei ook dat Raspoetin de toekomst kon voorspellen, en dat hij gebeurtenissen voorspelde die zich maanden later voordeden. En ook dat hij helderziende was, waarbij hij gebeurtenissen die zich elders afspeelden kon waarnemen. Velen beweerden zijn gaven persoonlijk ervaren te hebben. Er ging ook het gerucht dat Raspoetin een vreemde invloed had op anderen. Mensen vertelden dat ze zich verplicht voelden om dingen te doen wanneer ze zich in zijn aanwezigheid bevonden, iets wat de meeste sceptici aan een vorm van hypnose toeschrijven.
 
Een voorval dat gebeurde in 1912 is het best bekende voorbeeld. De kroonprins had zich ernstig gekneusd en was aan het doodbloeden. De dokters die waren opgeroepen om hem te verzorgen konden niets doen, en de jongen bevond zich gedurende een aantal dagen in deze toestand. Toen Raspoetin bij het bed van de kroonprins werd geroepen, ging hij met zijn handen over de jongen, sprak hem kort toe en zei dat hij beter was. En, volgens de vele dokters en sceptici die dit bijwoonden, genas de jongen.
 
In oktober 1912, toen de tsaar en zijn familie in hun buitenverblijf in Spala waren, viel Alexei op de rand van een badkuip. Hij was gewond en bloedde, en hij had verschrikkelijke pijn. De dokters konden niets voor hem doen, en Alexandra bleef tien dagen zonder te slapen bij zijn bed. Er werd een tekst opgemaakt om de dood van de kroonprins aan te kondigen. De tsarina was wanhopig en stuurde een telegram naar Raspoetin. Raspoetin antwoordde: “God heeft je tranen gezien, heb geen verdriet, het kleintje zal niet sterven”. Binnen enkele uren na de  ontvangst van dit telegram, was het bloeden gestopt en Alexei herstelde vanaf dat moment.

 
Verklaring en analyse van de paranormale gaven van Raspoetin aan de hand van foto’s.

Op een foto wordt het onderbewustzijn van een mens of een dier gekopieerd. Daardoor kunnen mensen met paranormale gaven foto’s aanvoelen. Meestal maakt men dan via een foto contact met de persoon en voelt men de persoon zoals die op dat moment is. Als ikzelf een foto aanvoel, dan pik ik het onderbewustzijn (de patronen, de energieën en de deelzielen) op die op de foto gekopieerd zijn.

 Rasputin
 
 
 
 


1) Op de hoogte zijn van gebeurtenissen die zich elders voordoen.
 
Raspoetin had deelzielen die met hem communiceerden, die hem informatie meedeelden over zaken die elders aan het gebeuren waren.  Raspoetin voelde dit aan als dat hij de dingen gewoon wist.  Ofwel kreeg hij spontaan indrukken over dingen door. Ofwel kreeg hij indrukken door op het moment dat hij iets wou weten of op het moment dat hij aan iets dacht.
De deelzielen bij Raspoetin hadden contact met deelzielen van andere mensen. Raspoetins deelzielen kregen de informatie van wat er elders aan het gebeuren was door van deelzielen die bij mensen hoorden die zich op die andere plaatsen bevonden of die bij mensen hoorden waarover hij iets wou weten.
 
 
2) Gestuurd worden in het leven.

Dit is niet iets dat vermeld staat in verslagen over Raspoetin, maar iets wat ik zelf op de foto’s gevoeld heb.
 
Er is een deelziel die hem stuurt in zijn dagelijkse bezigheden: hij krijgt ingevingen, hij krijgt het gevoel dat hij dit of dat moet doen.  Het is een deelziel die hem door het leven leidt en hem de juiste richting uitstuurt. Wanneer hij zich een doel stelt of iets wil, dan zal deze deelziel hem helpen om dit doel te bereiken door hem in de juiste richting te sturen en de juiste dingen op zijn pad te brengen. Indien wat hij wil bereiken niet goed is voor hem, zal de deelziel niet helpen of krijgt hij een gevoel alsof hij tegengewerkt wordt. De deelziel zal in dat geval proberen een remmende factor te zijn en ervoor te zorgen dat de dingen moeilijk lopen. Zodat hij uiteindelijk zoveel mogelijk in de juiste richting gestuurd wordt.

 
3) De toekomst voorspellen
 
Er is een deelziel die de toekomst kent en die hem informatie doorgeeft. Raspoetin ervaart dit als dat hij de dingen weet.

Bij sommige mensen zijn er –zoals bij Raspoetin – deelzielen aanwezig die de toekomst kennen. Helderzienden hebben maar contact te leggen met deze deelzielen en ze krijgen informatie door. Soms richten helderzienden zich op een aanwezigheid, een energie die ze in hun buurt waarnemen en als hun gids beschouwen en ze krijgen ze daar informatie van door. Ofwel anders krijgen ze indrukken door of weten ze gewoon dingen. Vandaar dat helderzienden de term gebruiken dat ze ‘dingen doorkrijgen’, waarbij ze dan denken dat de informatie van gidsen of engelen of goddelijke kanalen komt. Heel veel helderzienden zijn niet zo goed, en krijgen soms juiste indrukken door naast veel foutieve, maar er zijn ook helderzienden die gewoon goed zijn.
 
 
4) Genezen van ziektes
 
Raspoetin had een deelziel die hem aangaf wat er met iemand scheelde, zodanig dat hij bij een ontmoeting met de zieke onmiddellijk wist wat er aan de hand was. Hij wist ook onmiddellijk wat hij moest doen. Hij had daardoor een enorm inzicht in het menselijk lichaam ontwikkeld, zonder dat hij onderwezen was in de studie van het menselijk lichaam of in de geneeskunde. Raspoetin was trouwens niet zeer intelligent.
 
Hij had een deelziel die hem informatie gaf hoe hij dingen moest aanpakken, hij wist gewoon wat hij moest doen. Deze deelziel had kennis over hoe het lichaam functioneert en over de scheikundige processen in een lichaam. Deze deelziel had ook inzicht in kruiden en bestanddelen die het lichaam konden helpen. Deze deelziel gaf Raspoetin tips welke producten hij kon gebruiken. Raspoetin wist gewoon hoe je geneeskundige verzorging doet en hij wist welke middelen hij kon gebruiken om mensen te helpen om te genezen. Deze deelziel gaf hem ook door waar hij bepaalde kruiden kon vinden (bijvoorbeeld in welk bos). Raspoetin ervoer dit als dat hij wist dat hij naar het bos moest om een kruid te zoeken, en hij wist ook welke richting hij uit moest, en hij herkende het kruid was toen hij het zag. Hij wist ook hoe hij de kruiden moest bewerken en hoe hij de kruiden moest toepassen. Hij deed alles automatisch op de juiste manier.
 
Hij deed zijn werk als heler, dus mensen genezen, met veel liefde, echt om te helpen en niet uit winstbejag.
 
Diezelfde deelziel, in combinatie met een groep van andere deelzielen, kon een bijzonder krachtige energie produceren die inwerkte op de zieke persoon (de deelzielen bevinden zich rond een heler en richten zich op de zieke persoon).
Raspoetin kon deze energie ook op afstand naar iemand sturen, hij hoefde maar aan iemand te denken, zich op hem te concentreren en hem te willen genezen, en de energie verplaatste zich naar de zieke persoon.
Deze energie gaf energie aan de zieke persoon waardoor deze zich krachtiger en energieker voelde, zich gesterkt voelde. Deze energie had de capaciteit van warmte in zich (letterlijk fysieke warmte), en deze warmte had een invloed op de cellen in het lichaam van de zieke persoon. Een bepaalde energie die in de cellen aanwezig is – waarvan het bestaan mogelijk nog niet door de wetenschap werd ontdekt – werd hierdoor aangevuld. De cellen hebben deze energie nodig om goed te functioneren. Deze energie is de brandstof die de cel doet draaien, de motor achter de processen in de cel. Door een overvloedige aanwezigheid van deze energie in de cel kunnen scheikundige processen zich sneller voltrekken en kan het lichaam sneller genezen. De cellen werden op deze manier van nieuwe brandstof voorzien om scheikundige processen uit te voeren.
 
Raspoetin had een andere deelziel ter zijner beschikking die tot in het kleinste detail kennis had van het lichaam en van de scheikundige processen en scheikundige stoffen in het lichaam. Deze deelziel kon vanuit zichzelf elke mogelijke scheikundige stof produceren, en ze kon op celniveau stoffen aan het lichaam van de zieke persoon toevoegen en ze kon op celniveau welke scheikundige bewerking dan ook in gang zetten en ze kon ingrijpen in elke aan de gang zijnde scheikundige bewerking, door scheikundige stoffen en energie aan de cel toe te voegen.
 
Dit doet me denken aan God die het menselijk lichaam creëert, die  deze deelziel doet mij daar werkelijk aan denken.  Raspoetin had werkelijk buitengewone gaven, waarvan ikzelf alleen maar onder de indruk kon zijn toen ik de foto’s aan het voelen was.
 
Raspoetin had ook nog andere energieën die iemand krachtiger en energieker maakten en hielpen bij het genezingsproces. Dit is een andere energie dan degene die ik hierboven al beschreven heb en die uitging van deelzielen. Het waren energieën die zieke mensen algemeen voedden waardoor ze krachtiger werden en die het genezingsproces bevorderden.
 
Raspoetin had nog een andere energie ter zijner beschikking die de cellen van het lichaam voedden, nog op een andere manier dan ik al beschreven heb. Een energie die de cellen ondersteunde, die kracht gaf aan de cellen, die vitaliteit aan de cellen gaf.
 
 
5) Hij kon andere mensen zijn wil opleggen
 
Raspoetin had een energie die ervoor zorgde dat hij gezag uitstraalde, dat mensen hem aanvoelden als een zeer krachtige en overweldigende persoonlijkheid. Het was een energie die zich over de mensen heen sloot, en hen willoos maakte tegenover hem, en die hen alles deed doen wat hij wou. Ze hadden het gevoel dat hij hun meester was en dat ze hem moesten gehoorzamen. Ze waren ineens bereidwillig om te doen wat Raspoetin wou. Alle verzet was weg en ze zagen de logica en de juistheid in van wat hij wou.
Ze werkten mee zolang deze energie actief was en deze energie was actief zolang Raspoetin het doel dat hij vooropgesteld had in gedachten hield. Die energie was actief zolang Raspoetin geconcentreerd was op wat hij wou bereiken.
Er waren ook deelzielen die zich op mensen plaatsten en die hen het gevoel gaven dat ze Raspoetin moesten gehoorzamen. Dit gebeurde automatisch zodra hij iets wilde.

Raspoetin wist zelf niet wat deze situaties veroorzaakte, hij stelde alleen vast dat hij maar iets te willen had en dat mensen gewillig meewerkten. Hij dacht dat het een goddelijke kracht was die de weg voor hem baande. 
Deze energie kwam alleen in actie als wat er mee bereikt werd goed was voor het algemeen belang. Als Raspoetin bijvoorbeeld wilde dat een groep arme mensen geholpen werden, dan zouden gegoede mensen heel gewillig hun beurs openen, terwijl ze dat zonder de hulp van de energieën en deelzielen van Raspoetin niet zouden gedaan hebben.
Als Raspoetin iets wilde die puur zijn eigenbelang betrof, dan traden de energieën niet in werking. Alleen als wat hij wilde ook goed was voor anderen, trad de energie in werking.
 

Andere kenmerken

 
Raspoetin was een heel liefdevol en energiek persoon. Hij had heel veel energieën rond zich die voor ‘liefde’ stonden.
Hij was zeer begrijpend voor andere mensen. Hij had medelijden met anderen en wou helpen. Hij was zeer godsvruchtig. Hij leefde voor zijn medemens en hij had het beste voor met iedereen. Hij was er voor anderen en anderen konden altijd op hem rekenen. Hij bad veel voor de genezing van anderen, en hij besefte niet dat zijn deelzielen zoals ik die beschreven heb en zijn eigen energieën van liefde en kracht op dat moment op de zieke persoon inwerkten.
Hij dacht dat hij zijn resultaten aan zijn gebed te wijten waren. Hij dacht dat er een goddelijke kracht buiten hem voor de genezing zorgde.
Hij zou overal naar toe gereisd zijn naar waar hij dacht dat God hem stuurde om mensen te helpen en te genezen. Hij voelde zich geleid naar plaatsen waar er hulp nodig was, hij dacht dat die leiding van God kwam, terwijl die leiding eigenlijk van zijn deelzielen kwam.
 
Hij was niet zeer intelligent en zal geen kei geweest zijn in het begrijpen van allerlei dingen, maar hij had deelzielen die hem kennis over het lichaam gaven. Daardoor had hij een groot inzicht in het menselijk lichaam zonder bijzonder intelligent te zijn.
Hij kon slechts traag en moeizaam denken en moeizaam redeneren. Hij kon heel veel dingen niet begrijpen en hij kon ingewikkelde dingen niet begrijpen, maar hij had een ongelofelijke liefde in zich.
 
Hij had de wil om te helpen, hij werd het onmiddellijk gewaar als er iets scheelde bij mensen, als ze een of ander probleem hadden, hij had een alertheid daarvoor. Als iemand het moeilijk had, op welke manier dan ook, was hij daar en stond hij klaar om te helpen. Hij voelde het ook op afstand aan als er iets scheelde, en hij trok er naartoe waar hij dacht dat er problemen waren.
Hij voelde het aan dat er ergens een probleem was, alsof hij het bij wijze van spreken rook. Dit gebeurde op basis van energieën bij hem die de toestand bij andere mensen in zich konden opnemen (ook op afstand) waarvan hij zich dan bewust werd. Daarnaast was er ook een deelziel die hem ingaf dat er ergens een probleem was. Hij voelde dus aan dat er ergens een probleem was op basis van zijn energieën die het probleem in zich opnamen en aan hem doorgaven en door een deelziel die hem ingaf dat er ergens een probleem was.
 
Hij wist wat de houding van een ander naar hem toe was, hij wist of mensen hem mochten of niet (ondanks de schijn van het tegengestelde). Hij voelde ongeveer elke stemming van een ander, wist steeds wat er in een ander omging. Dit was op basis van energieën en van deelzielen die dit oppikten.
 
Hij kon heel boeiend vertellen, hij kon de mensen in zijn ban houden. Hij kon mensen aan zijn lippen geplakt houden, urenlang. Hij kon mensen begeesteren. Mensen hadden een veilig en geborgen gevoel bij hem en het gevoel dat alles nu in orde zou komen.
 
Hij had een enorm uithoudingsvermogen waar het lichamelijke pijn betrof.  Hij was in staat om lichamelijke pijn te dragen als geen ander. Hij had een energie die hem deze kracht gaf.
Als het al te erg werd, traden er energieën in werking die de pijn stilden en die kracht aan zijn lichaam toevoegden.
Hij had een enorm uithoudingsvermogen voor lichamelijke inspanning op basis van nog een andere energie.
 
Hij had energieën van mentale kracht, een enorme wilskracht. Hij had een enorme sterke wil om iets te bereiken.
Hij had heel veel moed, een heel sterk doorzettingsvermogen, een buitengewone mentale kracht om door te gaan.  Een mentale kracht die zo groot was dat ze in uiterste omstandigheden controle over zijn lichaam kon overnemen. Als hij bijvoorbeeld lichamelijk uitgeput was, kon zijn mentale kracht zijn lichaam nog dwingen om verder te gaan.
Hij had steeds grote plannen, en beet door tot hij zijn doel bereikt had.
 
 
 
Hoofdstuk eenentwintig
De innerlijke wereld van dieren
 
Een dier is in grote lijnen hetzelfde wezen als een mens. Een dier heeft gevoelens, heeft verlangens. Sommige dieren kunnen denken en redeneren. Op een foto van een dier kan ik zijn geesteswereld waarnemen van het moment van de foto.
 
Een voorbeeld van de geesteswereld van een papegaai
 
 
De papegaai denkt erover na hoe hij zal vliegen, welke richting hij zal uitgaan. Hij denkt aan een prooi die hij wil vangen, en waar zijn beste kansen liggen om deze prooi te vangen. Hij denkt erover na waar hij het beste naartoe zou vliegen. Hij kent de streek en hij heeft een overzicht in zijn hoofd van de streek. Hij weet waar de velden zijn en waar de weiden zijn en waar hij water kan vinden. Hij weet wat er rechts van hem is, rechts is er een groep van bomen. Links zijn er weiden en is er water. De velden zijn vóór hem.

Van de bomen weet hij dat ze rechts van hem zijn, en ik kan dat weten voelen. Van de weiden, het water en de velden heeft hij een beeld in zijn hoofd van hoe ze eruit zien, inclusief het gevoel van richting, links en voor hem. Ik kan dat beeld oppikken en ook het gevoel van richting.
Hij voelt zich gelokt naar het water, want hij heeft dorst, en hij zou graag drinken, maar aan de andere kant weet hij dat een prooi zich voor hem bevindt, in de velden. Zijn aandacht is vooral gericht op de velden voor hem.
Hij eet graag, hij is gulzig, hij zou voortdurend willen eten. Als het aan hem lag, zou hij voortdurend willen eten en drinken, dat is zijn geliefkoosde bezigheid.
Hij maakt zich een voorstelling van de verschillende mogelijke prooien die hij zou kunnen vinden. Hij denkt aan een worm en een kever. Ik kan een beeld oppikken van een worm van een vijftal cm lang en een 3 mm breed. Van de kever kan ik een beeld van een plat zwart lichaam met wat pootjes eraan oppikken.   De papegaai bezit ruimtelijk voorstellingsvermogen. Ik kan de beelden oppikken die de papegaai zich vormt.
De kever lust hij niet zo, de worm vindt hij veel lekkerder. Als hij genoeg wormen vindt, zal hij geen kevers eten, hij eet alleen kevers als hij niet anders kan, als er niet genoeg wormen zijn.
Op de grond onder hem is er geen prooi te vinden, hij moet vooruit vliegen, naar de velden, daar kan hij een prooi vinden. Hij rust even, hij is moe en dan zal hij verder vliegen.
Hij heeft een nest, hij heeft nakomelingen, hij is daar verantwoordelijk voor, maar hij maakt er zich niet al te veel zorgen om, want het vrouwelijk dier zorgt ervoor. Hij onttrekt zich wat aan zijn verantwoordelijkheid, hij brengt nu en dan wat voedsel aan, en dan doet hij wat uit de hoogte, zo van, kijk eens wat ik hier meebreng. Hij vindt zichzelf een hele piet als hij al iets aanbrengt. Hij weet dat het vrouwelijk dier heel veel voedsel aanbrengt en zich heel erg inzet, voortdurend heen en weer vliegt om voedsel te vinden voor haar kroost, dus kan hij gerust zijn.

Ze kijkt wel eens boos naar hem als hij ook al eens aankomt vliegen met een magere prooi, maar dat deert hem niet. Hij houdt liever de dikke prooien voor zichzelf, hij eet dan ook zo graag. Alleen als hij teveel voedsel heeft, of als het toch een magere prooi is die hem niet bevalt, of als hij genoeg gegeten heeft, is hij bereid om iets van zijn eigen voedsel af te staan.

Hij heeft ook niet veel zin om voortdurend heen en weer te vliegen en gedreven op zoek te gaan naar voedsel voor zijn kroost. Het zal hem een zorg wezen. Hij doet liever zijn eigen dingen. Hij wil vrij zijn en geen verantwoordelijkheden hebben, hij wil zijn tijd kunnen doorbrengen met vliegen en eten zoeken voor zichzelf.

Als hij met een prooi komt aandragen naar het nest, dan legt hij die in het nest, hij laat het voeden van de jongen aan zijn gezellin over. Hij voelt geen verbondenheid met zijn kroost in het nest. Hij kan zichzelf er niet toe brengen zijn kroost zelf te voeden, (=de voeding in hun bek brengen), daar voelt hij een weerzin voor, dat doet hij niet. Hij voelt geen affiniteit met zijn kroost, ze zijn als vreemden voor hem, hij doet zijn plicht en dat is alles.
 
Hij vliegt zeer graag op grote hoogte in de lucht, hij kan daar uren tijd aan besteden. Hij houdt ervan om heel ver te vliegen. Hij heeft een overzicht van het landschap onder hem als hij vliegt, daar is het waar het voedsel is voor hem, waar de prooien zijn. Hij heeft een grote affiniteit met het landschap onder hem als hij vliegt, omdat hij daar zijn voedsel en zijn water vindt, omdat dat hetgeen is dat hem in leven houdt.

Hij houdt er toch zo van te vliegen, hij overziet de velden als hij vliegt en hij geniet daarvan. Hij heeft een bijzonder gevoel van vrijheid als hij vliegt, hij voelt zich de koning te rijk. Vliegen is naast eten het liefste wat hij doet, hoog en heel snel en dan weer trager, en dan drijven op de lucht. Hij kan daar toch zo van genieten, hij heeft dan zo’n geluksgevoel, vliegen is het ultieme geluk, hij kan er urenlang mee doorgaan. Het gevoel van vrijheid en geluk dat hij dan heeft, daar zijn geen woorden voor.
 
Hij ziet er niet naar uit om thuis te komen bij zijn kroost, hij blijft zo lang mogelijk weg. Nu en dan vliegt hij eens naar het nest met een prooi en dan blijft hij zo lang mogelijk weg.  ’s Avonds wacht hij zo lang mogelijk, tot het bijna donker is om naar het nest te gaan. En dan slaapt hij in de buurt van het nest op een tak van de boom.
De moeder blijft dichter bij het nest. Die zorgt goed voor de kleintjes. Prima, dat is dan voor hem een zorg minder. Ze kijkt wel eens boos naar hem, maar dat trekt hij zich niet aan.

Hij heeft weinig affiniteit met zijn wederhelft, ze kweken (zorgen voor nakomelingen) samen, en dat is alles. Voor de rest hebben ze geen band. Hij voelt weinig genegenheid voor zijn gezellin, hij is soms hard voor haar. Hij toont haar soms duidelijk (door een bepaalde lichaamshouding aan te nemen, borst vooruit, snavel vooruit (denk ik)), dat ze niet veel voor hem betekent.
Hij kweekt ieder jaar met haar, dat is nu eenmaal zo, hij is aan haar gebonden.
 
Zijn kroost kan hem eigenlijk niet veel schelen, hij kent zijn jongen met moeite. Het gebeurt wel eens een van zijn jongen van vorige jaren zijn pad kruist tijdens het vliegen, maar hij wil geen contact hebben, hij vliegt gewoon verder en doet alsof hij zijn jong niet gezien heeft. Hij wil niets met al die jongen te maken hebben, hij vindt het vervelend dat ze er zijn. Hij wil er geen band mee hebben, hij wil ze negeren. Hij voelt geen affectie voor hen en hij wil er niets mee te maken hebben. Voor hem bestaan ze niet.

Hij weet wel dat dit zo niet hoort, en dat de andere papegaaien dit afkeuren, maar hij trekt er zich niets van aan. Hij zou hen toch volgens wat hoort, op zijn minst moeten groeten, en enig contact maken. Maar hij doet wat hij wil, hij trekt zich niets aan van wat de anderen denken.
 
Hij wil zijn eigen leven leiden, zonder zich al te veel van anderen te moeten aantrekken. Hij houdt niet van contact met andere pagegaaien, hij is liever op zijn eentje. Soms zit hij wel in de groep, en dan voert hij het hoogste woord (bepaalde geluiden die hij maakt, heel luid en aanhoudend, om te tonen dat hij de meester is, ik voel daar een gevoel van hoogmoed en het neerkijken op de anderen bij).  Hij wil alle aandacht krijgen, hij wil op de voorgrond komen en hij wil anderen naar achter duwen (figuurlijk).

En dan is hij weer weg, op zijn eentje aan het vliegen, of eten aan het zoeken, en hij blijft zolang mogelijk weg om niet bij de groep te moeten zijn. Hij gaat en staat waar hij wil (bij wijze van spreken), en hij trekt zich van de sociale normen niet veel aan.
 
Hij voelt zich soms nerveus, hij voelt een innerlijke zenuwachtigheid, als hij een prooi in de gaten heeft, en als hij moet wachten tot de prooi in een positie verschijnt zodat hij die kan pakken. En dan schiet hij er naartoe, met een gevoel van innerlijke spanning vanwege het gevaar dat de prooi hem zou kunnen ontsnappen. En als hij de prooi te pakken krijgt, dan triomfeert hij, en dan gaat hij lekker smullen, en dan voelt hij zich zo gelukkig, en geniet hij van het leven.

En dan krijgt hij dorst, en wou hij dat het water onmiddellijk in de nabijheid van het voedsel was. Maar dat is niet zo, en dan moet hij een vliegtocht maken naar het water. En terwijl hij op andere momenten zo graag vliegt, is dit een moment waarop hij met tegenzin vliegt, omdat hij zo hunkert naar het water. Hij zou onmiddellijk willen drinken, en nu moet hij eerst nog een afstand afleggen. Vervelend is dat.


 
Een voorbeeld van de geesteswereld van vier wolven van een roedel
 
 
2de wolf van links, wolf nr2
 
Hij is gelukkig, heeft een goed leven.  Hij (of zij) is goed opgenomen in de groep.  Hij heeft zich een plaats verworven in de groep.  Hij wordt gerespecteerd, hij krijgt zijn deel.  Hij telt evenveel mee als anderen.  Hij wordt niet opzij geduwd, hij wordt niet verstoten.  Hij krijgt gelijke delen van het voedsel als de anderen.  Er is veel voedsel voorradig, er zijn veel kleinere dieren in de omgeving waar ze kunnen op jagen, ze hebben nooit honger.  Ze trekken in groep door het landschap op zoek naar voedsel. 
Als een lid van de roedel een prooi heeft kunnen pakken, wordt dat gedeeld, tenzij het om een klein dier gaat.  Iedereen in de groep krijgt voldoende voedsel.  Als er één wolf is die veel voedsel vangt, dan wordt dit gedeeld met anderen, zodat elk dier genoeg krijgt.
Behalve op zoektocht gaan naar eten, en eten, liggen ze samen in groep op de grond of slapen ze in groep.
Zijn gevoelens tegenover de andere wolven van de roedel: hij is goed bevriend met de wolf rechts van hem (de wolf uiterst links op de foto, wolf nr1).  Hij mag die graag en ze kunnen goed met elkaar opschieten.  Ze spelen dikwijls samen (elkaar licht bijten, spelend vechten).  Ze delen voedsel met elkaar.  Wolf nr1 heeft soms tekort en dan staat hij wat af van zijn deel, hij vindt dat niet erg.  Voor hem is vriendschap belangrijker dan een goed gevulde maag.  Enkel als hij zelf heel veel honger heeft en er niet veel voedsel is, zal hij niet delen met wolf nr1.  Maar zodra hij dan weer zelf genoeg voedsel heeft, zal hij medelijden krijgen met wolf nr1 en zal hij zorgen dat die voedsel krijgt.
Wolf nr1 mankt soms, en kan soms niet goed vooruitkomen.  De andere wolven van de roedel trekken zich daar niets van aan en laten wolf nr1 aan zijn lot over.  Maar hij zorgt voor zijn metgezel.  Als wolf  nr1 niet meekan met de groep en als de anderen al ver vooruit zijn, blijft hij in de buurt van wolf nr1.  Ook al betekent dat dat hij voedsel zal missen.  Dan blijft hij ter plaatse bij wolf nr1 en zoekt hij wat voedsel in de onmiddellijk buurt (kleine dieren) die hij deelt met wolf nr1.  En dan blijven ze samen tot de andere wolven terugkomen. 
Als wolf nr1 moe en uitgeput is en niet meer meekan met de groep, dan kan hij het niet over zijn hart verkrijgen om hem alleen achter te laten en blijft hij bij hem.  Zelfs als dat vasten betekent.  De andere wolven vinden dat goed.  Het kan hen niet schelen.  Soms toont de wolf links van hem (wolf nr3) daar wat misprijzen over (door te grommen) maar dat kan hem niet schelen.
Wolf nr1 is een wolf die van een andere roedel komt en die zich aangesloten heeft bij hun groep.  Wolf nr3 moest die nieuwkomer niet hebben en gromde ernaar, maar hij (wolf nr2) is er naartoe gegaan, en een tijd bij hem gebleven, met wolf nr 3 op afstand grommend.  Maar na een aantal dagen werd wolf 3 onverschilliger en zijn ze zachtjes naderbij gekomen en wolf nr1  kon zonder problemen blijven.  Maar wolf nr 3 heeft wolf nr 1 altijd genegeerd en hem nooit enige achting betoond.  Wolf nr1 wordt aanvaard, maar met terughoudendheid.
Zijn (wolf nr2) gevoel tegenover wolf nr3 is: er is een gevoel van competitie, wolf nr 3 is de baas en is dominant en hij (wolf nr2) volgt en hij kent zijn plaats.  Maar hij is wat jaloers en als hij een kans zou zien om wolf nr3 uit te schakelen, zou hij het niet laten, maar die kans is er niet.  Hij laat niets merken van zijn ware gevoelens tegenover wolf nr3.  Integendeel, hij betoont hem respect (= hij kent zijn plaats), is onderdanig, betoont hem (valse) genegenheid (door zich in rondjes te bewegen naast hem, zich een paar keer rond te draaien naast hem).  Desondanks voelt hij toch wel respect voor wolf nr3 omdat hij de leider is.
Zijn gevoel tegenover wolf nr4: die kent hij niet zo goed, daar trekt hij niet zo mee op, daar is hij wat onverschillig tegenover.  Hij is wel jaloers op wolf nr4 omdat die wat meer achting en aandacht krijgt van wolf nr3 dan hijzelf.  Als wolf nr3 voedsel afstaat, zal wolf nr 4 steeds eerst en meer voedsel krijgen dan hemzelf.  Het verschil tussen hoe hij behandeld wordt door wolf nr3 en hoe wolf nr4 behandeld wordt, is heel subtiel, maar toch merkt hij het.   Het is duidelijk dat wolf nr4 wat wordt voorgetrokken en wolf nr3 meer genegenheid voelt voor wolf nr4 dan voor hemzelf.
 
 
1ste wolf van links, wolf nr1
 
Hij is nieuwsgierig naar wat er achter hem gebeurt, hij hoort een geluid. 
Hij hoort bij de groep, is al wat ouder.  Hij kan zich niet meer zo goed voortbewegen als de anderen en hij vindt niet altijd voedsel.  Hij krijgt de resten van wat de anderen niet opeten.  Als een ander dier klaar is met het eten van zijn vangst, krijgt hij de rest.  Soms eet een wolf maar een klein gedeelte van zijn vangst, en is de rest voor hem.
Hij ligt meestal op een kleine afstand van de andere dieren in de groep.  Dat is omdat zijn rang in de groep wat lager is en hij wat minder rechten heeft.  Voor de rest is hij opgenomen in de groep en heeft hij ongeveer dezelfde rechten als de anderen.
Zijn gevoelens voor wolf nr2: hij wordt door hem geholpen en hij is daar dankbaar voor.  Door de andere wolven wordt hij wat minachtend bekeken en ze negeren hem, maar dat raakt hem niet bijzonder.  Hij heeft één kameraad in de groep (wolf nr2) en dat is voldoende.  Hij trekt het zich allemaal niet erg aan, hij is al heel blij dat hij voedsel heeft (soms wat minder dan de anderen, en hij kan zelf niet altijd veel vangen, maar dat vindt hij allemaal niet erg), en dat hij niet alleen moet dolen en op zichzelf aangewezen is.  Want dat is verschrikkelijk.  Hij is blij dat hij in de groep is opgenomen, en voor de rest is hij met alles tevreden.  Gevoel tegenover wolf nr2: die zorgt voor hem, hij is afhankelijk van hem, dankbaarheid, verbondenheid, liefde, een gevoel van bij elkaar te horen.
Zijn gevoelens voor wolf nr3: die kan hem niet veel schelen, wolf nr3 negeert hem, laat hem soms minachtend wat voedsel over, maar dat raakt hem niet bijzonder.  Wolf nr3 kan hem gestolen worden, hij doet alsof hij hem respecteert, maar in zijn hart is dat niet zo.
Zijn gevoelens voor wolf nr4: die is zo wat een vreemde voor hem, hij heeft daar weinig contact mee, die is altijd in de buurt van wolf nr3, die kan hem gestolen worden.
 
 
2de wolf van rechts, wolf nr3
 
Deze is dominant en agressief.  Hij bedenkt een strategie om aan voedsel te komen.  Hij bedenkt welke richting ze uit moeten om voedsel te vangen.  Hij denkt aan een hol van kleinere dieren waar ze dieren kunnen vangen.  Dit hol is in voorwaartse richting.  Hij denkt ook aan de mogelijkheid rechts van hem.  Daar zijn heel veel holen met veel dieren. 
Hij neemt de leiding als ze jagen.  Hij gaat voorop en de anderen volgen een beetje achter hem.  Als er niet veel voedsel te vangen is of als er maar één hol is, neemt hij de verantwoordelijkheid voor de vangst op zich.  Als hij eten vangt, wordt dat evenredig verdeeld onder de leden van de roedel.  Hij eet eerst een deel van de vangst, en dan eten de anderen.  De wolf uiterst links eet als laatste en als er nog iets over is.
Gevoelens naar de andere wolven toe: ze horen samen, hij kent zijn plaats en de anderen kennen hun plaats, hij voelt respect en verbondenheid voor de wolven naast hem, en kijkt wat neer op de wolf nr1.  Maar hij zal die wolf toch geen kwaad doen en hij zal hem helpen als hij hulp nodig heeft, want de wolf behoort toch tot de groep en dat wordt gerespecteerd.  Hij voelt enkel wat minachting voor deze wolf en hij zal dat ook aan hem laten merken door hem te negeren, (langs hem heen lopen zonder contact te leggen), door te grommen.  Daardoor weet de wolf dat hij zich op zijn plaats moet houden.  Hij zal zijn minachting ook laten merken door ervoor te zorgen dat de rest van het voedsel dat hij gevangen heeft, soms alleen voor de andere wolven bestemd is en dat er niets of niet veel overblijft voor die wolf nr1 overblijft. 
Soms is hij (wolf nr3) beter gestemd en kan hij het goed verdragen dat deze wolf zich te goed doet aan een prooi die hij gevangen heeft.  Als de leden van de groep samen op de grond liggen, kan hij het soms beter tolereren dan anders dat die wolf wat dichter bij hem ligt, en zal hij niet grommen.
 

Wolf uiterst rechts op de foto, wolf nr4
 
Die is uit op voedsel.  Ze is meer op zichzelf gericht en trekt zich van de anderen niet veel aan.  Ze zit wat in haar eigen wereldje en heeft weinig contact met andere wolven.
Ze is vooral bezig met voedsel en met het in de gunst staan van wolf nr3.  Ze heeft een wat slijmerig gedrag naar wolf nr3 toe, om in de gunst te komen.  Ze gaat dicht langs hem lopen (= verbondenheid, wij horen samen), ze gaat hem aaien (met haar kop tegen hem wrijven, dit is een teken van het allergrootste respect voor hem), ze gaat voedsel voor hem zoeken en voor hem neerleggen (hij krijgt haar voedsel, dat is een teken van het allergrootste respect), ze gaat met haar poten over hem heen liggen als ze op de grond liggen te rusten, (weer een teken van het allergrootste respect).  Wolf nr3 tolereert dit laatste van haar, dit zou hij van niet veel anderen tolereren.  Dit is een teken dat hij haar respect voor hem aanvaardt en dat zij door hem ten zeerste aanvaard is.
Ze slijmt wolf nr3 vooral omdat ze uit is op het beste voedsel.  En ze heeft gemerkt dat het werkt, want ze denkt dat ze iets meer bevoorrecht is wat het voedsel betreft t.o.v. de andere wolven.  Ze heeft de indruk dat wolf nr3 haar het snelst laat eten als hij klaar is en haar ook de beste stukken laat.  Ze denkt dat ze gemerkt heeft dat hij haar iets voortrekt t.o.v. de anderen.  Dit is een bewijs dat haar slijmerige houding werkt en dat hij het niet doorheeft dat ze het eigenlijk niet echt meent.  Ze doet dat uitsluitend om meer voedsel te krijgen.
Houding naar wolf nr1: ze beseft met moeite dat hij er is.  Ze is zo met zichzelf bezig en ze zit zo in haar eigen wereldje en ze is zo bezig met veel voedsel krijgen, dat ze met moeite iets merkt van de aanwezigheid van de andere wolven in de roedel.
Houding tegenover wolf nr2: idem, maar  + ze is ook wat jaloers op hem, en ze voelt wat competitie naar hem toe.  Dit heeft alles te maken met het feit dat ze het beste en het meeste voedsel wil krijgen.  Ze is zich iets meer bewust van wolf nr2 dan van wolf nr1 omdat ze met hem in competitie staat voor voedsel.