Behandeling op afstand:
Voor de mensen die veraf wonen kan de behandeling starten na een telefonisch contact of een contact via webcam. Je kunt ook een filmpje van jezelf opsturen.

Voorbeeld 2 van patronen die intelligentie blokkeren

Persoon 1, Jeroen

Patronen voor slechte concentratie en om snel afgeleid te zijn

• Je moet denken, er zijn steeds gedachten, je kunt je op niets anders richten dan op je gedachten.

• Je bent er niet met je gedachten bij, je denkt aan iets anders.

• Je kunt je niet concentreren, je kunt je niet met al je aandacht op iets, richten, je aandacht glipt weg naar iets anders.

• Er is iets anders in de buurt, dat is interessant.
• Je moet verplicht antwoorden, je mag hen niet negeren (afgeleid door medestudenten in de les).

• De andere dingen zijn interessanter, je walgt van die vervelende studie.
• Je hebt zorgen, je kunt aan niets anders meer denken.
• De zorgen zitten in jouw hoofd, dag en nacht.

• Je kunt je niet concentreren als je zorgen hebt, je aandacht glipt onafgebroken naar je problemen.


Patronen voor te lage intelligentie

• Je denkt traag.
• Je weet niet.
• Je denkt niet.
• Er is geen denken.

• ‘Je bent niet, je hebt geen hersenen’. Dit klinkt eigenaardig, maar dit patroon onderdrukt energieën van intelligentie, zodanig dat als het gebroken wordt en de energieën bevrijd worden, in een hogere intelligentie resulteert.

• ‘Je bestaat niet’.  Dit patroon onderdrukt energieën van intelligentie.
• Je weet niet hoe het moet.
• Hoe bestaat het, hoe zit het in elkaar?

• Twijfel hoe iets moet (als het over beslissingen gaat bij logisch denken, zoals het maken van vraagstukken).

• Je bent traag.
• Je kan niet begrijpen.

• Je kan niet redeneren.
• Je kan het niet zien (hoe het in elkaar zit).
• Je hebt geen inzicht.

• Je begrijpt het niet, je ziet het verkeerd. Gegevens worden tijdens het luisteren naar uitleg vervormd waardoor de informatie verkeerd begrepen wordt.

• 'Je mag niet denken, de gedachten staan stil'. Dit activeert een patroon i.v.m. de hersenwerking dat ervoor zorgt dat hersenprocessen sterk vertraagd worden.

• 'Je kunt niet denken'. Dit patroon activeert een tweede patroon dat de hersenprocessen beïnvloedt: een kloksysteem (aanduiding van tijdsintervallen) regelt de elektrische activiteit in de hersenen. Dit kloksysteem vertraagt zodanig dat de hersenwerking vertraagt. De scheikundige processen voor het ophalen, opslaan en vergelijken van data worden vertraagd.

• Bij het vergelijken van data in de hersenen (een proces dat gebeurt tijdens het redeneren), wordt een foutief gegeven gecreëerd: één van de elementen van de vergelijking (data in de vorm van een scheikundige stof), wordt scheikundig vervormd, zodat een foutieve redenering het resultaat is.

• Bij de omzetting van data in een scheikundig gegeven en het daarna binden van dit gegeven aan een scheikundige stof voor opslag in de hersenen, gebeurt een fout. Het patroon bevat de formule van wat er verkeerd loopt (formules van scheikundige processen).

• Scheikundige gegevens worden op een bepaald adres in de hersenen opgeslagen. Er is een fout in een scheikundige stof of een proces i.v.m. het adressenbeheer. Gegevens worden daardoor op een verkeerd adres opgeslagen. Bij het ophalen van gegevens is de fout er weer. Er worden gegevens op foutieve adressen opgehaald. Daardoor werkt Jeroen tijdens het redeneren met verkeerde data.

• Bij herinneringsprocessen worden data op een verkeerd adres opgehaald. Onder invloed van het patroon wordt een verkeerd gegeven toegevoegd aan het adres van opslag, zodat het adres vervormd wordt.

• Het niet begrijpen, het moeten herhalen vooraleer het kan begrepen worden. De hersenprocessen vertragen zodat het begrijpen vertraagd wordt.

• Tijdens het proces van het begrijpen komen er vreemde data in het hoofd (in ideevorm). Deze vreemde data wordt mee opgeslagen in de hersenen waardoor de oorspronkelijke informatie vervormd wordt.

• Niet begrijpen, verkeerde conclusies trekken. Deze verkeerde conclusies worden in de hersenen opgeslagen waardoor dingen later ook verkeerd herinnerd worden.

• ‘Het denken blokkeert’. Dit patroon zorgt ervoor dat als Jeroen wil nadenken, er een leegte in zijn hoofd is. Er komt niets door, hij kan niet denken.

• Als Jeroen probeert te redeneren, na te denken over iets, dan wordt een patroon geactiveerd dat ervoor zorgt dat de toegang tot data in de hersenen (via een adressensysteem) afgesloten wordt, zodanig dat er geen data in het hoofd komt, met als resultaat dat hij niet kan nadenken, het denken blokkeert.

• 'Het denken blokkeert'. Dit patroon activeert een tweede patroon dat ervoor zorgt dat een stof nodig voor de verwerking van data niet geproduceerd wordt of voortijdig afgebroken wordt.

• Je kunt je niet herinneren, het komt niet door (bij een examen). Er is leegte in je hoofd, het sijpelt heel traag binnen, beetje voor beetje. Je moet het vastgrijpen als er iets doorkomt, zo niet ben je het weer vergeten.

• Als Jeroen zich iets probeert te herinneren, wordt het ophalen van data uit de hersenen geblokkeerd. Het adressensysteem om data op te halen blokkeert.

• Een scheikundige stof nodig voor het splitsen van gegevens in opslagbare delen is afwezig. Het patroon bevat de hoeveelheid van de stof die mag aanwezig zijn (van nihil tot zeer weinig). De stof vernietigt zichzelf door een scheikundig proces in de stof zelf. Dit scheikundig proces wordt door het patroon gedicteerd.


Patronen voor een verkeerde studiehouding

• Een gevoel van tegenzin bij het idee van te moeten studeren.

• Wachten, uitstellen, nog eerst iets anders doen door de tegenzin. Steeds een afleiding zoeken om er niet aan te moeten beginnen.

• Geen zin om veel inspanning te doen voor iets. Het liever allemaal kunnen krijgen zonder dat er veel moeite mee gepaard gaat, luiheid.

• Overweldigd door een gevoel van ontmoediging bij het zien van de hoeveelheid stof. Er zich moeten toe dwingen om te beginnen studeren.

• Aanmoediging en steun nodig hebben in de studies. De belangstelling van een ander voor de studies nodig hebben om er motivatie voor te kunnen opbrengen.

• Je studeert niet graag, je doet dat niet graag. Je voelt er toch zo een weerzin voor. Je wou dat je het niet moest doen, maar je moet het doen. Een gevoel van afkeer voor de studies. Het gevoel ervoor te willen vluchten, zich ertoe moeten dwingen om te blijven studeren. Voortdurend willen opstaan om iets anders te gaan doen. Voortdurend in het oog houden of het nog geen tijd is om een pauze in te lassen en intussen niet echt geconcentreerd zijn op de studies, want bezig zijn met de komende pauze. Het na een korte tijd niet meer uithouden en al een pauze nemen. Tijdens de pauze een gevoel van tegenzin om opnieuw te moeten beginnen. Zichzelf er dan weer toe moeten dwingen om verder te doen.

• Vluchten voor studie, vandaar de stof nooit op voorhand instuderen en ze niet herhalen om er zo vlug mogelijk vanaf te zijn. Denken dat hij het al kan om er vanaf te geraken.

• Vluchten voor studie, een afleiding zoeken om niet te moeten studeren. Rechtstaan en automatisch grijpen naar iets om te eten en te drinken.

• Je moet er niet veel voor doen, je kunt het zó.
• Je mag niet slagen, en daarom niet studeren, om niet te slagen.

• Je moet daar geen tijd aan besteden (aan studeren) terwijl er zoveel andere interessante zaken zijn. Het besef niet hebben dat het nodig is om te studeren.  De leerstof en de examens heel licht inschatten. Het gevoel dat er nog genoeg tijd is, het gevoel van: ik zal het wel studeren net voor de examens en ik zal het er dan wel doorkrijgen. Een sterk gevoel van vertrouwen daarin. Dit gevoel geeft een excuus om niet te moeten studeren, om te vluchten, om geen verantwoordelijkheid voor het studeren te moeten nemen. Een gevoel van weerstand om te studeren, ervoor willen vluchten.

• Eerst iets anders en pas daarna studeren, er is steeds eerst iets anders.
• Je mag niet studeren.
• Je moet slechte punten halen.
• Slechte schoolresultaten.
• Je moet falen.
• Geen boek open doen, de boeken blijven toe, slechte punten moeten halen.
• Een dwang om niet te studeren.
• Je mag niet studeren, je moet iets anders doen.


Patronen voor gebrek aan zelfvertrouwen i.v.m. studies

• Je kunt het niet.
• Het zal niet lukken.

• Een enorm gevoel van ontmoediging bij slechte punten. Het niet meer zien zitten om nog verder te doen. Denken dat het niet meer goed komt.

• Aanmoediging en goede punten nodig hebben om verder te kunnen doen. Zo niet in de put geraken en alle moed verliezen.

• Bevestiging en aandacht en complimentjes van de klasgenoten nodig hebben om te kunnen verder doen. Het gevoel moeten hebben erbij te horen. Zo niet niet kunnen verder gaan met studeren en totaal in de put geraken.

• Kritiek of negatieve commentaar van een ander als iets heel ernstigs ervaren. Dat voor waarheid aannemen, het geloven wat gezegd wordt. Er totaal door uit evenwicht zijn, zich niet meer kunnen concentreren. Zich niet meer kunnen herpakken en zich niet meer op de studies kunnen richten. De opmerking blijven herkauwen en er zich minderwaardig en ellendig door voelen.

• Je moet goede punten halen, zo niet ben je een mislukkeling. Zodra je slechte punten haalt, ben je een mislukkeling en zal jouw leven een totale mislukking worden.

• Zodra een opmerking van een ander valt, voelt hij zich uitgesloten, heeft hij angst om er niet meer bij te horen en kan hij niet meer presteren omdat hij daar voortdurend blijft aan denken.

• Je hebt geen goede punten, je zult het niet ver brengen. Er wacht je een leven van honger en ellende.

• Het houvast van goede punten nodig hebben om zich opgenomen te voelen en de klas. Zonder goede punten voelt hij zich geen meerwaarde meer voor de groep.

• Hij moet bewijzen dat hij iets kan, hij moet bewijzen dat hij goed presteert in sport. Dan voelt hij zich voldoende waardevol om waarde te hebben voor de groep. Iemand die goed presteert betekent een meerwaarde voor de groep. Als iemand goed presteert, krijgt hij meer achting van de groep. De achting van de groep noodzakelijk achten.


Persoon 2, een jongen

Patronen voor verlaagde intelligentie

• Je mag niet denken.
• Je kan niet denken.
• Je denken staat stil.
• Je denkt niet.

• 'Je bent niet' activeert een patroon van sterk vertraagde hersenwerking bij de opslag van data, van sterk vertraagde scheikundige processen in de hersenen.

• 'Je redeneert niet'. Dit activeert een patroon i.v.m. de hersenwerking dat de hersenen blokkeert bij processen waarbij data opgeslagen in de hersenen onderling en met nieuwe data vergeleken worden. Dit patroon blokkeert ook de deelzielen die redeneren.

• 'Je kan niet onthouden', activeert een patroon i.v.m. de hersenwerking dat de hersenen blokkeert bij de opslag van data.

• Een patroon i.v.m. de hersenwerking dat ervoor zorgt dat er verkeerde informatie opgeslagen wordt in de hersenen. De info wordt vervormd, er is een fout bij de omzetting van data in scheikundige gegevens. Er worden verkeerde scheikundige verbindingen gevormd.

• 'Je moet niet luisteren'. Dit patroon zorgt ervoor dat hij niet aandachtig is, dat dingen hem ontsnappen.

• 'Je kunt niet herkennen' activeert een patroon i.v.m. de hersenwerking waardoor data niet wordt opgehaald om te vergelijken met nieuwe data, zodanig dat hij zich dingen niet kan herinneren.

• 'Je weet het niet', onderdrukt deelzielen die dingen die dingen die geleerd zijn, weten.

• Je kunt niet afleiden, je kunt niet verbinden, je kunt niet samenvoegen.

• Een patroon zorgt ervoor dat hij geen twee dingen kan combineren en dat hij geen verbanden kan leggen. Hij kan alleen dingen afzonderlijk van elkaar zien.

• Een patroon zorgt ervoor dat het hem teveel wordt en dat hij verward wordt als er meer dan twee dingen tegelijk of hem afkomen.  Hij moet de dingen één per één horen en studeren, er mag niet teveel tegelijk zijn.

• Je mag niet begrijpen.

• Het dringt niet door, het blijft steken in het hoofd en het kan niet verder verwerkt worden.


• Je kunt niet afleiden, je kunt enkel waarnemen.
• Traag begrijpen.


Patronen om Franse woordjes helemaal niet te kunnen onthouden

• ‘Er is geen opslag’.

• Een patroon i.v.m. de hersenwerking zorgt ervoor dat gegevens niet worden opgeslagen. De scheikundige processen nodig voor de opslag van data gebeuren niet. De hersenprocessen stoppen en de woorden worden niet opgeslagen.

• Herhalen, herhalen, herhalen ...
• Je moet twintig maal herhalen voor je het weet.
• Je kan niet opnemen.
• Je kan geen woorden onthouden.

• 'Je mag niet leren' activeert een patroon dat ervoor zorgt dat de scheikundige stof die zich normaal verbindt met de data (omgezet in een scheikundige stof), vernietigd wordt, zodat data niet wordt opgeslagen.


Patronen om moeilijke worden niet te kunnen onthouden

Er is een blokkade i.v.m. de hersenwerking die ervoor zorgt dat:
- de logische samenhang van letters om woorden te vormen niet onthouden en begrepen kan worden, en woorddelen die samen horen niet onthouden kunnen worden.
- de woorden verkeerd opgeslagen worden in de hersenen.


Patronen voor een zwak auditief kortetermijngeheugen en om traag te memoriseren

• Je luistert niet.
• Je hoort niet.
• Je bent niet aanwezig.

• Een patroon dat ervoor zorgt dat data niet onmiddellijk wordt opgeslagen. Data moet verschillende keren gehoord zijn vooraleer de hersenprocessen van opslag hun normale werk doen. Dit patroon bevat het aantal keren dat iets moet herhaald worden per soort gegeven, vooraleer de data toegang krijgt tot de hersenen om opgeslagen te worden. Het patroon onthoudt ook de data die al gehoord is.

• Je kunt niet herinneren.
• Je onthoudt niet.


Patronen om snel afgeleid te zijn

• Je bent er niet bij, je bent elders.
• Je hoort niet, je zinkt diep weg in jezelf.
• Je bent afwezig.

• Je kunt je gedachten niet ordenen, er stromen gedachten door je hoofd, er zijn steeds gedachten.

• Denk aan blijde dingen.
• Ontsnappen uit de realiteit door te vertrekken naar dromenland.
• Je bent er niet met je gedachten bij.

• Een patroon dat ervoor zorgt dat hij automatisch vertrekt naar dromenland en totaal niet aanwezig is bij de realiteit en niets meer hoort.

• Je gedachten staan nooit stil.
• Denken, denken, denken.
• Je moet denken.
• Stop nooit met denken.
• Je moet onafgebroken denken.

• Houd je gedachten vast en herhaal ze, laat ze niet los. Ze mogen niet verdwijnen, de gedachten zijn belangrijk.