Zwaarlijvigheid.
Zwaarlijvige mensen worden in onze westerse maatschappij veroordeeld. De verantwoordelijkheid voor zwaarlijvigheid wordt bij de obese persoon zelf gelegd.
De zwaarlijvigheid wordt automatisch geassocieerd met te veel eten. Als iemand dik is, is het zijn of haar eigen schuld, hij of zij moet maar niet zoveel eten. In veel gevallen is iemand inderdaad te zwaar door te veel voedsel tot zich te nemen in verhouding tot wat het lichaam nodig heeft. Maar er zijn ook dikke mensen die niet bijzonder veel eten en die toch met een overgewicht kampen. En zelfs al is iemand zwaarlijvig door te veel te eten, dan nog is de persoon daar niet zelf verantwoordelijk voor, maar wordt hij of zij ertoe gedwongen door onbewuste programmeringen. Ten minste, dit is hoe LTA Persoonlijke Ontwikkeling de dingen bekijkt.
We kennen allemaal wel mensen die grote hoeveelheden voedsel verorberen en die toch slank tot zelfs mager zijn. En dan zijn er de mensen die veel minder eten dan die mensen die zoveel verorberen en die toch een neiging naar molligheid of zwaarlijvigheid vertonen.
Het hebben van een traag of snel metabolisme speelt hierin een rol. Misschien is dit genetisch bepaald, misschien is dit (voor een deel) het resultaat van onbewuste programmeringen.
Onafhankelijk van de werking van het metabolisme en een mogelijke erfelijke aanleg tot zwaarlijvigheid, zijn er tal van andere oorzaken die tot zwaarlijvigheid leiden.
In het onderbewustzijn van een mollige of obese persoon bevinden zich programmeringen of 'patronen' die de eetlust, afwijkend eetgedrag en de lichaamsomvang beïnvloeden. Daarnaast kunnen er zich patronen bevinden die zorgen voor afwijkende scheikundige processen in het lichaam waardoor iemand zwaarlijvig wordt.
Deze patronen zorgen ervoor dat iemand grote hoeveelheden eet, vettig en zoet eet, overeet enz. De patronen kunnen ook dicteren dat iemand dik moet zijn of een zekere omvang moet hebben en dat die situatie niet kan veranderen. Iemand zal dan dik blijven, hoe hij of zij ook probeert te af te vallen. Of patronen kunnen dicteren dat iemand kan afvallen en dan weer bijkomt. Dit is het bekende 'jojo effect'. Een patroon met als inhoud: 'je mag nooit vermageren', kan een tweede patroon activeren dat de werking van het metabolisme beïnvloedt. Of dat afwijkende scheikundige processen veroorzaakt.
Patronen die het eetgedrag sturen en patronen die een zekere lichaamsomvang dicteren zijn gemakkelijker te verwijderen dan patronen die verantwoordelijk zijn voor foutieve scheikundige processen.
Indien een dergelijk patroon echter geactiveerd wordt door een eerste patroon zoals b.v.: 'je moet steeds 120 kg wegen', dan kan het patroon dat verantwoordelijk is voor foutieve processen gedeactiveerd worden door het eerste patroon af te pellen. Een gedeactiveerd patroon bevindt zich nog steeds in het onderbewustzijn maar heeft geen invloed.
Klik hier voor:
Homepagina
Kandidaten gezocht voor gefilmde behandelingen
Wetenschappelijk bewijzen van het bestaan van het paranormale
|